Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Midden-Nederland, 21 juli 2026
ECLI:NL:RBMNE:2026:5683Zaaknummer C/16/614818 / FV RK 26-1809
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 21 juli 2026
- Publicatiedatum
- 24 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/16/614818 / FV RK 26-1809
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Beschikking
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Voortzetting ibs, geen medicus betrokken, weigering zorginstelling om zorgverantwoordelijke met medische achtergrond aan zitting te laten deelnemen, artikel 38 lid 4 WZD, gedeeltelijke toewijzing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 2003 in [geboorteplaats], gemeente [gemeente 1];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 4 augustus 2026;
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 21 juli 2026 door mr. R.R. Everaars-Katerberg, rechter, in aanwezigheid van E. van Burken, griffier en op schrift gesteld op 28 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Utrecht
Zaaknummer: C/16/614818 / FV RK 26-1809
Datum uitspraak: 21 juli 2026
Beschikking voortzetting inbewaringstelling
op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 2003 in [geboorteplaats], gemeente [gemeente 1],
hierna: betrokkene,
wonende in [woonplaats], gemeente [gemeente 2],
verblijvende bij [Instelling], locatie [locatie] in [plaats],
advocaat: mr. B.A. Palm.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 16 juli 2026.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 21 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- [A.], woonbegeleider bij Stichting [naam], locatie [woonplaats];
- [B.], gedragswetenschapper bij Stichting [naam], locatie [woonplaats];
- [C.], begeleider van [locatie];
- [D.], mentor van betrokkene.
De rechtbank is door [locatie] ondanks herhaald verzoek niet in staat gesteld een zorgverantwoordelijke met een medische achtergrond te horen. De begeleider heeft geweigerd haar eigen achtergrond kenbaar te maken.
2 Wat vaststaat
Betrokkene verblijft met een inbewaringstelling bij [Instelling], locatie [locatie] in [plaats]. De burgemeester van [gemeente 2] heeft de inbewaringstelling op 15 juli 2026 afgegeven.
3 Het verzoek
Het CIZ verzoekt de rechtbank een machtiging tot voorzetting van de inbewaringstelling te verlenen voor de duur van zes weken.
4 De beoordeling
Op grond van artikel 38 lid 4, aanhef en sub c en d, WZD laat de rechtbank zich, zo mogelijk voorlichten door degene door wie de cliënt feitelijk wordt verzorgd én de zorgverantwoordelijke. Ondanks herhaald verzoek aan de begeleider van [locatie] is de rechtbank niet in staat gesteld om een behandelend arts of psychiater te horen om een toelichting te geven op de medische noodzaak van voortzetting van de inbewaringstelling. De begeleider heeft meermaals aangegeven dat [locatie] geen behandelplek maar een opvangplek is. Zij geven wel medicatie en zij kunnen ook de deur dicht doen en nabijheid bieden. Daar is echter geen medicus bij betrokken. Voor vragen over de medische situatie heeft zij verwezen naar de behandelaren van [naam], die de inbewaringstelling hadden aangevraagd. De inbewaringstelling dateert echter van 15 juli 2026. Daarna is betrokkene overgeplaatst naar [locatie]. De zitting vond plaats op 21 juli 2026, dus zes dagen later. De behandelaren van betrokkene van [naam] zijn tussendoor niet op de hoogte gehouden van het verloop van het verblijf van betrokkene bij [locatie]. Zij konden de rechtbank dus niet over de actuele medische toestand van betrokkene informeren. Medisch relevante informatie om een verantwoorde beslissing op het daartoe strekkend verzoek te kunnen nemen, ontbrak hierdoor nagenoeg volledig. Hoe kwalijk dit ook is, dit betekent dat de rechtbank zich bij haar beslissing dient te baseren op de wel verstrekte informatie. Dat heeft tot de volgende beslissing geleid.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twee weken. Er is aan alle wettelijke voorwaarden uit de Wet zorg en dwang voldaan. Hierna wordt uitgelegd waarom dat zo is. Het verzoek wordt voor het overige deel afgewezen.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- ernstige verstoorde ontwikkeling;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een verstandelijke handicap. Er is sprake van een verstandelijke beperking. Daarnaast is bij betrokkene sprake van een autismespectrumstoornis. De rechtbank baseert zich hierbij op de medische verklaring van 15 juli 2026.
Het ernstig nadeel is zodanig onmiddellijk dreigend dat een rechterlijke machtiging niet kan worden afgewacht.
Voortzetting van de inbewaringstelling is noodzakelijk en geschikt om het onmiddellijk dreigend ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene verzet zich hiertegen. Ter zitting is gebleken dat betrokkene niet bereid is langer vrijwillig op de huidige locatie te verblijven. Uit de verklaringen ter zitting van de behandelaren van [naam] is echter voldoende aannemelijk geworden dat betrokkene op dit moment nog niet kan terugkeren naar zijn eerdere woonlocatie. Een terugkeer is op dit moment nog niet verantwoord is, omdat de omstandigheden die hebben geleid tot het ernstige geweldsincident van betrokkene jegens een medebewoner eind juni 2026, nog onvoldoende zijn gewijzigd en de benodigde begeleiding en randvoorwaarden voor een veilige terugkeer nog niet zijn gerealiseerd.De bewuste medebewoner verblijft ook nog op deze locatie van [naam]. Bovendien gaat [naam] aangifte tegen betrokkene doen van het door hem gepleegde geweldsdelict. Voorafgaand aan de overplaatsing weigerde betrokkene zijn medicatie en was er sprake van ernstige gedragsontregeling met verbale dreigingen met geweld en fysiek geweld. Weliswaar neemt betrokkene inmiddels zijn medicatie weer in, maar er is nog onvoldoende zicht op de belevingswereld van betrokkene en zijn ideeën ten aanzien van de bewuste medebewoner. Ook dat staat een veilige terugkeer van betrokkene naar [naam] in de weg. De mentor is inmiddels druk doende om een andere woonlocatie voor betrokkene te regelen. Op grond hiervan komt de rechtbank tot het oordeel dat voortzetting van de inbewaringstelling voor tenminste een beperkte duur noodzakelijk is om de situatie van betrokkene verder te stabiliseren en de mogelijkheden van een veilige terugkeer of doorplaatsing naar een andere locatie nader te onderzoeken.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
Nu een nadere medische onderbouwing van de noodzaak voor een langer verblijf bij [locatie] ontbreekt, ziet de rechtbank onvoldoende grond om de machtiging voor een langere duur te verlenen. Het resterende deel van het verzoek wordt daarom afgewezen.
5 De beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 2003 in [geboorteplaats], gemeente [gemeente 1];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 4 augustus 2026;
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 21 juli 2026 door mr. R.R. Everaars-Katerberg, rechter, in aanwezigheid van E. van Burken, griffier en op schrift gesteld op 28 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.