Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Midden-Nederland, 7 juli 2026
ECLI:NL:RBMNE:2026:5159Zaaknummer C/16/613626 / FV RK 26-1628
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 7 juli 2026
- Publicatiedatum
- 10 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/16/613626 / FV RK 26-1628
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Beschikking
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
RM deels aangehouden. Verweer op ernstig nadeel en er zijn mogelijk alternatieven. De alternatieven moeten worden onderzocht, want een terugkeer naar huis kan niet.
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 1946 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 7 januari 2027,
houdt de beslissing op het overige deel van het verzoek aan tot een nader te bepalen zittingsdatum,
bepaalt dat er uiterlijk één week voor de nader te bepalen zittingsdatum een nieuwe actuele medische verklaring moet worden opgesteld.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2026 door mr. C.M.A.T. van der Geest, rechter, in aanwezigheid van R. Staal, griffier en op schrift gesteld op 13 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Utrecht
Zaaknummer: C/16/613626 / FV RK 26-1628
Datum uitspraak: 7 juli 2026
Beschikking rechterlijke machtiging
op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 1946 in [geboorteplaats],
hierna: betrokkene,
wonende en verblijvende bij [instelling], locatie [locatie] in [plaats],
advocaat: mr. B. van Elst.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank heeft het verzoekschrift met bijlagen op 24 juni 2026 ontvangen.
De zitting heeft plaatsgevonden op 7 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- [A.], arts;
- [B.], maatschappelijk werker.
2 Het verzoek
Het CIZ verzoekt de rechtbank een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf te verlenen voor de duur van twaalf maanden.
3 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden en houdt de beslissing op het overige deel van het verzoek aan. Er is voldaan aan de voorwaarden uit de Wet zorg en dwang. Hierna wordt uitgelegd waarom dat zo is.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, te weten een uitgebreide neurocognitieve stoornis (dementie). De rechtbank baseert zich hierbij op de medische verklaring van 16 juni 2026.
Het gedrag dat voortvloeit uit deze aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
De advocaat heeft primair gepleit voor afwijzing van het verzoek, omdat niet vaststaat dat het ernstig nadeel voortvloeit uit de neurocognitieve stoornis van betrokkene. De advocaat betwijfelt of er bij betrokkene sprake is van waanideeën en stelt dat de ideeën van betrokkene mogelijk een kern van waarheid bezitten. Het lijkt erop dat de echtgenote van betrokkene baat heeft bij de opname van betrokkene. Er gaan dingen echt niet goed in het gezin van betrokkene.
Volgens de medische verklaring van de onafhankelijke arts en het zorgplan heeft betrokkene echter last van waanideeën met preoccupaties die betrekking hebben op zijn echtgenote, dochter en schoonzoon. Ter zitting is er door de arts bevestigd dat het om waanideeën gaat. In het medisch formulier staat eveneens vermeld dat betrokkene hierbij het niet corrigeerbare idee heeft dat hij door zijn omgeving/familie wordt getreiterd/onrecht wordt aangedaan terwijl dit uit hetero-anamneses niet blijkt.
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene verzet zich hiertegen.
Tijdens de mondelinge behandeling is besproken of er mogelijk minder ingrijpende alternatieven zijn om het ernstig nadeel af te wenden. Uit het indicatiebesluit van het CIZ van 10 oktober 2025 blijkt dat betrokkene een VV 07 zorgprofiel heeft; beschermd wonen met zeer intensieve zorg, vanwege specifieke aandoeningen met nadruk op begeleiding. De arts en de maatschappelijk werker hebben verklaard dat er een mentor voor betrokkene wordt gezocht en dat er gekeken zal worden naar alternatieve locaties waar betrokkene kan verblijven en waar hij meer vrijheden heeft. De rechtbank acht het van groot belang dat er met spoed een mentor voor betrokkene wordt benoemd en deze mogelijkheden nader worden onderzocht. Op dit moment zijn deze mogelijke alternatieven echter (nog) niet beschikbaar. Betrokkene kan ook niet terugkeren naar huis, omdat de verwachting is dat er sprake zal zijn van een opvlamming van agitatie jegens zijn echtgenote, dochter en/of schoonzoon. Om die reden is een voortzetting van de opname noodzakelijk. Omdat de rechtbank er belang aan hecht dat voornoemde mogelijkheden voortvarend onderzocht zullen worden zal zij de rechterlijke machtiging voor kortere duur dan verzocht toewijzen, zoals de advocaat subsidiair heeft verzocht. Op deze manier kan de rechtbank een vinger aan de pols houden en zicht houden op de voortgang. De rechtbank zal het verzoek voor de duur van zes maanden toewijzen en de beslissing op het overige deel van het verzoek aanhouden tot een nader te bepalen zittingsdatum. De rechtbank verzoekt de zorgverantwoordelijke om de rechtbank voorafgaand aan deze zitting nader te informeren over de stand van zaken en een actuele medische verklaring te overleggen.
4 De beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 1946 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 7 januari 2027,
houdt de beslissing op het overige deel van het verzoek aan tot een nader te bepalen zittingsdatum,
bepaalt dat er uiterlijk één week voor de nader te bepalen zittingsdatum een nieuwe actuele medische verklaring moet worden opgesteld.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2026 door mr. C.M.A.T. van der Geest, rechter, in aanwezigheid van R. Staal, griffier en op schrift gesteld op 13 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.