Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Midden-Nederland, 23 maart 2026
ECLI:NL:RBMNE:2026:1725Zaaknummer C/16/607804 / FV RK 26-589
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 23 maart 2026
- Publicatiedatum
- 23 april 2026
- Zaaknummer
- C/16/607804 / FV RK 26-589
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
ZM toegewezen voor de verzochte duur van 12 maanden. Adv. voert verweer tegen de duur en pleit voor 6 maanden. Het beeld is nog instabiel en er is nog geen vervolgplek 12 maanden is dus passender oordeelt de RB.
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in 3.6. staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 23 maart 2027.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 23 maart 2026 door mr. J.P.M. Schwillens, rechter, in aanwezigheid van R. Staal, griffier en op schrift gesteld op 26 maart 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Utrecht
Zaaknummer: C/16/607804 / FV RK 26-589
Datum uitspraak: 23 maart 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats],
hierna: betrokkene,
wonende in [woonplaats],
verblijvende bij [verblijfplaats], locatie [locatie] in [plaats],
advocaat: mr. S. Makhloufi.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank heeft het verzoekschrift met bijlagen op 2 maart 2026 ontvangen.
De zitting heeft plaatsgevonden op 23 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat (telefonisch aangesloten);
- [A], GZ-psycholoog.
2 Het verzoek
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.
3 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Er is voldaan aan de voorwaarden uit de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Hierna wordt uitgelegd waarom dat zo is.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft een psychotische stoornis en een verslavingsstoornis. De rechtbank baseert zich hierbij op de medische verklaring van 28 februari 2026.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- maatschappelijke teloorgang.
Om het ernstig nadeel af te wenden heeft betrokkene zorg nodig.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Daarom is verplichte zorg nodig.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van vocht en voeding;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- beperken van het recht op het ontvangen van bezoek;
- opnemen in een accommodatie.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
Hoewel de advocaat pleit voor een beperking in duur van zes maanden, gaat de rechtbank daar niet in mee. De GZ-psycholoog heeft uitgelegd dat er kleine stapjes vooruit maar ook achteruit worden gezet gedurende de behandeling. Er is sprake van een instabiel evenwicht, waarbij er recent een terugval in gebruik is geweest. Verder wordt er onderzocht wat de mogelijkheden zijn voor een vervolgplek om daar naar toe te werken. De GZ-psycholoog voegt daaraan toe dat ook na het ontslag het van belang is dat er een vangnet blijft om tijdig te kunnen ingrijpen bij een ontregeling. Een zorgmachtiging voor de duur van twaalf maanden is daarbij passender dan zes maanden.
4 De beslissing
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in 3.6. staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 23 maart 2027.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 23 maart 2026 door mr. J.P.M. Schwillens, rechter, in aanwezigheid van R. Staal, griffier en op schrift gesteld op 26 maart 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.