Uitspraak · Insolventierecht

Rechtbank Midden-Nederland, 14 april 2026

ECLI:NL:RBMNE:2026:1629Zaaknummer NL:TZ:2604558:R-RK

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
14 april 2026
Publicatiedatum
17 april 2026
Zaaknummer
NL:TZ:2604558:R-RK
Rechtsgebied
Civiel recht, Insolventierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Lelystad
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Rechtbank saldeert de in het minnelijk traject ontstane nieuwe schuld met de eerder verzochte ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling, zodat bij het bepalen van de eerdere ingangsdatum geen rekening wordt gehouden met de verzochte 12 maanden, maar met 10 maanden.

De rechtbank:

3.1.

spreekt de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:

[verzoeker] ,geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats], wonende te [adres], [postcode] [plaats];

3.2.

stelt de termijn van deze schuldsaneringsregeling vast op de acht maanden, te rekenen van de dag van de uitspraak;

3.3.

benoemt tot rechter-commissaris mr. K.G. van de Streek;

3.4.

benoemt tot bewindvoerder M.W. van Dijk-Middelweerd, Postbus 77, 5140AB Waalwijk;

3.5.

geeft de bewindvoerder de opdracht om de post van [verzoeker] in te zien totdat de schuldsaneringsregeling eindigt, maar in elk geval niet langer dan dertien maanden;

3.6.

bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag opnemen volgens het besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen zolang de schuldsaneringsregeling loopt en voor zover de boedel toereikend is;

3.7.

stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen.

Dit is de beslissing van mr. P.J. Neijt, rechter, in samenwerking met R. Beek, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op dinsdag 14 april 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK Midden-Nederland

Toezicht

Zittingsplaats Lelystad

Rekestnummer: NL:TZ:2604558:R-RK

Vonnis van 14 april 2026

op het verzoek van

[verzoeker],

geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats],

wonende te [adres], [postcode] [plaats],

verzoeker,

hierna te noemen [verzoeker],

tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.

1 De procedure

1.1.

De procedure bestaat uit:

- het schuldsaneringsverzoekschrift met bijlagen;

- de zitting van maandag 13 april 2026, waarbij aanwezig waren [verzoeker], [persoon1] en [persoon2], [bedrijf] B.V.

2 De beoordeling

2.1.

Het betreft een hoofdinsolventieprocedure (artikel 3, eerste lid, van de Insolventieverordening (EU 2015/848)).

2.2.

De rechtbank wijst het verzoek toe. Het verzoek voldoet aan de daaraan gestelde eisen. [verzoeker] heeft voldaan aan het bepaalde in artikel 288 lid 1 van de Faillissementswet (Fw). Van een grond voor afwijzing van het verzoek is niet gebleken.

2.3.

De rechtbank ziet aanleiding om het aanvangsmoment van de termijn van de schuldsaneringsregeling ex artikel 349a Fw te vervroegen. [verzoeker] heeft in het kader van een minnelijke schuldregeling gedurende 12 maanden maandelijks € 550,00 afgedragen conform het voor hem geldende vrij te laten bedrag. De rechtbank zal hierop 2 maanden in mindering brengen. Dat is gelijk aan de nieuwe schuld die tijdens het minnelijke traject is ontstaan, namelijk een bedrag van € 1.009,00 waarvoor [verzoeker] is veroordeeld vanwege een eerder door hem begane verkeersovertreding. Dit bedrag is door zijn moeder voldaan, die ook voor dat bedrag recent is toegevoegd aan de schuldenlast van [verzoeker]. Het vorenstaande leidt ertoe dat de schuldsaneringsregeling nog acht maanden zal duren.

3 De beslissing

De rechtbank:

3.1.

spreekt de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:

[verzoeker] ,geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats], wonende te [adres], [postcode] [plaats];

3.2.

stelt de termijn van deze schuldsaneringsregeling vast op de acht maanden, te rekenen van de dag van de uitspraak;

3.3.

benoemt tot rechter-commissaris mr. K.G. van de Streek;

3.4.

benoemt tot bewindvoerder M.W. van Dijk-Middelweerd, Postbus 77, 5140AB Waalwijk;

3.5.

geeft de bewindvoerder de opdracht om de post van [verzoeker] in te zien totdat de schuldsaneringsregeling eindigt, maar in elk geval niet langer dan dertien maanden;

3.6.

bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag opnemen volgens het besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen zolang de schuldsaneringsregeling loopt en voor zover de boedel toereikend is;

3.7.

stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen.

Dit is de beslissing van mr. P.J. Neijt, rechter, in samenwerking met R. Beek, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op dinsdag 14 april 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.