Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Midden-Nederland, 16 maart 2026

ECLI:NL:RBMNE:2026:1510Zaaknummer C/16/607426 / FV RK 26-505

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
16 maart 2026
Publicatiedatum
20 april 2026
Zaaknummer
C/16/607426 / FV RK 26-505
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Beschikking
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

ZM voor 24 maanden. Betrokkene legt zich neer bij de beslissing van de rechtbank.

De rechtbank:

4.1.

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 1979 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in 3.6. staan kunnen worden toegepast;

4.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 16 maart 2028.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 16 maart 2026 door mr. C.M.A.T. van der Geest, rechter, in aanwezigheid van R. Staal, griffier en op schrift gesteld op 26 maart 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 Het verzoek
  3. 3 De beoordeling
  4. 4 De beslissing

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Utrecht

Zaaknummer: C/16/607426 / FV RK 26-505

Datum uitspraak: 16 maart 2026

Beschikking zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie voor

[betrokkene],

geboren op [geboortedatum] 1979 in [geboorteplaats],

hierna: betrokkene,

wonende en verblijvende bij [Kliniek], [locatie] in [plaats],

advocaat: mr. A. van Londen.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank heeft het verzoekschrift met bijlagen op 24 februari 2026 ontvangen.

1.2.

De zitting heeft plaatsgevonden op 16 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:

- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;

- [A.], psycholoog.

De curator van betrokkene is opgeroepen, maar niet ter zitting verschenen.

2 Het verzoek

2.1.

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van 24 maanden.

2.2.

Betrokkene legt zich neer bij de beslissing van de rechtbank.

3 De beoordeling

3.1.

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van 24 maanden. Er is voldaan aan de voorwaarden uit de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Hierna wordt uitgelegd waarom dat zo is.

3.2.

De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft schizofrenie en een stoornis in het gebruik van middelen. De rechtbank baseert zich hierbij op de medische verklaring van 17 februari 2026.

3.3.

Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:

- ernstig lichamelijk letsel;

- maatschappelijke teloorgang;

3.4.

Om het ernstig nadeel af te wenden heeft betrokkene zorg nodig.

3.5.

Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Daarom is verplichte zorg nodig.

3.6.

De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:

- het toedienen van medicatie;

- het verrichten van medische controles;

- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- insluiten;

- uitoefenen van toezicht op betrokkene;

- onderzoek aan kleding of lichaam;

- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;

- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- beperken van het recht op het ontvangen van bezoek;

- opnemen in een accommodatie.

3.7.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

4 De beslissing

De rechtbank:

4.1.

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 1979 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in 3.6. staan kunnen worden toegepast;

4.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 16 maart 2028.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 16 maart 2026 door mr. C.M.A.T. van der Geest, rechter, in aanwezigheid van R. Staal, griffier en op schrift gesteld op 26 maart 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.