Uitspraak · Bestuursrecht

Rechtbank Midden-Nederland, 16 maart 2026

ECLI:NL:RBMNE:2026:1140Zaaknummer UTR 25/4960

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
16 maart 2026
Publicatiedatum
13 april 2026
Zaaknummer
UTR 25/4960
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

pkv

Beslissing

De rechtbank wijst het verzoek af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. I. Helmich, rechter, in aanwezigheid van

J.M.J. Kooistra, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 16 maart 2026.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procesverloop
  2. Overwegingen
  3. Beslissing
  4. Bent u het niet eens met deze uitspraak?

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 25/4960

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 maart 2026 in de zaak tussen

[verzoekster], uit [plaats], verzoekster,

en

de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, verweerder,

gemachtigde: mr. H. Bouhuys.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het verzoek van verzoekster om vergoeding van haar proceskosten.

Verweerder heeft op 14 januari 2026 gereageerd op het verzoek van verzoekster.

Overwegingen

1. Verzoekster heeft een verzoek gedaan om omzetting van de prestatiebeurs. Verzoekster is in bezwaar gegaan tegen het besluit van verweerder. Verweerder heeft op 17 juli 2025 een beslissing op bezwaar genomen en het bezwaar van verzoekster ongegrond verklaard. Verzoekster is hiertegen in beroep gegaan. Op 4 december 2025 heeft verweerder aan verzoekster medegedeeld dat hij terugkomt op de beslissing op bezwaar en dat de prestatiebeurs van verzoekster wordt omgezet in een gift. Verweerder heeft dus gedaan wat verzoekster wilde. Verzoekster heeft daarna het beroep ingetrokken en een vergoeding gevraagd voor haar proceskosten.

2. De rechtbank kan een partij de proceskosten van de tegenpartij laten betalen (artikel 8:75 en 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb)).

3. Verzoekster heeft een vergoeding van € 53,- gevraagd aan verschotten.

4. Verweerder heeft gereageerd op het verzoek van verzoekster en aangegeven dat hij ervan uitgaat dat verzoekster met de verzochte proceskosten het griffierecht bedoelt en bereid is om het griffierecht te vergoeden.

5. Ook de rechtbank gaat ervan uit dat eiseres bedoelt dat zij het griffierecht vergoed wil hebben.

6. Uit artikel 8:41, zevende lid, van de Awb volgt dat verweerder verplicht is het door verzoekster betaalde griffierecht te vergoeden. Omdat dit rechtstreeks uit de wet volgt, kan verweerder hiertoe niet veroordeeld te worden. Verzoekster zal zich hiervoor dan ook tot verweerder moeten wenden.

Beslissing

De rechtbank wijst het verzoek af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. I. Helmich, rechter, in aanwezigheid van

J.M.J. Kooistra, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 16 maart 2026.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.