Uitspraak · Bestuursprocesrecht

Rechtbank Midden-Nederland, 12 december 2025

ECLI:NL:RBMNE:2025:6646Zaaknummer UTR 25/2733

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
12 december 2025
Publicatiedatum
29 december 2025
Zaaknummer
UTR 25/2733
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Bestuursprocesrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

BNT UHT, niet ontvankelijk, n-o, geen sprake van (rechtsgeldige) ingebrekestelling, niet aannemelijk gemaakt dat de ingebrekestelling daadwerkelijk is verzonden

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. I. Helmich, rechter, in aanwezigheid van L. El Kabch, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 12 december 2025.

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Dienst Toeslagen, verweerder(gemachtigde: mr. [gemachtigde] ).
  2. Inleiding
  3. Overwegingen
  4. Beslissing

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 25/2733

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 december 2025 in de zaak tussen

[eiseres], uit [plaats], eiseres,

en

Dienst Toeslagen, verweerder(gemachtigde: mr. [gemachtigde] ).

Inleiding

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingesteld, omdat verweerder volgens haar niet op tijd heeft beslist op haar bezwaar van 21 februari 2025 tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is.[_5c4086c7-4ab0-46ac-94f3-a26c03bd95fd]

2. Tegen het niet tijdig nemen van een besluit kan beroep worden ingesteld.[_9ae9b306-4f0c-4bed-a30c-5a66e3b0e0d6] Het beroepschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.[_4e507354-9487-4cd3-89e9-bde9293c4d68]

3. Eiseres heeft op 29 april 2025 beroep ingesteld bij deze rechtbank. Eiseres stelt dat zij verweerder op 22 juli 2025 in gebreke heeft gesteld wegens het niet-tijdig nemen van een besluit op het verzoek om herbeoordeling.

4. Verweerder stelt zich op het standpunt dat eiseres niet ontvankelijk is in haar beroep omdat hij geen ingebrekestelling heeft ontvangen. Verweerder licht toe dat in de systemen van verweerder ook geen ontvangstbevestiging van een ingebrekestelling is aangetroffen.

5. De rechtbank heeft eiseres bij brief van 14 oktober 2025 in de gelegenheid gesteld om te reageren op het standpunt van verweerder. Eiseres heeft hierop gereageerd.

6. Eiseres heeft als bijlage een papieren exemplaar van een ingebrekestelling overgelegd, gedateerd 22 juli 2025 en voorzien van een handtekening. Zij heeft evenwel geen bewijsstukken verstrekt waaruit volgt dat dit stuk daadwerkelijk per post is verzonden.

7. Daarnaast heeft eiseres een kopie van een door haar verzonden e-mail ingebracht, welke ertoe strekt aan te tonen dat zij verweerder op 18 augustus 2025 via het e-mailadres [e-mailadres] in gebreke heeft gesteld.

8. Op grond van artikel 2:17 van de Algemene wet bestuursrecht is bij de digitale verzending van berichten aan een bestuursorgaan beslissend het moment waarop het bericht elektronisch door dat bestuursorgaan is ontvangen. Eiseres heeft geen gegevens overgelegd (bijvoorbeeld afkomstig van haar internetprovider) waaruit kan worden afgeleid dat verweerder de e-mail heeft ontvangen. Zij heeft dus niet aannemelijk gemaakt dat de ingebrekestelling daadwerkelijk is verzonden.

9. De rechtbank stelt daarom vast dat er geen sprake is van een (rechtsgeldige) ingebrekestelling.

10. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk. Dit betekent dat de rechtbank het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet inhoudelijk beoordeelt. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. I. Helmich, rechter, in aanwezigheid van L. El Kabch, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 12 december 2025.

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.