Uitspraak · Bestuursrecht

Rechtbank Midden-Nederland, 17 oktober 2025

ECLI:NL:RBMNE:2025:5511Zaaknummer 25/4608

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
17 oktober 2025
Publicatiedatum
6 november 2025
Zaaknummer
25/4608
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verzoek om vergoeding van proceskosten afgewezen. Geen sprake van tegemoetkoming door het bestuursorgaan.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Wolbrink, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van P.W. Hogenbirk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 17 oktober 2025.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Inleiding
  2. Overwegingen
  3. Beslissing
  4. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 25/4608

uitspraak van de voorzieningenrechter kamer van 17 oktober 2025 in de zaak tussen

[verzoeker], uit [plaats], verzoeker,

(gemachtigde: Mr. Dr. G.P. Dayala)

en

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere (het college), verweerder

(gemachtigde: J.H. Swart).

Als derde-partij heeft aan de zaak deelgenomen:

[vergunninghouder], vergunninghouder.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het verzoek van verzoeker om vergoeding van zijn proceskosten. De rechtbank doet deze uitspraak zonder partijen voor een zitting uit te nodigen, omdat zij vindt dat zij voldoende informatie heeft om het verzoek te beoordelen.

2. Met het besluit van 8 juli 2025 heeft het college een omgevingsvergunning verleend aan vergunninghouder voor de omgevingsplanactiviteit aanleggen. Tegen deze omgevingsvergunning is door verzoeker bezwaar gemaakt bij het college en een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de rechtbank.

3. Op 10 september 2025 heeft vergunninghouder aan het college verzocht om zijn vergunning in te trekken. Daarop heeft verzoeker zijn verzoek om voorlopige voorziening ingetrokken en de rechtbank verzocht het college te veroordelen in de proceskosten die hij heeft gemaakt. Het college heeft niet gereageerd op het verzoek.

Overwegingen

4. De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en nader uitgewerkt in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb). Als een beroep of verzoek om voorlopige voorziening wordt ingetrokken, omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift of verzoeker om voorlopige voorziening is tegemoet gekomen, kan de rechtbank op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten.

5. In dit geval heeft verzoeker zijn verzoek ingetrokken omdat vergunninghouder aan het college heeft verzocht om zijn vergunning in te trekken. Hieruit volgt dat er geen intrekking heeft plaatsgevonden omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan verzoeker tegemoet is gekomen.[_29bdfe8b-0350-4661-8d5b-43b31726616c] Dit betekent dat er geen aanleiding is om het college te veroordelen in de proceskosten die verzoeker heeft gemaakt.

6. De rechtbank wijst het verzoek om proceskostenvergoeding dan ook af.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Wolbrink, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van P.W. Hogenbirk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 17 oktober 2025.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.