Uitspraak · Socialezekerheidsrecht

Rechtbank Midden-Nederland, 2 februari 2023

ECLI:NL:RBMNE:2023:366Zaaknummer UTR 22/4540

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
2 februari 2023
Publicatiedatum
16 maart 2023
Zaaknummer
UTR 22/4540
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Geen proceskostenvergoeding, geen sprake van tegemoetkomen door verweerder.

Beslissing

De rechtbank wijst het verzoek af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.G. Nicholson, rechter, in aanwezigheid van

mr. N.R. Hoogenberk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op

2 februari 2023.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker
  2. Procesverloop
  3. Overwegingen
  4. Beslissing
  5. Bent u het niet eens met deze uitspraak?

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 22/4540

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 februari 2023 in de zaak tussen

[verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker

(gemachtigde: mr. J.L. Wittensleger),

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere, verweerder.

(gemachtigde M.S. Gakes).

Procesverloop

1. Op 19 april 2022 (primaire besluit) heeft verweerder verzoekers recht op bijstand met ingang van 1 maart 2022 ingetrokken[_6f84eba5-6cc7-4846-89ed-080b0775ff0c] en het recht op bijstand over de periode van 1 augustus 2021 tot en met 28 februari 2022 ingetrokken.[_08099564-083d-471a-b6cc-430fcdd097e4] Verzoeker heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt.

1.1.

Verweerder heeft op 1 augustus 2022 het primaire besluit gehandhaafd voor zover daarbij de bijstand is ingetrokken per 1 augustus 2021. Verzoeker is hiertegen in beroep gegaan.

1.2.

Op 16 december 2022 heeft verweerder medegedeeld dat hij de beslissing op bezwaar van 1 augustus 2022 heeft ingetrokken en heeft vervangen door de beslissing op bezwaar van 16 december 2022. In het besluit op bezwaar heeft verweerder, met verbetering van de motivering, het primaire besluit (weer) gehandhaafd voor zover de bijstand wordt ingetrokken per 1 augustus 2021.

1.3.

Verzoeker heeft daarna het beroep ingetrokken en een vergoeding gevraagd voor zijn proceskosten.

1.4.

Verweerder heeft gereageerd op het verzoek van verzoeker en aangegeven dat hij geen proceskosten wil vergoeden.

Overwegingen

2. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is.

3. De rechtbank kan verweerder veroordelen in de proceskosten als het beroep wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift tegemoet is gekomen.[_c5608aca-5d26-47d9-ae1d-0f9f9ce4a2d3]

4. De rechtbank stelt vast dat verweerder met het besluit op bezwaar van 16 december 2022 de motivering heeft aangepast. Maar dit besluit strekt, net als het eerdere besluit op bezwaar van 1 augustus 2022, nog steeds tot handhaving van het primaire besluit voor zover daarbij de bijstand per 1 augustus 2021 is ingetrokken. Verweerder is met het besluit op bezwaar van 16 december 2022 dus niet geheel of gedeeltelijk tegemoetgekomen aan verzoeker.

5. De rechtbank wijst het verzoek om een proceskostenveroordeling dan ook af.

Beslissing

De rechtbank wijst het verzoek af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.G. Nicholson, rechter, in aanwezigheid van

mr. N.R. Hoogenberk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op

2 februari 2023.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.