Uitspraak · Arbeidsrecht
Rechtbank Midden-Nederland, 8 maart 2023
ECLI:NL:RBMNE:2023:1229Zaaknummer 10100946 UE VERZ 22-278 ZC/48355
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 8 maart 2023
- Publicatiedatum
- 21 maart 2023
- Zaaknummer
- 10100946 UE VERZ 22-278 ZC/48355
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Arbeidsrecht
- Procedure
- Beschikking
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Rectificatie rechtsoverweging 3.1. Beschikking 10100946 UE VERZ 22-278 8-2-2023
2 De beslissing
De kantonrechter:
bepaalt dat rechtsoverweging 3.1 van de tussen partijen gewezen beschikking van 8 februari 2023, waar staat:
“ [verzoeker] verzoekt de kantonrechter bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking:”
dit wordt gewijzigd in:
“ [verzoeker] verzoekt de kantonrechter bij beschikking”;
bepaalt dat rechtsoverweging 4.10 en het kopje daarboven “Uitvoerbaar bij voorraad?” in zijn geheel komen te vervallen;
bepaalt dat de verbetering en de datum van deze uitspraak worden vermeld op de minuut van voormelde beschikking.
Deze beschikking is gegeven door mr. D. Wachter, kantonrechter, en is in het openbaar uitgesproken op 8 maart 2023.
Volledige tekst
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
kantonrechter
locatie Utrecht
zaaknummer: 10100946 UE VERZ 22-278 ZC/48355
Herstelbeschikking van 8 maart 2023
inzake
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
verzoekende partij,
gemachtigde: mr. F.B. van Batenburg,
tegen:
1. de commanditaire vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[werkgever] C.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats]
2. de naamloze vennootschap
Nationale-Nederlanden Schadeverzekering Maatschappij N.V.,
gevestigd te 's-Gravenhage,
verwerende partij,
gemachtigde: mr. L.J. Sonneveld.
1 De overwegingen van de kantonrechter
In bovengenoemde zaak is op 8 februari 2023 een beschikking gegeven.
Op 10 februari 2023 heeft mr. F.B. van Batenburg de kantonrechter er terecht op gewezen dat ten onrechte in de beschikking is opgenomen dat door verzoeker om een uitvoerbaar bij voorraadverklaring werd gevraagd. In eerste instantie verzocht mr. Van Batenburg om rectificatie maar trok dit verzoek later in.
In reactie hierop heeft de kantonrechter zich voorgenomen om ambtshalve over te gaan tot rectificatie en partijen in de gelegenheid gesteld om zich hierover uit te laten. Partijen hebben aangegeven geen bezwaar te hebben tegen rectificatie.
De kantonrechter is op grond van artikel 32 Rv van oordeel dat de beschikking dient te worden gerectificeerd als hierna aan te geven.
2 De beslissing
De kantonrechter:
bepaalt dat rechtsoverweging 3.1 van de tussen partijen gewezen beschikking van 8 februari 2023, waar staat:
“ [verzoeker] verzoekt de kantonrechter bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking:”
dit wordt gewijzigd in:
“ [verzoeker] verzoekt de kantonrechter bij beschikking”;
bepaalt dat rechtsoverweging 4.10 en het kopje daarboven “Uitvoerbaar bij voorraad?” in zijn geheel komen te vervallen;
bepaalt dat de verbetering en de datum van deze uitspraak worden vermeld op de minuut van voormelde beschikking.
Deze beschikking is gegeven door mr. D. Wachter, kantonrechter, en is in het openbaar uitgesproken op 8 maart 2023.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:RBMNE:2023:1228 http://psi.rechtspraak.nl/Inachtneminghersteluitspraak
Aangehaald in
- ECLI:NL:RBMNE:2023:1228 Rechtbank Midden-Nederland, 8 februari 2023 (arbeidsrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.