Uitspraak · Socialezekerheidsrecht
Rechtbank Midden-Nederland, 28 januari 2022
ECLI:NL:RBMNE:2022:292Zaaknummer UTR 21/4203
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 28 januari 2022
- Publicatiedatum
- 26 september 2022
- Zaaknummer
- UTR 21/4203
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Mondelinge uitspraak, Proces-verbaal
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Beroep, beëindiging loongerelateerde WIA-uitkering. Geen gronden ingediend. Beroep ongegrond.
uitspraak mede te ondertekenen
| griffier | rechter |
Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden. U ziet deze datum hierboven.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 21/4203
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 januari 2022 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
(gemachtigde: mr. J.G. Wattilete),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, verweerder
(gemachtigde: S. Gootjes).
Procesverloop
In het besluit van 6 januari 2021 (primair besluit) heeft verweerder de loongerelateerde uitkering van eiser beëindigd per 30 maart 2021 en vanaf 31 maart 2021 aan eiser een WGA-vervolguitkering toegekend van € 657,72 bruto per maand.
In het besluit van 6 september 2021 (bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser tegen het primaire besluit gegrond verklaard en eiser vanaf 31 maart 2021 een WGA-loonaanvullingsuitkering toegekend omdat hij 80-100% arbeidsongeschikt is.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft het beroep op 28 januari 2022 met behulp van een beeldverbinding op zitting behandeld. Eiser en zijn gemachtigde zijn niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk ter zitting uitspraak gedaan.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering.
2. Met wat eiser in beroep heeft aangevoerd is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake van een gemotiveerde bestrijding van de medische en arbeidskundige overwegingen waarop het bestreden besluit rust. Gelet hierop kan het bestreden besluit in stand blijven.
3. Het beroep is ongegrond.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Ter zitting is gewezen op de mogelijkheid om tegen de mondelinge uitspraak in hoger beroep te gaan op de hieronder omschreven wijze.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 28 januari 2022 door mr. G.P. Loman, rechter, in aanwezigheid van mr. P. Bruins, griffier.
De rechter is verhinderd om deze
uitspraak mede te ondertekenen
| griffier | rechter |
Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden. U ziet deze datum hierboven.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.