Uitspraak · Bestuursprocesrecht
Rechtbank Midden-Nederland, 24 augustus 2021
ECLI:NL:RBMNE:2021:5063Zaaknummer UTR 21/809
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 24 augustus 2021
- Publicatiedatum
- 19 juli 2022
- Zaaknummer
- UTR 21/809
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Bestuursprocesrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
8:54; geen besluit awb; niet van toepassing op de opsporing en vervolging van strafbare feiten; onbevoegd
Beslissing
De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep.
Deze uitspraak is gedaan door mr. L.M. Reijnierse, rechter, in aanwezigheid van N. Dayerizadeh, griffier. De beslissing is uitgesproken op 24 augustus 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.
De griffier is verhinderd te tekenen
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 21/809
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 augustus 2021 in de zaak tussen
[eiser], te [woonplaats], eiser,
en
Openbaar Ministerie Midden-Nederland, verweerder.
Procesverloop
Eiser heeft op 13 februari 2021 beroep ingesteld tegen verweerders brief van 15 december 2020.
Overwegingen
1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Eiser heeft beroep ingesteld tegen de brief van 15 december 2020 van het Openbaar Ministerie, waarin eiser onder meer is meegedeeld dat zijn aangifte ter zake van valsheid in geschrifte niet in behandeling zal en kan worden genomen.
3. De rechtbank overweegt allereerst uitsluitend bevoegd te zijn om te oordelen over besluiten waartegen bezwaar of beroep openstaat. Klachten en aangiften worden niet gezien als besluiten zoals bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat zij niet aan de definitie van een besluit zoals neergelegd in artikel 1:3, eerste lid, van de Awb voldoen. Ingevolge artikel 1:3, eerste lid, van de Awb wordt onder een besluit verstaan een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. Daarvan is bij klachten en aangiften geen sprake.
4. De rechtbank wijst eiser er bovendien op dat de wetgever in artikel 1:6, aanhef en onder a, van de Awb bepaald heeft dat artikel 8:1 van de Awb en daarmee dus de mogelijkheid om bij de bestuursrechter beroep in te stellen, niet van toepassing is op de opsporing en vervolging van strafbare feiten. Aangezien eiser in zijn beroepschrift schrijft dat verweerder ten onrechte afwijzend beslist op het verzoek de aangifte van eiser in behandeling te nemen, heeft de klacht van eiser betrekking op de opsporing en vervolging van strafbare feiten en kan daarover ook om die reden niet bij de bestuursrechter geprocedeerd worden.
5. De bestuursrechter is daarom onbevoegd om kennis te nemen van het ingestelde beroep.
Beslissing
De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep.
Deze uitspraak is gedaan door mr. L.M. Reijnierse, rechter, in aanwezigheid van N. Dayerizadeh, griffier. De beslissing is uitgesproken op 24 augustus 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.
De griffier is verhinderd te tekenen
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.