Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Midden-Nederland, 25 augustus 2021
ECLI:NL:RBMNE:2021:4552Zaaknummer C/16/526358 / JE RK 21-1619
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 25 augustus 2021
- Publicatiedatum
- 22 september 2021
- Zaaknummer
- C/16/526358 / JE RK 21-1619
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Beschikking
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Aanhouding beslissing over uithuisplaatsing ongeboren kind.
De beslissing
De kinderrechter:
houdt de verdere behandeling van het aangehouden deel van het verzoek aan tot
25 september 2021, in afwachting van bericht van de GI dat het ongeboren kind is geboren, waarna een nieuwe zitting zal worden gepland;
houdt iedere verdere beslissing aan.
| Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 augustus 2021 door mr. E.A.A. van Kalveen, kinderrechter, in tegenwoordigheid van M.J.W. Rietveld, als griffier. |
| Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld: - door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak, - door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshofArnhem-Leeuwarden. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 27 augustus 2021. |
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
beschikking
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Afdeling Familierecht
Zittingsplaats: Utrecht
Zaakgegevens: C/16/526358 / JE RK 21-1619
Datum uitspraak: 25 augustus 2021
Beschikking verlenging machtiging tot uithuisplaatsing
in de zaak van
de gecertificeerde instelling Samen Veilig Midden-Nederland, hierna te noemen de GI,
gevestigd te Utrecht,
betreffende
het ongeboren kind [ongeboren kind], hierna te noemen het ongeboren kind.
De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:
[de moeder], hierna te noemen de moeder,
met een briefadres in [plaats].
Het procesverloop
Voor het procesverloop verwijst de kinderrechter naar de beschikking van 17 augustus 2021 waarbij een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van het ongeboren kind in een pleeggezin is verleend tot 14 september 2021 en het resterende deel van het verzoek van de GI is aangehouden.
Op 25 augustus 2021 heeft de kinderrechter de zaak op een zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord zijn mevrouw [A] en mevrouw [B] namens de GI.
De moeder is voor de zitting opgeroepen op het briefadres wat in de Basisregistratie Personen staat vermeld. Daarnaast heeft de GI haar geappt en gesmst over de zitting. De moeder is niet verschenen.
De feiten
Het ouderlijk gezag over het ongeboren kind zal na de geboorte van rechtswege worden uitgeoefend door de moeder.
Bij beschikking van 23 juli 2021 is het ongeboren kind onder toezicht gesteld tot 23 juli 2022.
Het verzoek
Aan de orde is het aangehouden deel van het verzoek van de GI om een machtiging tot uithuisplaatsing van het ongeboren kind in een pleeggezin te verlenen tot 17 november 2021.
Op de zitting heeft de GI verklaard dat er telefonisch contact is geweest met de moeder, maar dat nog niet bekend is waar zij verblijft. De GI hoopt dat de moeder zich meldt in een ziekenhuis als zij gaat bevallen.
De beoordeling
De kinderrechter zal de op 17 augustus 2021 verleende spoedmachtiging tot uithuisplaatsing in stand laten, omdat de zorgen nog steeds aanwezig zijn.
De beslissing op het aangehouden deel van het verzoek houdt de kinderrechter aan. De scheiding van een moeder en een pasgeboren baby is namelijk een strenge maatregel en het Europees Hof voor de Rechten van een Mens vindt dat daartoe zeer dwingende redenen moeten bestaan. Het is daarbij onder meer belangrijk dat de moeder voldoende betrokken is in het besluitvormingsproces[_b32cfa7b-8749-4b11-84c2-11785bfd576e]. De moeder is niet op de zitting verschenen en de rechtbank heeft haar kant van het ‘verhaal’ niet gehoord. De kinderrechter zal de verdere behandeling aanhouden tot 25 september 2021, maar op de zitting is afgesproken dat de GI de kinderrechter bericht als zij heeft vernomen dat het ongeboren kind is geboren. Aangezien de verleende spoedmachtiging tot uithuisplaatsing tot vier weken na de geboorte is verleend, zal binnen die vier weken opnieuw een zitting worden gepland om het aangehouden deel van het verzoek te bespreken.
De beslissing
De kinderrechter:
houdt de verdere behandeling van het aangehouden deel van het verzoek aan tot
25 september 2021, in afwachting van bericht van de GI dat het ongeboren kind is geboren, waarna een nieuwe zitting zal worden gepland;
houdt iedere verdere beslissing aan.
| Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 augustus 2021 door mr. E.A.A. van Kalveen, kinderrechter, in tegenwoordigheid van M.J.W. Rietveld, als griffier. |
| Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld: - door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak, - door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshofArnhem-Leeuwarden. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 27 augustus 2021. |
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.