Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Limburg, 19 februari 2025

ECLI:NL:RBLIM:2025:1682Zaaknummer 11316921 \ CV EXPL 24-4815

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
19 februari 2025
Publicatiedatum
26 februari 2025
Zaaknummer
11316921 \ CV EXPL 24-4815
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Maastricht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bijzondere overeenkomst; opdracht; verrichten diensten/werkzaamheden

4. De beslissing

De kantonrechter

4.1.

veroordeelt [gedaagde] om aan Eco te betalen een bedrag van € 3.227,08, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over € 2.712,00 vanaf 11 september 2024 tot de dag van volledige betaling,

4.2.

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 966,54, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

4.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken op 19 februari 2025.

CJ

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 Het geschil
  3. 3 De beoordeling

RECHTBANK LIMBURG

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: 11316921 \ CV EXPL 24-4815

Vonnis van 19 februari 2025

in de zaak van

ECO GROEP B.V.,

statutair gevestigd te Nijmegen,

eisende partij,

hierna te noemen: Eco,

gemachtigde: ARAG SE,

tegen

[gedaagde], handelend onder de naam [handelsnaam],

wonend te [woonplaats],

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde],

procederend in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- het verzoek om uitstel van [gedaagde].

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil

2.1.

Eco vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 3.227,08, waarvan

€ 2.712,00 aan hoofdsom, € 118,88 aan vervallen wettelijke handelsrente en

€ 396,20 aan vergoeding buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over € 2.712,00 vanaf de dag van dagvaarding, alsmede veroordeling van [gedaagde] tot betaling van de proceskosten en nakosten.

2.2.

Aan haar vordering legt Eco ten grondslag dat [gedaagde] met haar een overeenkomst heeft gesloten met betrekking tot het isoleren van een vloer. Ondanks herhaalde aanmaning, is [gedaagde] met de nakoming van zijn betalingsverplichting in gebreke gebleven.

3 De beoordeling

3.1.

[gedaagde] heeft, na verkregen uitstel niet meer geantwoord. [gedaagde] heeft de hoofdsom niet weersproken, zodat dit deel van de vordering voor toewijzing gereed ligt.

3.2.

De door het enkele betalingsverzuim verschuldigde wettelijke handelsrente ligt eveneens voor toewijzing gereed.

3.3.

Eco heeft voldoende onderbouwd dat buitengerechtelijke kosten zijn gemaakt, zodat deze vordering ook zal worden toegewezen.

3.4.

[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Eco worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding€113,54
- griffierecht€496,00
- salaris gemachtigde€238,00(1,00 punten × € 238,00)
- nakosten€119,00(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal€966,54

4. De beslissing

De kantonrechter

4.1.

veroordeelt [gedaagde] om aan Eco te betalen een bedrag van € 3.227,08, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over € 2.712,00 vanaf 11 september 2024 tot de dag van volledige betaling,

4.2.

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 966,54, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

4.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken op 19 februari 2025.

CJ

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.