Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Limburg, 4 december 2024

ECLI:NL:RBLIM:2024:9061Zaaknummer 11081536 \ CV EXPL 24-2185

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
4 december 2024
Publicatiedatum
17 december 2024
Zaaknummer
11081536 \ CV EXPL 24-2185
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Maastricht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bijzondere overeenkomst; huurrecht; afrekening servicekosten

5. De beslissing

De kantonrechter

5.1.

wijst de vorderingen van [eiser] af,

5.2.

veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 306,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

5.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.J. Quaedackers en in het openbaar uitgesproken op

4 december 2024.

VC

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De feiten
  3. 3 Het geschil
  4. 4 De beoordeling

RECHTBANK LIMBURG

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: 11081536 \ CV EXPL 24-2185

Vonnis van 4 december 2024

in de zaak van

[eiser],

wonende te [woonplaats 1],

eisende partij,

hierna te noemen: [eiser],

gemachtigde: mr. M.G. Lodewijk, IP Nederland incasso en juristen,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonplaats 2],

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde],

gemachtigde: mr. F.E.L. Teerling.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding- de conclusie van antwoord- [eiser] heeft geen conclusie van repliek genomen.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[gedaagde] heeft van (de rechtsvoorganger van) [eiser] de woning gehuurd aan de [adres 1] te [woonplaats 2] (hierna: het gehuurde).

2.2.

[eiser] vordert van [gedaagde] betaling van de afrekening van het gasverbruik over de periode 8 september 2021 tot en met 13 oktober 2022 van in totaal € 1.846,68.

2.3.

[gedaagde] heeft deze factuur onbetaald gelaten.

3 Het geschil

3.1.

[eiser] vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 2.273,33, bestaande uit € 1.846,68 aan hoofdsom (afrekening gasverbruik), € 335,17 aan vergoeding buitengerechtelijke kosten inclusief de daarover verschuldigde btw, € 91,48 aan vervallen rente tot 3 april 2024 en vermeerderd met de proceskosten.

3.2.

[gedaagde] voert verweer en stelt dat de vordering van [eiser] niet duidelijk is, dat er geen rekening is gehouden met de door [gedaagde] betaalde voorschotbedragen voor de servicekosten en dat zij niet bekend is met een tussenmeter. [gedaagde] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eiser], dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eiser], met veroordeling van [eiser] in de kosten van deze procedure.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

[eiser] baseert zijn vordering ten aanzien van het gasverbruik van [gedaagde] op de als productie 4 overgelegde jaarnota van Greenchoice over de periode 10 september 2021 tot en met 1 september 2022 en de als productie 5 overgelegde foto’s van meters. [gedaagde] betwist dat hieruit het gasverbruik van haar kan worden herleid. De kantonrechter overweegt hierover als volgt.

4.2.

Uit de jaarnota van Greenchoice blijkt dat het gasverbruik wordt afgerekend voor de meter op het adres [adres 2] te [woonplaats 2]. Handmatig zijn er op deze jaarnota andere begin- en eindstanden vermeldt. De kantonrechter deelt de opvatting van [gedaagde] dat niet duidelijk is geworden waarom deze jaarnota van de [adres 2] te [woonplaats 2] als basis dient voor het in rekening gebrachte gasverbruik van [gedaagde] op het gehuurde adres, te weten de [adres 1] te [woonplaats 2]. Daarnaast komt het gasverbruik van de jaarnota niet overeen met het gasverbruik dat [eiser] op zijn factuur (productie 2) heeft vermeld. Verder geeft [eiser] aan dat het verbruik van [gedaagde] door een tussenmeter is gemeten, maar [gedaagde] heeft het bestaan van een dergelijke tussenmeter betwist. De door [eiser] overgelegde foto’s van meters brengen hierin ook geen duidelijkheid. Daarmee is niet vast komen te staan of, en zo ja welke, van de als productie 5 overgelegde foto’s de meter van het gehuurde is.

4.3.

Ondanks dat [eiser] daartoe in de gelegenheid is gesteld, is van hem geen conclusie van repliek ontvangen. Een nadere onderbouwing van zijn stellingen is door [eiser] uitgebleven. Gezien de gemotiveerde betwisting van [gedaagde] staat niet vast dat er sprake is van een gasverbruik van [gedaagde] dat nog moet worden afgerekend. Dit brengt met zich mee dat de vordering van [eiser] zal worden afgewezen.

4.4.

[eiser] wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:

- salaris gemachtigde€204,00(1 punt × € 204,00)
- nakosten€102,00(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal€306,00

5. De beslissing

De kantonrechter

5.1.

wijst de vorderingen van [eiser] af,

5.2.

veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 306,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

5.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.J. Quaedackers en in het openbaar uitgesproken op

4 december 2024.

VC

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.