Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Limburg, 13 december 2023

ECLI:NL:RBLIM:2023:7327Zaaknummer 10790978 \ CV EXPL 23-4918

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
13 december 2023
Publicatiedatum
27 december 2023
Zaaknummer
10790978 \ CV EXPL 23-4918
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Maastricht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verzekeringsrecht; overige verzekeringsrecht

4 De beslissing

De kantonrechter

4.1.

veroordeelt [gedaagde] om aan Unigarant tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 77,31, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 2 november 2023 tot de dag van volledige betaling,

4.2.

veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure aan de zijde van Unigarant gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 297,48,

4.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

4.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.V.L. Heuts en in het openbaar uitgesproken.

type: JEC

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 Het geschil
  3. 3 De beoordeling
  4. 4 De beslissing

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: 10790978 \ CV EXPL 23-4918

Vonnis van de kantonrechter van 13 december 2023

in de zaak van:

de naamloze vennootschap

UNIGARANT N.V., mede h.o.d.n. “ANWB Verzekeren”,

gevestigd te 's-Gravenhage,

eisende partij,

gemachtigden A. Niekus en mr. E. Krom,

tegen:

[gedaagde],

wonende [adres],

[woonplaats],

gedaagde partij,

procederende in persoon.

Partijen zullen hierna Unigarant en [gedaagde] genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de schriftelijke weergave van het mondelinge antwoord.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil

2.1.

Unigarant vordert – samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een bedrag van € 125,71, te vermeerderen met rente en kosten.

2.2.

Ter onderbouwing van haar vordering voert Unigarant (samengevat) bij dagvaarding het volgende aan.

Unigarant heeft op grond van een met [gedaagde] gesloten autoverzekeringsovereenkomst bedragen bij [gedaagde] in rekening gebracht, die hij niet heeft betaald. De totale achterstand bedraagt volgens Unigarant € 77,31. Daarnaast stelt Unigarant dat [gedaagde] aan haar een vergoeding van € 48,40 voor buitengerechtelijke incassokosten inclusief btw verschuldigd is. Voorts is [gedaagde] aan haar de wettelijke rente verschuldigd berekend vanaf de vervaldatum van de ingebrekestelling(en) tot de dag van algehele voldoening.

2.3.

[gedaagde] erkent de vordering. Hij wil wel betalen, maar zijn financiële situatie is een chaos.

3 De beoordeling

3.1.

[gedaagde] is een consument, althans wordt vermoed een consument te zijn.

Op grond van de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie, dient de rechter de beschermende bepalingen van het Europees consumentenrecht ook toe te passen als daar niet om gevraagd is (‘ambtshalve toepassing’).

3.2.

De kantonrechter is van oordeel dat in deze zaak geen beschermende bepalingen van het Europees consumentenrecht zijn geschonden.

3.3.

Uit het antwoord van [gedaagde] de kantonrechter gebleken dat de vordering van Unigarant niet althans onvoldoende wordt betwist. De vordering ten aanzien van de hoofdsom dient daarom te worden toegewezen.

3.4.

Nu Unigarant niet voldoende specifiek heeft gesteld met ingang van welke data [gedaagde] met de betaling van de aan de hoofdsom onderliggende facturen in verzuim is, zal de wettelijke rente over de hoofdsom worden toegewezen vanaf de dag van dagvaarding (= 2 november 2023). Door de daad van dagvaarding is in elk geval verzuim ingetreden.

3.5.

Unigarant maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten van € 48,40. De kantonrechter stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is nu het verzuim op/na 1 juli 2012 is ingetreden. Alvorens aanspraak bestaat op vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten, moet kunnen worden vastgesteld dat en met ingang van welke data [gedaagde] in verzuim is. Nu Unigarant echter heeft nagelaten te stellen vanaf welke data gedaagde partij in verzuim is, kunnen de buitengerechtelijke incassokosten niet worden toegewezen.

3.6.

De conclusie van het voorgaande is dat een bedrag van € 77,31 zal worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover van 2 november 2023 tot de dag van volledige betaling.

3.7.

[gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van Unigarant worden begroot op:

  • dagvaarding € 130,48
  • griffierecht € 128,00
  • salaris gemachtigde € 39,00 (1 x tarief € 39,00)

totaal € 297,48

4 De beslissing

De kantonrechter

4.1.

veroordeelt [gedaagde] om aan Unigarant tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 77,31, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 2 november 2023 tot de dag van volledige betaling,

4.2.

veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure aan de zijde van Unigarant gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 297,48,

4.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

4.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.V.L. Heuts en in het openbaar uitgesproken.

type: JEC

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.