Uitspraak · Civiel recht
Rechtbank Limburg, 22 november 2023
ECLI:NL:RBLIM:2023:6907Zaaknummer 10721435 \ CV EXPL 23-4166
- Instantie
- Rechtbank Limburg
- Datum uitspraak
- 22 november 2023
- Publicatiedatum
- 30 november 2023
- Zaaknummer
- 10721435 \ CV EXPL 23-4166
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Maastricht
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Bijzondere overeenkomst; huurrecht; woonruimte ontbinding/ontruiming
3 De beslissing
De kantonrechter
ontbindt de bestaande huurovereenkomst met betrekking tot het gehuurde, staande en gelegen te [woonplaats] aan de [adres],
veroordeelt gedaagde partij, om binnen twee weken na betekening van dit vonnis het gehuurde met personen en zaken te ontruimen en met afgifte van de sleutels ter vrije beschikking van eisende partij te stellen,
veroordeelt gedaagde partij voorts om aan eisende partij tegen behoorlijk bewijs van kwijting te voldoen de somma van € 3.001,21 aan huurachterstand tot en met september 2023, reeds vervallen rente en incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over een bedrag van € 2.062,98 vanaf 15 september 2023 tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt gedaagde partij om aan eisende partij te betalen aan huur dan wel een vergoeding gelijk aan de huurprijs van € 698,34 voor elke ingegane maand met ingang van 1 oktober 2023 tot en met de maand waarin gedaagde partij het gehuurde heeft ontruimd,
veroordeelt gedaagde partij voorts in de kosten van de procedure aan de zijde van eisende partij gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 1.081,48,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 10721435 \ CV EXPL 23-4166
Vonnis van de kantonrechter van 22 november 2023
in de zaak van:
WONINGSTICHTING MAASVALLEI MAASTRICHT,
gevestigd te Maastricht,
eisende partij,
gemachtigde Janssen & Janssen c.s. Gerechtsdeurwaarders Eindhoven,
tegen:
[gedaagde],
wonend [adres],
[woonplaats],
gedaagde partij,
procederende in persoon.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- het antwoord van gedaagde partij
- een brief d.d. 10 november 2023 van de gemachtigde van eiseres met een actueel overzicht van de huurachterstand
- de mondelinge behandeling op 14 november 2023
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De beoordeling
Uit het antwoord van gedaagde partij is de kantonrechter gebleken dat de vordering van eisende partij niet wordt betwist. Gedaagde is vervolgens zonder bericht van verhindering niet verschenen bij de mondelinge behandeling. De slechte betaaldiscipline van gedaagde als huurder en de inmiddels ontstane huurachterstand (€ 2.711,32 tot en met november 2023) rechtvaardigen de ontbinding van de huurovereenkomst en de ontruiming van het gehuurde. Ook de gevorderde reeds vervallen wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten zullen worden toegewezen, nu daartegen geen verweer werd gevoerd.
Gedaagde partij zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van eisende partij worden begroot op:
- dagvaarding € 130,48
- griffierecht € 487,00
- salaris gemachtigde € 464,00
totaal € 1.081,48
3 De beslissing
De kantonrechter
ontbindt de bestaande huurovereenkomst met betrekking tot het gehuurde, staande en gelegen te [woonplaats] aan de [adres],
veroordeelt gedaagde partij, om binnen twee weken na betekening van dit vonnis het gehuurde met personen en zaken te ontruimen en met afgifte van de sleutels ter vrije beschikking van eisende partij te stellen,
veroordeelt gedaagde partij voorts om aan eisende partij tegen behoorlijk bewijs van kwijting te voldoen de somma van € 3.001,21 aan huurachterstand tot en met september 2023, reeds vervallen rente en incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over een bedrag van € 2.062,98 vanaf 15 september 2023 tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt gedaagde partij om aan eisende partij te betalen aan huur dan wel een vergoeding gelijk aan de huurprijs van € 698,34 voor elke ingegane maand met ingang van 1 oktober 2023 tot en met de maand waarin gedaagde partij het gehuurde heeft ontruimd,
veroordeelt gedaagde partij voorts in de kosten van de procedure aan de zijde van eisende partij gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 1.081,48,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.