Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Limburg, 9 januari 2023

ECLI:NL:RBLIM:2023:146Zaaknummer C/03/312700 HA RK 22-231

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
9 januari 2023
Publicatiedatum
16 januari 2023
Zaaknummer
C/03/312700 HA RK 22-231
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Wraking
Zittingsplaats
Maastricht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Wraking niet ontvankelijk – de wet biedt niet de mogelijkheid tot wraking van een rechtscollege in zijn geheel.

3 De beslissing

De wrakingskamer:

- verklaart verzoeker niet ontvankelijk in zijn verzoek.

Deze beslissing is gegeven door mr. H.M.J. Quaedvlieg, mr. G.P.C. Dijkshoorn-Sleebe en mr. A.M. Schutte, bijgestaan door mr. M.J.W.D. Janssen, griffier en in het openbaar uitgesproken op 9 januari 2023.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

beslissing

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Wrakingskamer

Zaaknummer: C/03/312700 / HA RK 22-231

Beslissing van de meervoudige kamer belast met de behandeling van wrakingszaken

op het verzoek van:

[verzoeker]

wonend te [woonplaats],

verzoeker,

dat strekt tot wraking van de gehele rechtbank.

1 De procedure

Op 21 december 2022 is ter griffie het e-mailbericht ontvangen van verzoeker inhoudende een verzoek tot wraking van de gehele rechtbank Limburg.

2 De beoordeling

Ingevolge artikel 36 Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv) kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarbij dienen feiten of omstandigheden te worden gesteld die de rechter betreffen tegen wie het wrakingsverzoek zich richt. Hieruit volgt dat een wrakingsverzoek slechts kan worden ingediend tegen individuele rechters die een zaak behandelen.

De wrakingskamer stelt vast dat verzoeker de gehele rechtbank heeft gewraakt. De wet biedt echter niet de mogelijkheid van wraking van een rechtscollege in zijn geheel, zoals verzoeker ook heeft gedaan. De wrakingskamer is daarom van oordeel dat het verzoek niet ontvankelijk is.

Ingevolge artikel 4, lid 2 aanhef en onder e van het wrakingsprotocol van de rechtbank Limburg kan een verzoek tot wraking zonder behandeling ter zitting wegens kennelijke niet ontvankelijkheid aanstonds niet ontvankelijk worden verklaard.

Een mondelinge behandeling kan achterwege blijven omdat die niets meer aan de beoordeling zou toevoegen.

3 De beslissing

De wrakingskamer:

- verklaart verzoeker niet ontvankelijk in zijn verzoek.

Deze beslissing is gegeven door mr. H.M.J. Quaedvlieg, mr. G.P.C. Dijkshoorn-Sleebe en mr. A.M. Schutte, bijgestaan door mr. M.J.W.D. Janssen, griffier en in het openbaar uitgesproken op 9 januari 2023.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.