Uitspraak · Strafrecht
Rechtbank Limburg, 1 december 2021
ECLI:NL:RBLIM:2021:8971Zaaknummer 03/706585-17 (ontneming)
- Instantie
- Rechtbank Limburg
- Datum uitspraak
- 1 december 2021
- Publicatiedatum
- 1 december 2021
- Zaaknummer
- 03/706585-17 (ontneming)
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
- Zittingsplaats
- Roermond
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Onderzoek Baila. Openbaar ministerie niet-ontvankelijk in vordering ontneming vanwege vrijspraak strafzaak.
De rechtbank:
- verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vordering.
Deze uitspraak is gegeven mr. M.J.A.G. van Baal, voorzitter, mr. R.M.L. HeemskerkPleging en mr. E.G.F. Vliegenberg, rechters, in tegenwoordigheid van mr. O.A.G. Corten en mr. M.J. Dijkhoff, griffiers, en uitgesproken ter openbare zitting van 1 december 2021.
Buiten staat
mr. R.M.L. HeemskerkPleging en mr. E.G.F. Vliegenberg zijn niet in de gelegenheid deze uitspraak mede te ondertekenen.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTbANK Limburg
Zittingsplaats Roermond
Strafrecht
Parketnummer: 03/706585-17 (ontneming)
Tegenspraak
Uitspraak van de meervoudige kamer d.d. 1 december 2021 op de vordering ex artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht
in de zaak tegen:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1978,
wonende te [adresgegevens verdachte],
hierna te noemen: [verdachte].
[verdachte] wordt bijgestaan door mr. A.A.Th.X. Vonken, advocaat, kantoorhoudende te Maastricht.
1 Onderzoek van de zaak
De zaak is inhoudelijk behandeld op de zittingen van 28 en 29 september 2021. [verdachte] en zijn raadsman zijn telkens verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt. Op 1 december 2021 is het onderzoek ter terechtzitting gesloten.
De behandeling van de ontnemingsvordering heeft gelijktijdig plaatsgehad met de behandeling van de strafzaak met parketnummer 03/706585-17. Op 1 december 2021 heeft de rechtbank eerst vonnis gewezen in de strafzaak. Vervolgens is de onderhavige uitspraak gewezen.
2 De vordering van de officier van justitie
Bij voormeld vonnis van 1 december 2021 is [verdachte] integraal vrijgesproken.
Artikel 36e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bepaalt dat op vordering van het openbaar ministerie aan degene die is veroordeeld wegens een strafbaar feit de verplichting kan worden opgelegd tot betaling van een geldbedrag aan de staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Nu [verdachte] is vrijgesproken en dus niet is veroordeeld wegens een strafbaar feit, dient het openbaar ministerie niet-ontvankelijk te worden verklaard in de vordering.
3 De beslissing
De rechtbank:
- verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vordering.
Deze uitspraak is gegeven mr. M.J.A.G. van Baal, voorzitter, mr. R.M.L. HeemskerkPleging en mr. E.G.F. Vliegenberg, rechters, in tegenwoordigheid van mr. O.A.G. Corten en mr. M.J. Dijkhoff, griffiers, en uitgesproken ter openbare zitting van 1 december 2021.
Buiten staat
mr. R.M.L. HeemskerkPleging en mr. E.G.F. Vliegenberg zijn niet in de gelegenheid deze uitspraak mede te ondertekenen.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.