Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Limburg, 31 maart 2021

ECLI:NL:RBLIM:2021:2933Zaaknummer 8864996 \ CV EXPL 20-5554

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
31 maart 2021
Publicatiedatum
12 april 2021
Zaaknummer
8864996 \ CV EXPL 20-5554
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Maastricht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Toegewezen als gevorderd

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

veroordeelt gedaagde partij om aan eisende partij tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 4.303,56, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over € 3.498,96 vanaf 3 november 2020 tot de dag van volledige betaling,

3.2.

veroordeelt gedaagde partij voorts in de kosten van de procedure aan de zijde van eisende partij gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 839,46,

3.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.

type: JEC

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: 8864996 \ CV EXPL 20-5554

Vonnis van de kantonrechter van 31 maart 2021

in de zaak van:

de naamloze vennootschap

LEASEPLAN NEDERLAND N.V.,

gevestigd te Almere,

eisende partij,

gemachtigde Armaere B.V.,

tegen:

[gedaagde], h.o.d.n. [handelsnaam],

wonende [adres],

[woonplaats],

gedaagde partij,

procederende in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- het verzoek om uitstel van gedaagde partij.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De beoordeling

2.1.

Gedaagde partij heeft, na verkregen uitstel niet meer geantwoord. De primaire vordering van eisende partij staat daarom als niet weersproken tussen partijen vast en behoort als onvoldoende betwist te worden toegewezen.

2.2.

Gedaagde partij zal worden veroordeeld in de kosten van de procedure. De kosten aan de zijde van eisende partij worden begroot op:

  • dagvaarding € 91,46
  • griffierecht € 499,00
  • salaris gemachtigde € 249,00 (1 x tarief € 249,00)

totaal € 839,46

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

veroordeelt gedaagde partij om aan eisende partij tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 4.303,56, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over € 3.498,96 vanaf 3 november 2020 tot de dag van volledige betaling,

3.2.

veroordeelt gedaagde partij voorts in de kosten van de procedure aan de zijde van eisende partij gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 839,46,

3.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.

type: JEC

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.