Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Limburg, 11 november 2020

ECLI:NL:RBLIM:2020:8827Zaaknummer 8641526 CV EXPL 20-3376

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
11 november 2020
Publicatiedatum
19 november 2020
Zaaknummer
8641526 CV EXPL 20-3376
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Maastricht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Europees betalingsbevel als ingetrokken beschouwd en proceskostenveroordeling

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

veroordeelt Grand Trans in de proceskosten aan de zijde van BCW gevallen en tot op heden begroot op € 210,00, als salaris gemachtigde,

3.2.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.3.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Deze beslissing is gegeven door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.[_000160e3-8bb3-4abe-bce3-fe8ab92418d6]

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

zaaknummer / rolnummer: 8641526 CV EXPL 20-3376

Vonnis van de kantonrechter van 11 november 2020

in de zaak van

de vennootschap naar buitenlands recht

GRAND TRANS AV SRL,

gevestigd te Roemenië,

eisende partij,

niet verschenen,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BCW TRANSPORT B.V.,

statutair gevestigd te Wijnandsrade, gemeente Beekdaelen,

verwerende partij,

gemachtigde mr. S.L. Smits-Emons.

Partijen worden hierna Grand Trans en BCW genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • de beschikking van de Rechtbank Den Haag van 1 juli 2020,
  • het schrijven van mr. Smits-Emons voor de rol van 26 augustus 2020 waarbij deze zich stelt voor BCW,
  • het schrijven van de griffier d.d. 28 augustus 2020 aan Grand Trans.
1.2.

Vervolgens is de zaak naar de rol verwezen van heden voor vonnis.

2 De beoordeling

2.1.

Door de rechtbank Den Haag is deze procedure verwezen naar de rolzitting van de Rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, van 28 augustus 2020 voor het stellen van partijen (art. 6 lid 3 Uitvoeringswet verordening Europese betalingsbevelprocedure).

BCW is op de rol van 26 augustus 2020 in de procedure bij gemachtigde verschenen.

2.2.

Omdat Grand Trans op de rol van 26 augustus 2020 niet is verschenen, is Grand Trans bij e-mailbericht, verzonden aan [e-mailadres] op 28 augustus 2020, alsnog in de gelegenheid gesteld om te verschijnen op de rol van 9 september 2020. Grand Trans heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.

2.3.

Nu Grand Trans niet is verschenen wordt zij, gelet op het bepaalde in art. 6, lid 3 Uitvoeringswet verordening Europese betalingsbevelprocedure, geacht de zaak te hebben ingetrokken.

2.4.

Grand Trans dient echter wel te worden veroordeeld in de aan de zijde van BCW gemaakte proceskosten.

2.5.

Door BCW is een verweerschrift ingediend. De daarmee gemoeid zijnde kosten worden door de kantonrechter begroot op € 210,00 (1 punt liquidatietarief kanton) als salaris gemachtigde.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

veroordeelt Grand Trans in de proceskosten aan de zijde van BCW gevallen en tot op heden begroot op € 210,00, als salaris gemachtigde,

3.2.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.3.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Deze beslissing is gegeven door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.[_000160e3-8bb3-4abe-bce3-fe8ab92418d6]

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.