Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Limburg, 24 april 2019

ECLI:NL:RBLIM:2019:11834Zaaknummer 7597796 CV EXPL 19-1662

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
24 april 2019
Publicatiedatum
3 december 2025
Zaaknummer
7597796 CV EXPL 19-1662
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Maastricht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

In opdracht verrichten van juridische dienstverlening na geschil met Dexia Bank Nederland BV. gedaagde betwist vordering niet althans onvoldoende. Vordering betaling factuur, wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten geheel toegewezen.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

veroordeelt gedaagde partij om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eisende partij te betalen een bedrag van € 3.637,61, vermeerderd met de wettelijke rente over € 3.193,28 vanaf 10 oktober 2014 tot de dag van volledige betaling, en vermeerderd met de wettelijke rente over € 444,33 (bik) vanaf 27 februari 2019 tot de dag van volledige betaling,

3.2.

veroordeelt gedaagde partij in de proceskosten aan de zijde van eisende partij, tot op heden begroot op € 781,18,

3.3.

veroordeelt gedaagde partij onder de voorwaarde dat deze niet binnen 2 weken na aanschrijving door eisende partij volledig aan bovenstaande veroordelingen voldoet, in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op:

- € 105,00 aan salaris gemachtigde,

- te vermeerderen, indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis,

3.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

3.5.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats: Maastricht

Zaaknummer: 7597796 CV EXPL 19-1662

Vonnis van de kantonrechter van 24 april 2019

in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

LEASEPROCES B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eisende partij,

gemachtigde mr. M.A. Butt,

tegen:

[gedaagde],

wonende [adres],

[woonplaats],

gedaagde partij,

in rechte verschenen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- het antwoord van gedaagde partij.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De beoordeling

2.1.

Uit het antwoord van gedaagde partij is de kantonrechter gebleken dat de vordering van eisende partij niet althans onvoldoende wordt betwist.

2.2.

Ten overvloede merkt de kantonrechter op dat voor het treffen van de door gedaagde partij gewenste betalingsregeling in het kader van deze procedure geen plaats is. Gedaagde partij dient zich daartoe tot eisende partij te wenden.

2.3.

De vordering zal voor het overige worden toegewezen.

2.4.

Gedaagde partij zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van eisende partij worden begroot op:

  • dagvaarding: € 85,18
  • griffierecht: € 486,00
  • salaris gemachtigde: € 210,00 (1 x tarief € 210,00)

Totaal € 781,18

2.5.

De gevorderde nakosten zullen worden toegewezen overeenkomstig de richtlijnen van het LOVCK&T en worden begroot op een half salarispunt conform het liquidatietarief proceskosten met een maximum van € 120,00 aan nakosten salaris.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

veroordeelt gedaagde partij om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eisende partij te betalen een bedrag van € 3.637,61, vermeerderd met de wettelijke rente over € 3.193,28 vanaf 10 oktober 2014 tot de dag van volledige betaling, en vermeerderd met de wettelijke rente over € 444,33 (bik) vanaf 27 februari 2019 tot de dag van volledige betaling,

3.2.

veroordeelt gedaagde partij in de proceskosten aan de zijde van eisende partij, tot op heden begroot op € 781,18,

3.3.

veroordeelt gedaagde partij onder de voorwaarde dat deze niet binnen 2 weken na aanschrijving door eisende partij volledig aan bovenstaande veroordelingen voldoet, in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op:

- € 105,00 aan salaris gemachtigde,

- te vermeerderen, indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis,

3.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

3.5.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.