Uitspraak · Socialezekerheidsrecht
Rechtbank Haarlem, 7 juli 2011
ECLI:NL:RBHAA:2011:BR1492Zaaknummer 11/3360
- Instantie
- Rechtbank Haarlem
- Datum uitspraak
- 7 juli 2011
- Publicatiedatum
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 11/3360
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Onvoldoende aannemelijk dat er sprake is van een verzekeringsplichtige arbeidsrelatie.
Volledige tekst
RECHTBANK HAARLEM
Sector bestuursrecht
zaaknummer: AWB 11 - 3360
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van 7 juli 2011
in de zaak van:
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
verzoeker,
gemachtigde: mr. P.E. Stam, advocaat te Zaandam,
tegen:
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen,
verweerder.
Tegenwoordig: mr. W.J.A.M. van Brussel, voorzieningenrechter, en mr. M.J.M. Oltmans, griffier.
Zitting: 7 juli 2011
Verschenen: Verzoeker in persoon, bijgestaan door zijn gemachtigde.
Verweerder vertegenwoordigd door F.G.E. Houtbeckers.
In zijn verzoek om voorlopige voorziening vraagt verzoeker om verweerder te veroordelen tot het verstrekken van voorschotten op een uitkering op grond van de Ziektewet met ingang van 16 mei 2011.
Bij mondelinge uitspraak van 7 juli 2011 heeft de voorzieningenrechter het verzoek afgewezen.
De voorzieningenrechter heeft daartoe het volgende overwogen.
Het geschil betreft de vraag of verzoeker verzekerd is voor de Ziektewet op grond van zijn werkzaamheden voor Job And Business Support B.V.
De voorzieningenrechter heeft begrip voor de moeilijke positie waarin verzoeker zich bevindt, maar acht op grond van de beschikbare gegevens en hetgeen ter zitting besproken is thans onvoldoende aannemelijk dat er sprake is geweest van een verzekeringsplichtige arbeidsrelatie.
Verweerder heeft terecht gesteld dat een nader onderzoek nodig is om meer zekerheid te verkrijgen.
Verweerder heeft thans terecht twijfel over Job And Business Support B.V. als werkgever. Hierbij heeft de voorzieningenrechter betrokken dat de werkgever tot eergisteren nog niet bekend was bij verweerder; hetgeen bevreemd bij een uitzendbureau; er was tot eergisteren geen aanmelding van verzoekers arbeidsrelatie bij verweerder en er was geen afdracht van premies. Ook het feit dat verzoeker slechts kort gewerkt heeft voordat hij wegens ziekte is uitgevallen heeft de voorzieningenrechter hierbij betrokken.
Tevens is er nauwelijks bewijs voor de aanwezigheid van een dienstbetrekking. De wel aanwezige arbeidsovereenkomst en loonstroken zijn hiertoe onvoldoende overtuigend. Er is niet aangetoond dat de contante loonbetalingen ook daadwerkelijk zijn gedaan.
Er zijn thans ook geen verklaringen van derden hoe verzoeker zijn werkzaamheden feitelijk heeft uitgeoefend.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal,
(griffier) (voorzieningenrechter)
afschrift verzonden op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.