Uitspraak · Strafrecht

Rechtbank Gelderland, 29 mei 2026

ECLI:NL:RBGEL:2026:4312Zaaknummer 05.259686.25 herstelvonnis

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
29 mei 2026
Publicatiedatum
1 juni 2026
Zaaknummer
05.259686.25 herstelvonnis
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats
Zutphen
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Herstelvonnis in 05.259686.25.

Volledige tekst

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Zutphen

Parketnummer: 05.259686.25

Datum uitspraak: 26 mei 2026

Datum verbetering: 29 mei 2026

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[verdachte],

geboren op [geboortedag] 1956 in [geboorteplaats],

wonende aan [adres] in [woonplaats].

Raadsvrouw: mr. N.R. Pronk, advocaat in Putten.

1. Overwegingen

Op 26 mei 2026 heeft de rechtbank eindvonnis gewezen in de strafzaak tegen verdachte onder genoemde parketnummers. In het vonnis staat onder ‘10. De Beslissing’:

 legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [minderjarige], een bedrag te betalen van € 6.766,69 aan materiële schade/smartengeld. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf rente vanaf 13 september 2025 voor wat betreft de materiële schade en 1 juli 2024 voor wat betreft het smartengeld tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 58 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;

Hierbij is de datum van de wettelijke rente ten aanzien van het smartengeld bij de schadevergoedingsmaatregel abusievelijk foutief vermeld. Zoals volgt uit de overweging onder 8 en de toegewezen wettelijke rente ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij onder 10 wijst de rechtbank de wettelijke rente toe vanaf 3 augustus 2024.

Met dit herstelvonnis wordt dit gebrek hersteld.

De rechtbank bepaalt dat het hierboven vermelde dient te luiden:

 legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [minderjarige], een bedrag te betalen van € 6.766,69 aan materiële schade/smartengeld. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf rente vanaf 13 september 2025 voor wat betreft de materiële schade en 3 augustus 2024 voor wat betreft het smartengeld tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 58 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;

Dit herstelvonnis laat het oorspronkelijke vonnis voor zover niet gewijzigd, volledig in stand en vormt een onverbrekelijk geheel met het oorspronkelijke vonnis en doet geen nieuwe termijn voor hoger beroep ingaan. De griffier zal dit herstelvonnis hechten aan het oorspronkelijke vonnis en aan partijen toezenden (HR 12 juni 2012, LJN: BW1478; NJ 2012/490).

Dit herstelvonnis is opgemaakt door mr. E.H.T. Rademaker (voorzitter), mr. W.H.S. Duinkerke en mr. M.S. de Vries, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.I. Tuk, griffier.

mr. De Vries is buiten staat dit herstelvonnis mede te ondertekenen.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.