Uitspraak · Verbintenissenrecht
Rechtbank Gelderland, 15 april 2026
ECLI:NL:RBGEL:2026:2847Zaaknummer 11955209
- Instantie
- Rechtbank Gelderland
- Datum uitspraak
- 15 april 2026
- Publicatiedatum
- 29 april 2026
- Zaaknummer
- 11955209
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Verbintenissenrecht
- Procedure
- Bodemzaak, Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Consumentenrecht, artikel 6:230 m lid 1 aanhef en sub h BW. Toepassing van de richtlijn Sanctiemodel informatieverplichtingen.
3 De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt [de gedaagde] om aan Mega Energie te betalen een bedrag van € 1.118,70, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 1.842,35 vanaf de respectieve vervaldata van de facturen tot aan de dag van volledige voldoening, rekening houdend met de door [de gedaagde] verrichte (deel)betalingen en het bepaalde in artikel 6:43 lid 1 en 2 BW,
veroordeelt [de gedaagde] in de proceskosten van € 822,16, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [de gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
| Dit vonnis is gewezen door mr. W. van der Boon en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026. |
53854\415
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Arnhem
Zaaknummer: 11955209 \ CV EXPL 25-8830
Vonnis van 15 april 2026
in de zaak van
MEGA ENERGIE B.V.,
te Rotterdam,
eisende partij,
hierna te noemen: Mega Energie,
gemachtigde: Agin Timmermans Bergen op Zoom,
tegen
[naam gedaagde],
te [woonplaats],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [de gedaagde],
procederend in persoon.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 18 februari 2026- de akte van Mega Energie met productie 1 en 2;- de akte van [de gedaagde].
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De verdere beoordeling
De kantonrechter blijft bij hetgeen in het tussenvonnis is overwogen en beslist, tenzij daarvan in het navolgende wordt afgeweken.
Ambtshalve toetsing
Bij voormelde tussenvonnis zijn Mega Energie en [de gedaagde] in de gelegenheid gesteld om te reageren op het voornemen van de kantonrechter om de betalingsverplichting van [de gedaagde] te verminderen wegens een schending van de (pre)contractuele informatieverplichtingen. Bij akte hebben Mega Energie en [de gedaagde] van die gelegenheid gebruik gemaakt.
Mega Energie heeft bij akte gesteld dat en hoe zij volgens haar wel voldaan heeft aan haar (pre)contractuele informatieverplichtingen. Volgens Mega Energie heeft zij de vereiste informatie vermeld in de algemene voorwaarden. In artikel 2.2 van de algemene voorwaarden staat het herroepingsrecht omschreven en kan de consument de aanmelding middels het invullen van het contactformulier annuleren, aldus Mega Energie. Mega Energie heeft daarbij ook gewezen op het Titeka-arrest van het Europese Hof van Justitie.
[de gedaagde] heeft in zijn akte aangevoerd dat hij zich kan vinden in de toepassing van de richtlijn Sanctiemodel informatieplichten en de daarbij behorende sanctie om de betalingsverplichting met 20% te verminderen.
De kantonrechter stelt, voor de vraag of Mega Energie voldaan heeft aan haar (pre)contractuele informatieverplichtingen, voorop dat in artikel 6: 230m lid 1 aanhef en sub h van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) is bepaald dat, voordat de consument gebonden is aan een overeenkomst op afstand of een overeenkomst buiten verkoopruimte, de handelaar de consument op duidelijke en begrijpelijke wijze de voorwaarden, de termijn en de modaliteiten voor het recht van ontbinding, alsmede het modelformulier voor ontbinding verstrekt. De precontractuele informatie mag ook in de algemene voorwaarden worden verstrekt als – kort gezegd – aan de eisen van het Tiketa-arrest (ECLI:EU:C:2022:112) is voldaan. Op grond van dit arrest mag precontractuele informatie weliswaar in algemene voorwaarden worden opgenomen, mits die informatie op duidelijke en begrijpelijke wijze ter kennis van de consument wordt gebracht. Ook moet de consument tijdens het bestelproces er wel op worden gewezen dat (en waar) deze informatie in de algemene voorwaarden te vinden is. Gesteld noch gebleken is dat dit is gebeurd. [de gedaagde] is tijdens het bestelproces onvoldoende concreet gewezen dat en waar voormelde informatie in de algemene voorwaarden te vinden is. Ook is in de duurzame gegevensdrager geen informatie te vinden over het herroepingsrecht. [de gedaagde] moet via een link in de bevestigingsmail naar een contactformulier en vervolgens zelf op zoek gaan naar de informatie om te kunnen annuleren. Mega Energie heeft daarmee niet voldaan aan de hiervoor geformuleerde eisen.
De kantonrechter is, mede gelet op het tussenvonnis van 18 februari 2026 en gelet op al het voorgaande, van oordeel dat de overeenkomst gedeeltelijk moet worden vernietigd door de betalingsverplichting van [de gedaagde] met 20% te verminderen. Dit betekent dat
[de gedaagde] in beginsel (maximaal) een bedrag van € 1.842,35 verschuldigd is.
Inhoudelijk
Zoals in voormeld tussenvonnis reeds is overwogen, is tussen partijen niet in geschil dat partijen een overeenkomst zijn aangegaan voor de levering van gas en elektriciteit op het adres van [de gedaagde] door Mega Energie. Evenmin dat partijbetalingsregeling zijn overeengekomen. Het geschil tussen partijen spitst zich vervolgens met name toe op de betwisting van de eindafrekening en het hoge verbruik.
De kantonrechter stelt vast dat [de gedaagde] diverse betalingsregelingen met Mega Energie is aangegaan (zie r.ov. 2.4, 2.5 en 2.6 in het tussenvonnis van 18 februari 2026). [de gedaagde] heeft door het aangaan van deze betalingsregelingen ook de hoogte van de termijnbedragen en de eindafrekening erkend. [de gedaagde] is derhalve in beginsel gehouden om de in rekening gebrachte termijnbedragen en de eindafrekening te voldoen. Daarbij neemt de kantonrechter ook in overweging dat aangevoerd noch gebleken is dat [de gedaagde] voor het aangaan van de diverse betalingsregelingen bezwaar heeft gemaakt tegen de in rekening gebrachte termijnbedragen, jaarafrekening en de in de jaarafrekening gehanteerde meterstanden. Dit klemt naar het oordeel van de kantonrechter te meer daar door [de gedaagde] ook niet (gemotiveerd) is weersproken dat hij geen meterstanden aan Mega Energie heeft doorgegeven. Krachtens de van toepassing zijnde algemene voorwaarden heeft Mega Energie het verbruik van [de gedaagde] vervolgens berekend. Het had op de weg van [de gedaagde] gelegen om, indien hij van mening was dat de meterstanden op de eindafrekening onjuist waren, dit aan Mega Energie door het geven. Ook dit volgt uit algemene voorwaarden. Dat dit is gebeurd, is aangevoerd noch gebleken. [de gedaagde] kan dit derhalve niet (meer) aan Mega Energie tegenwerpen. Het staat toewijzing van de vordering dan ook niet in de weg.
Buitengerechtelijke kosten
Mega Energie heeft aanspraak gemaakt op vergoeding van buitengerechtelijke kosten. Het in de dagvaarding genoemde bedrag van € 345,44 is hoger dan in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke kosten bepaalde tarief dat hoort bij het bedrag van € 1.842,35 aan (maximale) hoofdsom dat [de gedaagde] verschuldigd is. De kantonrechter wijst, gelet op het voorgaande, daarom een bedrag van € 276,35 aan buitengerechtelijke kosten toe.
Resumerend wijst de kantonrechter, mede gelet op al het voorgaande en de door [de gedaagde] verrichte (deel)betalingen van € 1.000,00, een bedrag van € 1.118,70 (€ 1.842,35 aan hoofdsom en € 276,35 aan buitengerechtelijke kosten minus € 1.000,00 aan (deel)betalingen) toe. Aangezien [de gedaagde] geen separaat verweer heeft gevoerd tegen de gevorderde wettelijke rente wijst de kantonrechter deze toe over € 1.842,35, zijnde de (maximale) hoofdsom, vanaf de respectieve vervaldata van de facturen tot aan de dag van volledige voldoening. Mega Energie dient daarbij wel rekening te houden met de door [de gedaagde] verrichte (deel)betalingen en het bepaalde in artikel 6:43 lid 1 en 2 BW.
[de gedaagde] is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Mega Energie worden, gelet op het toegewezen deel van de vordering, begroot op:
| - kosten van de dagvaarding | € | 122,16 | |
| - griffierecht | € | 340,00 | |
| - salaris gemachtigde | € | 288,00 | (2 punten × € 144,00) |
| - nakosten | € | 72,00 | (plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing) |
| Totaal | € | 822,16 |
3 De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt [de gedaagde] om aan Mega Energie te betalen een bedrag van € 1.118,70, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 1.842,35 vanaf de respectieve vervaldata van de facturen tot aan de dag van volledige voldoening, rekening houdend met de door [de gedaagde] verrichte (deel)betalingen en het bepaalde in artikel 6:43 lid 1 en 2 BW,
veroordeelt [de gedaagde] in de proceskosten van € 822,16, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [de gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
| Dit vonnis is gewezen door mr. W. van der Boon en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026. |
53854\415
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.