Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Gelderland, 22 oktober 2025

ECLI:NL:RBGEL:2025:9029Zaaknummer 11722608

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
22 oktober 2025
Publicatiedatum
29 oktober 2025
Zaaknummer
11722608
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Op tegenspraak, Tussenuitspraak
Zittingsplaats
Arnhem
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

tussenvonnis, vordering van onbepaalde waarde, partijen mogen zich uitlaten over voornemen tot verwijzing.

4 De beslissing

De kantonrechter

4.1.

bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van woensdag 19 november 2025 voor het nemen van een akte door [eiser 1] c.s. over wat is vermeld in r.o. 3.1., waarna Kinkelder Holding op de rol van vier weken weken daarna een antwoordakte kan nemen,

4.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. L.J.P. Lambooij en in het openbaar uitgesproken op 22 oktober 2025.

44356 \ 53331

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 Het geschil
  3. 3 De beoordeling
  4. 4 De beslissing

RECHTBANK GELDERLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Arnhem

Zaaknummer: 11722608 \ CV EXPL 25-4464

Vonnis van 22 oktober 2025

in de zaak van

1 [eiser 1],

wonende te [woonplaats],

toevoegingsnummer: [nr.]2. [eiser 2],

wonende te [woonplaats] ,3. [eiser 3],

wonende te [woonplaats],

toevoegingsnummer: [nr.]

eisende partijen,

hierna samen te noemen: [eiser 1] c.s.,

gemachtigde: mr. A. Unalan,

tegen

KINKELDER HOLDING B.V.,

gevestigd te Zevenaar,

gedaagde partij,

hierna te noemen: Kinkelder Holding,

gemachtigde: mr. T.F.B.A. Gilsing.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties van 16 mei 2025,

- het eenstemmig verzoek van partijen tot aanhouding van de procedure, - de akte van [eiser 1] c.s., - de akte van Kinkelder Holding.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil

2.1.

[eiser 1] c.s. vordert, na eisvermeerdering, bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad en op de minuut,

- Kinkelder Holding te veroordelen om binnen 48 uur na betekening van het vonnis de klimaatinstallatie, welke grenst aan de woningen van [eiser 1] c.s. te verwijderen en verwijderd te houden, op straffe van een dwangsom van € 200,00 per dag dat deze niet is verwijderd, met een maximum van € 30.000,00, althans een door de kantonrechter te bepalen bedrag,

- Kinkelder Holding te veroordelen tot betaling aan [eiser 1], [eiser 2] en [eiser 3], ieder afzonderlijk, een bedrag van € 5.000,00 ter zake immateriële schadevergoeding, althans een door de kantonrechter te bepalen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding tot de dag van volledige betaling,

- met veroordeling van Kinkelder Holding in de volledige proceskosten, daaronder begrepen het salaris gemachtigde, griffierecht, deurwaarderskosten en nakosten.

2.2.

[eiser 1] c.s. legt aan zijn vorderingen ten grondslag dat Kinkelder Holding onrechtmatig heeft gehandeld door geluidshinder te veroorzaken. Door deze geluidshinder is het woongenot aangetast, is sprake van vermoeidheid en psychische klachten en is de persoonlijke levenssfeer van [eiser 1] c.s. geschonden. Op grond van artikel 6:106 lid 1 onder b BW heeft [eiser 1] c.s. recht op een immateriële schadevergoeding.

2.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

3 De beoordeling

3.1.

De vordering betreft onder meer de verwijdering van de klimaatinstallatie. De kantonrechter dient op grond van artikel 71 lid 2 Rv ambtshalve te onderzoeken of hij bevoegd is kennis te nemen van het geschil. Het gevorderde is van onbepaalde waarde. De kantonrechter is, gelet op het voorgaande en het bepaalde in artikel 93 Rv, voornemens om de zaak te verwijzen naar een kamer voor andere zaken dan kantonzaken. De kantonrechter stelt partijen in de gelegenheid zich daarover uit te laten. Indien [eiser 1] c.s. zijn vordering wenst te verminderen omdat de klimaatinstallatie reeds is verwijderd, kan hij dat eveneens aangeven.

3.2.

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

4 De beslissing

De kantonrechter

4.1.

bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van woensdag 19 november 2025 voor het nemen van een akte door [eiser 1] c.s. over wat is vermeld in r.o. 3.1., waarna Kinkelder Holding op de rol van vier weken weken daarna een antwoordakte kan nemen,

4.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. L.J.P. Lambooij en in het openbaar uitgesproken op 22 oktober 2025.

44356 \ 53331

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.