Uitspraak · Bestuursprocesrecht

Rechtbank Gelderland, 27 maart 2023

ECLI:NL:RBGEL:2023:1645Zaaknummer AWB – 23 _ 1739

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
27 maart 2023
Publicatiedatum
29 maart 2023
Zaaknummer
AWB – 23 _ 1739
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Bestuursprocesrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Arnhem
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Eiser heeft bij verweerder een aanvraag ingediend in een grensoverschrijdend geschil als bedoeld in Richtlijn 2002/8/EG. Voordat de centralisatie van de raden voor rechtsbijstand plaatsvond werd een aanvraag zoals eiser heeft gedaan ingediend bij de Raad voor Rechtsbijstand ’s-Gravenhage. Gelet op een uitspraak van de hoogste bestuursrechter is de rechtbank Den Haag dan ook bevoegd over het beroep te oordelen.

De rechtbank Gelderland:

- verklaart zich niet bevoegd;

- verwijst de beroepen naar de rechtbank Den Haag ter verdere behandeling.

Deze uitspraak is gedaan door mr. H.J. Klein Egelink, rechter, in aanwezigheid van mr. K.V. van Weert, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 27 maart 2023

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [Eiser A] te [plaats B] , eiser
  2. Inleiding
  3. Overwegingen
  4. Beslissing
  5. Bent u het niet eens met deze uitspraak?

RECHTBANK GELDERLAND

Bestuursrecht

zaaknummers: ARN 23/1737 en 23/1739

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 maart 2023

in de zaken tussen

[Eiser A] te [plaats B] , eiser

en

het bestuur van de Raad voor Rechtsbijstand, verweerder.

Inleiding

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiser dat hij heeft ingesteld in verband met zijn verzoeken aan de Raad met betrekking tot geschillen over rechtsbijstand die hij heeft in Duitsland, Spanje en België. Eiser heeft de verzoeken aan de Raad gedaan op 5 augustus, 3 augustus en 29 juli 2021.

Op 18 en 19 augustus 2021 heeft de Raad per e-mail op deze verzoeken gereageerd. Daarin deelt de Raad eiser mede niet aan de verzoeken mee te werken (de reacties).

De Raad heeft op 7 maart 2022 het bezwaar dat eiser heeft gemaakt tegen de reacties van de Raad niet-ontvankelijk verklaard (het bestreden besluit).

De rechtbank Oost-Brabant heeft op 9 december 2022 uitspraak gedaan. De rechtbank Oost-Brabant heeft zich onbevoegd verklaard om van de beroepen kennis te nemen en heeft de beroepen verwezen naar de rechtbank Gelderland.[_97b4da61-2c5b-4ad2-bc62-7e0b7fcc6e0a]

Overwegingen

1. Omdat de rechtbank Gelderland kennelijk niet bevoegd is van de beroepen van eiser kennis te nemen, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De rechtbank Gelderland legt hierna uit waarom zij kennelijk niet bevoegd is van de beroepen kennis te nemen.

2. Eiser heeft bij verweerder een aanvraag ingediend in een grensoverschrijdend geschil als bedoeld in Richtlijn 2002/8/EG. Voordat de centralisatie van de raden voor rechtsbijstand plaatsvond werd een aanvraag zoals eiser heeft gedaan ingediend bij de Raad voor Rechtsbijstand ’s-Gravenhage.[_784bbc33-8036-4c8b-89c6-08a3a5996094] Gelet op een uitspraak van de hoogste bestuursrechter is deze rechtbank dan ook bevoegd over het beroep te oordelen, en niet de rechtbank Gelderland (en evenmin de rechtbank Oost-Brabant).[_ae689ede-bea4-4cbb-ae23-0b562b014c44]

De rechtbank Gelderland wijst in dit verband op de haar ambtshalve bekende uitspraak van 20 april 2022 van de rechtbank Den Haag, eveneens gewezen tussen eiser en verweerder.[_ba7fd877-b525-41b9-b1f3-fc0ccdafd6f0]

3. De rechtbank Gelderland is kennelijk niet bevoegd.

Beslissing

De rechtbank Gelderland:

- verklaart zich niet bevoegd;

- verwijst de beroepen naar de rechtbank Den Haag ter verdere behandeling.

Deze uitspraak is gedaan door mr. H.J. Klein Egelink, rechter, in aanwezigheid van mr. K.V. van Weert, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 27 maart 2023

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.