Uitspraak · Strafrecht
Rechtbank Gelderland, 5 juli 2018
ECLI:NL:RBGEL:2018:3754Zaaknummer 05/880674-18
- Instantie
- Rechtbank Gelderland
- Datum uitspraak
- 5 juli 2018
- Publicatiedatum
- 30 augustus 2018
- Zaaknummer
- 05/880674-18
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Beschikking raadkamer gevangenhouding
Beslissing
Verlengt de geldigheidsduur van het bevel tot gevangenhouding van verdachte voor een termijn van 60 (zestig) dagen.
| Deze beschikking is gegeven op 5 juli 2018 door mr. C.E.W. van de Sande als voorzitter, mr. K. Gilhuis en mr. M.G.E. ter Hart, rechters, in tegenwoordigheid van P. Willems, griffier, en ondertekend door de voorzitter en de griffier. |
De officier van justitie gelast de tenuitvoerlegging van vorenstaande
beschikking en brengt deze ter kennis van verdachte.
Arnhem, Gezien op
de officier van justitie, de directeur van
het huis van bewaring.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Arnhem
Parketnummer: 05/880674-18
Rolnummer: 22
beschikking van de meervoudige raadkamer
in de zaak van
de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland
tegen
[verdachte]
geboren op [geboortedatum] 1974 te [geboorteplaats], wonende te [adres],
thans gedetineerd te PI Vught, Nieuw Vosseveld Bijz.Afd..
Raadsman: mr. F.G.W.M. Huijbers, advocaat te Nijmegen.
De raadsman van verdachte is bij de behandeling in raadkamer verschenen.
Procedure
De raadkamer heeft te beslissen op de vordering van de officier van justitie van 5 juli 2018, strekkende tot verlenging van de gevangenhouding van voornoemde verdachte.
De vordering is heden behandeld door de raadkamer. De officier van justitie heeft verlenging van de gevangenhouding gevorderd voor de duur van 60 (zestig) dagen.
De officier van justitie heeft meegedeeld dat het openbaar ministerie voornemens is verdachte te dagvaarden tegen de zitting van 7 september 2018 (pro forma).
De raadkamer heeft kennisgenomen van de processtukken, waaronder een bevel tot
gevangenhouding verleend op 7 juni 2018.
De raadkamer is, na onderzoek van de stukken en gelet op hetgeen in raadkamer
naar voren is gebracht, van oordeel dat de verdenking, bezwaren en recidivegrond, die
voor een gedeelte van feit 2 tot het bevel tot gevangenhouding hebben geleid, ook thans nog bestaan, met dien verstande dat de onderzoeksgrond is komen te vervallen.
Gelet op de huidige stand van het opsporingsonderzoek acht de raadkamer de ernstige bezwaren ten aanzien van feit 1 en het terroristisch oogmerk van feit 2 niet langer aanwezig.
Weliswaar heeft de raadkamer op 7 juni 2018 op dat moment (en bij de stand van het dossier zoals dat toen was) wel ernstige bezwaren aangenomen ten aanzien van feit 1 en het terroristisch oogmerk van feit 2. De raadkamer heeft op 7 juni 2018 echter slechts de gevangenhouding voor de duur van dertig (30) dagen toegewezen, omdat zij nader geïnformeerd wilde worden over de verdere resultaten van het lopende onderzoek. Dat heeft geleid tot nadere onderzoeksresultaten. Op basis van de huidige (en omvangrijkere) stand van het dossier stelt de raadkamer vast dat verdachte weliswaar langere tijd actief dubieuze handelingen/inspanningen heeft verricht en ook verschillende malen verontrustende uitlatingen heeft gedaan. Onvoldoende concreet wordt echter dat verdachte dit zou hebben gedaan met oogmerk ter voorbereiding en/of ter bevordering van misdrijven met een terroristisch oogmerk. Daarom neemt de raadkamer niet langer ernstige bezwaren aan voor feit 1 en het terroristisch oogmerk van feit 2.
De raadkamer acht tevens de grond van de geschokte rechtsorde niet langer aanwezig.
De raadkamer is van oordeel dat er ernstige bezwaren aanwezig zijn gelet op:
- de onderzoeksresultaten naar aanleiding van de doorzoeking, in het bijzonder het aantreffen van wapen(s) en munitie.
Het bestaan van de recidivegrond blijkt uit de navolgende omstandigheid:
Verdachte is blijkens zijn justitiële documentatie eerder met politie en justitie in aanraking gekomen voor strafbare feiten en hij is hiervoor ook veroordeeld. De in deze veroordelingen gelegen waarschuwingen hebben verdachte er kennelijk niet van weerhouden opnieuw een strafbaar feit te plegen. Dit maakt dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden, dat verdachte een misdrijf zal begaan waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van zes jaren of meer is gesteld en/of waardoor de gezondheid of veiligheid van personen in gevaar kan worden gebracht, dan wel algemeen gevaar voor goederen kan ontstaan.
Beslissing
Verlengt de geldigheidsduur van het bevel tot gevangenhouding van verdachte voor een termijn van 60 (zestig) dagen.
| Deze beschikking is gegeven op 5 juli 2018 door mr. C.E.W. van de Sande als voorzitter, mr. K. Gilhuis en mr. M.G.E. ter Hart, rechters, in tegenwoordigheid van P. Willems, griffier, en ondertekend door de voorzitter en de griffier. |
De officier van justitie gelast de tenuitvoerlegging van vorenstaande
beschikking en brengt deze ter kennis van verdachte.
Arnhem, Gezien op
de officier van justitie, de directeur van
het huis van bewaring.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.