Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Den Haag, 19 februari 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:6110Zaaknummer C/09/697673 / FA RK 26-349
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 19 februari 2026
- Publicatiedatum
- 1 april 2026
- Zaaknummer
- C/09/697673 / FA RK 26-349
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Voorlopige voorziening, Beschikking
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Voorlopige voorzieningen: uitsluitend gebruik echtelijke woning, toevertrouwing van de kinderen en voorlopige kinderalimentatie
De rechtbank:
*
bepaalt dat de vrouw ten opzichte van de man bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning aan de Nieuwersluisstraat 81 (2546 RR) te Den Haag en beveelt mitsdien dat de man die woning dient te verlaten en verder niet mag betreden;
*
bepaalt dat de minderjarigen:
- [de minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2011 te [geboorteplaats];
- [de minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2018 te [geboorteplaats];
aan de vrouw zullen worden toevertrouwd;
*
bepaalt dat de man aan de vrouw, met ingang van 12 januari 2026 voorlopig een kinderalimentatie ten behoeve van voornoemde minderjarigen van € 100,- per maand per kind zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
*
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
*
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is gegeven door mr. E.G. Nuboer, (kinder)rechter, bijgestaan door mr. F.M. Wijvekate als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 19 februari 2026. |
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 26-349
Zaaknummer: C/09/697673
Datum beschikking: 19 februari 2026
Voorlopige voorzieningen
Beschikking op het op 12 januari 2026 ingekomen verzoek van:
[de vrouw],
de vrouw,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. D. Vurdelja te Den Haag.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de man],
de man,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. L.M. Dragtenstein te Amsterdam.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift;
- het F9-formulier van 4 februari 2026 van de zijde van de vrouw, met bijlagen;
- het F7-formulier van 4 februari 2026 van de zijde van de man, met bijlage;
- het F9-formulier van 5 februari 2026 van de zijde van de vrouw.
De rechtbank heeft partijen opgeroepen voor de zitting van 5 februari 2026. Omdat de vader voor de zitting een referteverklaring heeft ingediend, heeft de zitting geen doorgang gevonden.
De minderjarige [de minderjarige 1] heeft zich in raadkamer uitgelaten over het verzoek.
Feiten
- Partijen zijn met elkaar gehuwd op 4 januari 2014 te Suriname.
- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
- [de minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2011 te [geboorteplaats],
- [de minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2018 te [geboorteplaats].
Verzoek en verweer
Het verzoek van de vrouw strekt er – na wijziging – toe dat:
- de minderjarige kinderen van partijen aan de vrouw worden toevertrouwd;
- de vrouw gerechtigd zal zijn tot het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning te [adres], met inbegrip van de inboedel, met het bevel dat de man die woning dient te verlaten en verder niet mag betreden en onder de bepaling dat de vrouw deze af te geven beschikking ten uitvoer kan leggen met behulp van de sterke arm van politie en justitie;
- een door de man aan de vrouw te betalen voorlopige kinderalimentatie van € 100,- per maand per kind wordt vastgesteld, met ingang van de datum indiening verzoekschrift, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
De man refereert zich aan het oordeel van de rechtbank.
Beoordeling
Rechtsmacht en toepasselijk recht
De Nederlandse rechter komt in deze zaak rechtsmacht toe. De rechtbank past in deze voorlopige- voorzieningenprocedure Nederlands recht toe.
Toevertrouwing van de kinderen
De vrouw verzoekt de kinderen voor de duur van de echtscheidingsprocedure aan haar toe te vertrouwen. Omdat de man zich refereert aan het oordeel van de rechtbank en niet is gebleken dat het belang van de kinderen zich tegen toewijzing van het verzoek verzet, zal de rechtbank daartoe overgaan.
Uitsluitend gebruik van de echtelijke woning
Ook wat betreft het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning aan de vrouw, heeft de man zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Omdat de rechtbank uit de stukken is gebleken dat de woning niet toebehoort aan partijen maar aan een kennis van hen, zal de rechtbank bepalen dat de toewijzing van het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning alleen geldt in de onderlinge verhouding tussen partijen. De rechtbank zal het verzoek van de vrouw dus toewijzen.
Het verzoek om te bepalen dat dit uitsluitend gebruik ‘met inbegrip van de inboedel’ is, zal de rechtbank bij gebrek aan belang afwijzen. Bij toewijzing van het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning aan een partij is die partij ook uitsluitend gerechtigd tot de tot die woning behorende inboedelgoederen, voor zover niet bij rechterlijke beschikking tot het dagelijks gebruik aan de andere partij toegewezen.
Daarnaast zal de rechtbank het verzoek om de beschikking ten uitvoer te doen leggen met behulp van de sterke arm van de politie en justitie bij gebrek aan belang afwijzen. Uit de toelichting op de tekst van artikel 822, eerste lid, aanhef en onder a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) volgt dat het te geven bevel zelf al de titel verschaft om tot ontruiming van de echtelijke woning met behulp van de sterke arm over te gaan. De verzochte machtiging is daarvoor niet noodzakelijk.
Kinderalimentatie
Tot slot heeft de man zich wat betreft de door de vrouw verzochte voorlopige kinderalimentatie van € 100,- per maand per kind aan het oordeel van de rechtbank gerefereerd. De rechtbank zal daarom ook dit verzoek van de vrouw als onweersproken toewijzen.
Beslissing
De rechtbank:
*
bepaalt dat de vrouw ten opzichte van de man bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning aan de Nieuwersluisstraat 81 (2546 RR) te Den Haag en beveelt mitsdien dat de man die woning dient te verlaten en verder niet mag betreden;
*
bepaalt dat de minderjarigen:
- [de minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2011 te [geboorteplaats];
- [de minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2018 te [geboorteplaats];
aan de vrouw zullen worden toevertrouwd;
*
bepaalt dat de man aan de vrouw, met ingang van 12 januari 2026 voorlopig een kinderalimentatie ten behoeve van voornoemde minderjarigen van € 100,- per maand per kind zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
*
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
*
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is gegeven door mr. E.G. Nuboer, (kinder)rechter, bijgestaan door mr. F.M. Wijvekate als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 19 februari 2026. |
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.