Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 17 maart 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:5619Zaaknummer NL26.3739 en NL26.3738

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
17 maart 2026
Publicatiedatum
17 maart 2026
Zaaknummer
NL26.3739 en NL26.3738
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Vereenvoudigde behandeling
Zittingsplaats
Groningen
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

bnt, asiel

De rechtbank:

  • verklaart de beroepen gegrond;
  • vernietigt het, met een besluit gelijk te stellen, niet tijdig nemen van een besluit;
  • draagt de minister op om binnen acht weken na de dag van het bekendmaken van deze uitspraak alsnog een besluit op de aanvragen bekend te maken;
  • bepaalt dat de minister aan eisers gezamenlijk een dwangsom van € 100,- moet betalen voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,-;
  • veroordeelt de minister in de proceskosten van eisers gezamenlijk tot een bedrag van € 467,-.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van

A.S. van der Veen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Inleiding
  2. Beoordeling door de rechtbank
  3. Welke beslistermijn legt de rechtbank de minister op?
  4. Conclusie en gevolgen
  5. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummers: NL26.3739 en NL26.3738

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen

[naam],

V-nummer: [nummer],

[naam],

V-nummer: [nummer],

mede namens het minderjarige kind:

[naam], geboren op [geboortedatum],

gezamenlijk: eisers,

(gemachtigde: mr. S.R. Nohar),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over de opvolgende beroepen die eisers hebben ingediend, omdat de minister niet op tijd zou hebben beslist op de asielaanvragen van 27 november 2023.

1.1.

De rechtbank doet uitspraak zonder zitting.[_e1bfe2c9-6347-4c65-96f6-6bdd5338fef5]

Beoordeling door de rechtbank

Zijn de beroepen ontvankelijk en kennelijk gegrond?

2. Wanneer de rechtbank een concrete nadere beslistermijn heeft gesteld en deze ongebruikt is verstreken, is het indienen van een ingebrekestelling niet noodzakelijk. 2.1. In de uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats Zwolle, van 29 april 2025 is een nadere beslistermijn opgelegd van 16 weken (NL25.13885 en NL25.13906). De minister heeft niet binnen deze termijn beslist.

3. De beroepen zijn ontvankelijk en kennelijk gegrond.

Welke beslistermijn legt de rechtbank de minister op?

4. De minister moet alsnog een besluit nemen op de aanvragen.[_1cb94872-c95f-4765-9d8f-329ef5d8c398] De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) heeft geoordeeld dat bij het bepalen van een nieuwe beslistermijn rekening moet worden gehouden met het ‘8+8 wekenmodel’.[_3fd1069b-b47c-428e-a141-0c31eb1aec59]

5. De rechtbank oordeelt dat in de gevallen waarin, zoals hier, de bovengrens van 21 maanden[_1fadc5ca-2e93-4380-a90a-32337decb603] is overschreden een kortere beslistermijn passend is. Dit betekent dat de minister binnen een termijn van acht weken een besluit moet nemen. De termijn begint op de dag na het bekendmaken van deze uitspraak.

Welke dwangsom legt de rechtbank op?

6. De rechtbank legt alleen een rechterlijke dwangsom op.[_6d34c1f0-8a24-40e5-bcfa-03845b8b5b70]

7. De rechtbank bepaalt dat de minister aan eisers gezamenlijk opnieuw een dwangsom van € 100,- per dag moet betalen als hij de door de rechtbank opgelegde beslistermijn overschrijdt. Hierbij geldt opnieuw een maximum van € 15.000,-.[_ceded97f-e6d2-4abf-8acf-ef5cdcb99226]

Conclusie en gevolgen

8. De beroepen zijn kennelijk gegrond. Dat betekent dat eisers gelijk krijgen en de minister acht weken de tijd krijgt om alsnog een besluit te nemen. Doet de minister dat niet, dan is hij aan eisers gezamenlijk een dwangsom verschuldigd.

9. De minister moet de door eisers gezamenlijk gemaakte proceskosten vergoeden. De rechtbank stelt vast dat sprake is van samenhangende zaken.[_d4d41aaf-c460-4aa6-a6cb-909916b9184d] De rechtsbijstand is verleend door dezelfde persoon, waarbij de werkzaamheden in elk van de zaken nagenoeg identiek zijn. Deze kosten stelt de rechtbank voor eisers gezamenlijk vast op € 467,-.[_d4a79486-012e-4eef-a9d7-59e9aa300c23]

Beslissing

De rechtbank:

  • verklaart de beroepen gegrond;
  • vernietigt het, met een besluit gelijk te stellen, niet tijdig nemen van een besluit;
  • draagt de minister op om binnen acht weken na de dag van het bekendmaken van deze uitspraak alsnog een besluit op de aanvragen bekend te maken;
  • bepaalt dat de minister aan eisers gezamenlijk een dwangsom van € 100,- moet betalen voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,-;
  • veroordeelt de minister in de proceskosten van eisers gezamenlijk tot een bedrag van € 467,-.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van

A.S. van der Veen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.