Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 19 februari 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:3269Zaaknummer NL25.57410

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
19 februari 2026
Publicatiedatum
19 februari 2026
Zaaknummer
NL25.57410
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Voorlopige voorziening
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening, omdat is beslist op het samenhangende beroep (ECLI:NL:RBDHA:2026:3250).

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.J. van Bruggen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudononimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procesverloop
  2. Beoordeling door de voorzieningenrechter
  3. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.57410

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam 1], verzoekster,

V-nummer: [nummer 1],

mede namens haar minderjarige kind:

[naam 2],

V-nummer: [nummer 2]

(gemachtigde: mr. C.T.W. van Dijk),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister

(gemachtigde: mr. R.M. Koning).

Procesverloop

1. Met het bestreden besluit van 18 november 2025 heeft de minister de opvolgende asielaanvraag van verzoekster afgewezen als kennelijk ongegrond. Daarbij is het eerder aan haar opgelegde terugkeerbesluit herhaald. Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld[_115ad905-6749-4c19-9866-683e3ab07b6c] en heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

1.1.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 11 februari 2026 op zitting behandeld, samen met het beroep. Hieraan hebben deelgenomen: verzoekster, mr. M.E. Buijsse als waarnemer van verzoeksters gemachtigde, een tolk en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het samenhangende beroep van verzoekster, en dat beroep ongegrond verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.J. van Bruggen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudononimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.