Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 26 oktober 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:31609Zaaknummer NL25.26702

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
26 oktober 2026
Publicatiedatum
27 oktober 2026
Zaaknummer
NL25.26702
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Beroep niet tijdig beslissen, besluit hangende beroep, toewijzen PKV.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [eiser], eiser
  2. Procesverloop
  3. Overwegingen
  4. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.26702

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], eiser

V-nummer: [V-nummer],

(gemachtigde: mr. R.C. van den Berg),

en

de minister van Asiel en Migratie,[_96377741-f330-4ede-ae36-5b20de4a4833] verweerder.

Procesverloop

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 6 juli 2023.

Op 3 september 2025 heeft verweerder een besluit genomen op de aanvraag.

De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Voor zover het beroep is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de asielaanvraag van eiser, dient te worden vastgesteld dat met het besluit van 3 september 2025 aan het beroep is tegemoetgekomen zodat eiser gelet op artikel 6:20, derde lid, van de Awb geen procesbelang meer heeft. Het beroep is dan ook kennelijk niet-ontvankelijk.

2. Eiser heeft een beroepschrift ingediend tegen het afwijzende besluit. Voor zover eiser door wil procederen tegen het afwijzende besluit is een zaak aanhangig gemaakt bij de rechtbank Amsterdam onder nummer: NL25.43594.

3. Eiser heeft vanwege het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag beroep kunnen instellen. De rechtbank ziet daarom aanleiding om verweerder te veroordelen in de door eiser gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 467 (1 punt voor het indienen van het beroepschrift). Die punten hebben een waarde van € 934 met een wegingsfactor 0,5 (licht). De rechtbank is van oordeel dat de wegingsfactor ‘licht’ van toepassing is aangezien het beroep alleen ziet op het niet tijdig nemen van een besluit.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep niet-ontvankelijk;- veroordeelt verweerder in de door eiser gemaakte proceskosten ter hoogte van € 467 (vierhonderdzevenenzestig euro).

Deze uitspraak is gedaan op 20 oktober 2026 mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van G.A.R. Königel, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

  1. Voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.