Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 21 september 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:31020Zaaknummer C/09/712734 / FA RK 26-9488

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
21 september 2026
Publicatiedatum
28 oktober 2026
Zaaknummer
C/09/712734 / FA RK 26-9488
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Afwijzing machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is gegeven door mr. M. de Kleine, rechter, bijgestaan door S.N. Maas als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 21 september 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 8 oktober 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Afwijzing machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
  2. Procesverloop
  3. Standpunten ter zitting
  4. Beoordeling
  5. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Team Jeugd- en Zorgrecht

Zaak-/rekestnr.: C/09/712734 / FA RK 26-9488

Datum beschikking: 21 september 2026

Afwijzing machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel

Beschikking naar aanleiding van het op 17 september 2026 door de officier van justitie ingediende verzoek tot voortzetting van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene],

hierna te noemen: betrokkene,

geboren op [geboortedatum] 1997 te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats],

thans verblijvende in de accommodatie [zorginstelling], te [plaats],

advocaat: mr. P.J.W. de Water te Leiderdorp.

Procesverloop

Bij verzoekschrift heeft de officier van justitie verzocht om voortzetting van de op 17 september 2026 genomen crisismaatregel.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

  • een afschrift van de beschikking van de burgemeester van de gemeente [plaats] tot het nemen van de crisismaatregel;
  • een op 17 september 2026 ondertekende medische verklaring van [naam 1], psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was;

- een afschrift van de politiemutaties;

- een brief van de officier van justitie van 17 september 2026, waaruit blijkt dat betrokkene geen justitiële documentatie heeft.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 21 september 2026. Daarbij zijn de volgende personen gehoord:

- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;

- de afdelingsarts, [naam 2].

Omdat door de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht en het de rechtbank ter zitting is gebleken dat diens aanwezigheid ook niet noodzakelijk was om tot een inhoudelijke beslissing te kunnen komen, is de officier van justitie niet gehoord.

Standpunten ter zitting

Door betrokkene is ter zitting naar voren gebracht dat de voortzetting van de crisismaatregel niet effectief zal zijn. Betrokkene heeft een woning waar hij binnen een week weer naartoe terug kan, een fulltime baan, routine en een sociaal netwerk. Hij heeft al lange tijd psychologische hulp en hij vraagt ook om hulp als hij dat nodig heeft.

De advocaat pleit voor afwijzing van het verzoek. Er is geen sprake meer van onmiddellijk ernstig dreigend nadeel. Betrokkene heeft gedurende de opname geen zelfbeschadigend gedrag meer laten zien. Daarnaast heeft hij een steunsysteem.

De afdelingsarts heeft ter zitting naar voren gebracht dat er voorafgaand aan de opname veel speelde in het leven van betrokkene. Het is een lastige situatie. Het gaat beter met betrokkene en er is toekomstperspectief. Hij neemt zelf initiatief en heeft een steunsysteem. Tegelijkertijd bestaat het vermoeden dat het beeld dat betrokkene laat zien niet is wat hij daadwerkelijk voelt. Wanneer de behandeling vrijwillig voortgezet kan worden in de kliniek, zal er gekeken worden naar een open afdeling. Een andere optie is intensieve ambulante behandeling. Betrokkene gaat nu naar een vrijgevestigde psycholoog waar hij één keer per week een afspraak heeft. Dat is niet genoeg in deze situatie.

Beoordeling

Uit hetgeen ter zitting is besproken blijkt dat het toestandsbeeld van betrokkene inmiddels is aanzienlijk is verbeterd. De rechtbank ziet dat het beter gaat met betrokkene en er is geen sprake meer van onmiddellijk ernstig dreigend nadeel. Wel wil de rechtbank betrokkene meegeven om goed in contact te blijven met [zorginstantie] en verdere hulp te accepteren, zodat voorkomen kan worden dat het weer slechter gaat met betrokkene. Gelet op het voorgaande is niet voldaan aan de criteria voor een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel. Het verzoek zal daarom worden afgewezen.

Beslissing

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is gegeven door mr. M. de Kleine, rechter, bijgestaan door S.N. Maas als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 21 september 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 8 oktober 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.