Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 21 september 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:31010Zaaknummer C/09/711693 / FA RK 26-8847

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
21 september 2026
Publicatiedatum
28 oktober 2026
Zaaknummer
C/09/711693 / FA RK 26-8847
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

vervangende toestemming vakantie Spanje

De rechtbank:

verleent toestemming aan de moeder – die de toestemming van de vader vervangt – om met

de minderjarigen:

  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2021 te [geboorteplaats 1]; en
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2024 te [geboorteplaats 2];

in de periode van 28 september 2026 tot 4 oktober 2026 naar [plaats] (Spanje) te reizen;

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. C. van Hees, kinderrechter, in tegenwoordigheid van als D. van den Born als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 september 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Vervangende toestemming vakantie
  2. Procedure
  3. Feiten
  4. Verzoek en verweer
  5. Beoordeling
  6. Beslissing

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige Kamer

Rekestnummer: FA RK 26-8847

Zaaknummer: C/09/711693

Datum beschikking: 21 september 2026

Vervangende toestemming vakantie

Beschikking op het op 27 augustus 2026 ingekomen verzoek van:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. N. van Amsterdam te Leiden.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vader],

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. M.J. Verdult te Rotterdam.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:

- het verzoekschrift;

- het verweerschrift met bijlagen;

- het F9-formulier van 8 september 2026 van de zijde van de man;

- het F9-formulier met bijlagen van 14 september 2026 van de zijde van de man;

- het F9-formulier met bijlagen van 15 september 2026 van de zijde van de vrouw;

- het F9-formulier met bijlage van 15 september 2026 van de zijde van de vrouw;

- het F9-formulier met bijlagen van 15 september 2026 van de zijde van de man.

Op 16 september 2026 is de zaak ter zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de vrouw met haar advocaat en de man. De advocaat van de man heeft per digitale verbinding aan de zitting deelgenomen.

Feiten

- Partijen zijn op [datum 1] 2023 een geregistreerd partnerschap aangegaan.

- Zij zijn de ouders van de volgende thans nog minderjarige kinderen:

- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2021 te [geboorteplaats 1];

- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2024 te [geboorteplaats 2].

- Partijen oefenen het gezamenlijk gezag over de minderjarigen uit.

- Bij beschikking van deze rechtbank van 20 februari 2025 zijn voorlopige voorzieningen getroffen.

- Bij beschikking van deze rechtbank van 24 augustus 2026 zijn de getroffen voorlopige voorzieningen gewijzigd.

Verzoek en verweer

De moeder heeft in het kader van artikel 1:253a van het Burgerlijk Wetboek (BW) verzocht, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, haar vervangende toestemming te verlenen in plaats van de vereiste toestemming van de vader voor:

- primair het reizen naar [plaats] (Spanje) in de periode van 28 september 2026 tot en met

4 oktober 2026;

- subsidiair het reizen naar [plaats] (Spanje) in de periode van 2 oktober 2026 tot en met

4 oktober 2026,

en de kosten gelet op de aard van de procedure te compenseren.

De vader heeft verweer gevoerd, dat hierna zal worden besproken.

Beoordeling

De rechtbank heeft ter terechtzitting een vergelijk tussen partijen beproefd.

Standpunt moeder

De ouders van de moeder wonen in Spanje ( [plaats] ). De moeder van de vrouw is op [datum 2] jarig en zij viert haar verjaardag in het weekend van 3 oktober 2026. De moeder wil graag met de kinderen bij deze verjaardag aanwezig zijn. Daarnaast vindt de moeder het fijn om haar familie met de kinderen te bezoeken. De periode waarin de moeder de reis wenst te maken ziet op 28 september 2026 tot en met 4 oktober 2026. Het weekend van 2 tot en met 4 oktober 2026 is het weekend dat de kinderen volgens de reguliere regeling bij de moeder verblijven.

Standpunt vader

De vader gunt de moeder en de kinderen de vakantie, maar vindt deze reis niet in het belang van de kinderen. Met name [minderjarige 1] heeft behoefte aan rust, regelmaat, routine, voorspelbaarheid en duidelijkheid en dat iedereen zich aan de gemaakte afspraken houdt.

De vader vindt het belangrijk dat [minderjarige 1] zijn schooldagen, zwemlessen en logopedie niet mist. Hij wijst erop dat partijen juist zeer recent tot afspraken zijn gekomen met betrekking tot de verdeling van de schoolvakanties. Volgens de vader moet [minderjarige 1] gelegenheid krijgen om na de zomervakantie weer te wennen aan het schoolritme, zijn nieuwe juf/meester en nieuwe klas. [minderjarige 1] is vermoeid, onrustig en prikkelbaar. Hij plast weer regelmatig in zijn broek, zowel thuis als op school.

Oordeel rechtbank

De rechtbank overweegt dat de manier waarop een en ander is verlopen niet de schoonheidsprijs verdient. De ouders hebben kort voor het door de moeder ingediende verzoekschrift afspraken gemaakt over de verdeling van de vakanties. De onderhavige vakantie heeft de moeder daarbij niet betrokken. Nu heeft de moeder verzocht om een uitzondering te maken op de zeer recent gemaakte afspraken. In een situatie waarin de verstandhouding en communicatie tussen ouders goed verloopt, zou dit geen probleem opleveren. Nu de verstandhouding niet prettig is en de onderlinge communicatie is verstoord, is het belangrijk om het vertrouwen weer op te bouwen door de gemaakte afspraken na te komen. Daarom is het in het belang van de kinderen dat de ouders zich in de toekomst houden aan de gemaakte afspraken. Nu [minderjarige 1] leerplichtig is vanaf 1 oktober 2026 is duidelijk wanneer hij vrij is van school en in welke perioden hij met één van de ouders op vakantie kan gaan. De moeder moet haar planning hierop afstemmen.

De rechtbank zal het verzoek van de moeder toch toewijzen en de vervangende toestemming verlenen. De reden daarvoor is dat de rechtbank de kinderen een vakantie gunt en het in hun belang acht dat zij een band kunnen opbouwen met hun familie in Spanje. Dit belang weegt op tegen het missen van zwemles en logopedie.

Voor het missen van schooldagen vanaf 1 oktober 2026 moet heeft de moeder toestemming van de schooldirecteur nodig, omdat [minderjarige 1] vanaf die datum leerplichtig is. De rechtbank gaat ervan uit dat de moeder de reis zonder deze toestemming niet zal maken.

Proceskosten

Gelet op het feit dat het hier een procedure van familierechtelijke aard betreft, zal de rechtbank de proceskosten compenseren als hierna vermeld.

Beslissing

De rechtbank:

verleent toestemming aan de moeder – die de toestemming van de vader vervangt – om met

de minderjarigen:

  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2021 te [geboorteplaats 1]; en
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2024 te [geboorteplaats 2];

in de periode van 28 september 2026 tot 4 oktober 2026 naar [plaats] (Spanje) te reizen;

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. C. van Hees, kinderrechter, in tegenwoordigheid van als D. van den Born als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 september 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.