Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 15 september 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:30444Zaaknummer C/09/711356 / FA RK 26-8630

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
15 september 2026
Publicatiedatum
21 oktober 2026
Zaaknummer
C/09/711356 / FA RK 26-8630
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Beschikking aansluitende zorgmachtiging

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging voor:

[betrokkene],

geboren op [geboortedatum] 1985 in [geboorteplaats],

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg in ieder geval de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

- toedienen van medicatie;

- verrichten medische controles;

- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

en daarnaast ook de volgende maatregelen kunnen worden getroffen op het moment dat de ambulante zorg niet meer voldoende is om het ernstig nadeel af te wenden:

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- opnemen in een accommodatie;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 15 september 2027.

Deze beschikking is gegeven door mr. N.B. Haverhoek, rechter, bijgestaan door I. de Vroom als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 15 september 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 22 september 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Beschikking aansluitende zorgmachtiging
  2. Beoordeling
  3. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Team Jeugd- en Zorgrecht

Zaak- en rekestnummer: C/09/711356 / FA RK 26-8630

Datum beschikking: 15 september 2026

Beschikking aansluitende zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie voor:

[betrokkene],

hierna te noemen: betrokkene,

geboren op [geboortedatum] 1985 in [geboorteplaats],

wonende in [woonplaats],

advocaat: mr. R.T. Schrama uit Den Haag.

ProcesverloopOp 2 april 2026 heeft de rechtbank een zorgmachtiging verleend tot en met 2 oktober 2026.

De officier van justitie heeft op 21 augustus 2026, verzocht om een aansluitende zorgmachtiging voor twaalf maanden. De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift met bijlagen.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft aanvankelijk plaatsgevonden op 8 september 2026. Op deze datum kon de advocaat van betrokkene niet verschijnen en ook niet waargenomen worden door een collega. Daarom heeft de rechtbank de behandeling van het verzoek aangehouden om betrokkene in de gelegenheid te stellen op een later moment met bijstand van zijn advocaat alsnog te worden gehoord. Bij tussenbeschikking van deze rechtbank van 8 september 2026 is het verzoek toegewezen tot en met 15 september 2026 en voor het overige aangehouden.

De zitting is voortgezet op 15 september 2026. Daarbij zijn gehoord:

- de advocaat van betrokkene;

- de sociaal psychiatrisch verpleegkundige, [verpleegkundige].

De rechtbank heeft vastgesteld dat betrokkene niet bereid was zich te doen horen. Betrokkene heeft aan zijn advocaat kenbaar gemaakt dat hij niet gehoord wil worden. Niet op de rechtbank en ook niet tijdens een huisbezoek. Betrokkene heeft de advocaat gemachtigd om namens hem het woord te voeren. De zitting heeft daarom plaatsgevonden zonder de aanwezigheid van betrokkene.

Beoordeling

Uit de stukken en de zitting blijkt dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten schizofrenie.

Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:

- levensgevaar;

- ernstig lichamelijk letsel;

- ernstige psychische schade;

- ernstige materiële schade;

- ernstige immateriële schade;

-ernstige verwaarlozing;

-maatschappelijke teloorgang;

- de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.

De rechtbank heeft begrepen dat betrokkene een vrij geïsoleerd bestaan leeft en dat hij zich intensief bezig houdt met spiritualiteit en filosofische beschouwingen over de mensheid. Hij heeft de overtuiging dat hij een Mesias is en dat hij de wereld moet redden. Hoewel moeilijk een onderscheid kan worden gemaakt tussen de psychotische wanen en een bepaalde geloofsovertuiging, begrijpt de rechtbank dat betrokkene lijdt onder zijn overtuiging en dat hij ook disfunctioneert doordat hij hierdoor volledig in beslag wordt genomen. Hij is zeer ambivalent in zijn contact met de GGZ ten aanzien van zijn behandeling en de hierbij behorende medicatie. In periodes van angst en psychoses stopt, verlaagd of verhoogd betrokkene zelfstandig zijn medicatie-inname waardoor het risico op een volgende psychotische ontregeling wordt vergroot.

Om het ernstig nadeel af te wenden, de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren, en de geestelijke gezondheid van betrokkene te herstellen zodanig dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint, heeft betrokkene zorg nodig.

Hoewel de advocaat primair heeft bepleit dat betrokkene vrijwillig (medicamenteus) behandeld kan worden waardoor een zorgmachtiging niet nodig zou zijn, is de rechtbank van oordeel dat verplichte zorg op dit moment nog noodzakelijk is. Zonder zorgmachtiging is het aannemelijk dat betrokkene de medicatie niet in de voorgeschreven dosering zal nemen. De medicatie die betrokkene gebruikt, is niet beschikbaar in depotvorm. Niet zo lang geleden had betrokkene een ambivalente houding ten aanzien van de zorg en is een crisismaatregel verleend. De rechtbank is daarom van oordeel dat verplichte zorg de komende tijd nog nodig is. Hoewel de advocaat subsidiair heeft verzocht om de zorgmachtiging voor zes maanden toe te wijzen, ziet de rechtbank geen aanleiding om de duur van de zorgmachtiging te verkorten. De afgelopen periode is ingezet op clozapine dat enigszins een positief maar nog geen voldoende effect heeft. Het continueren van de medicatie is belangrijk en vormt een belangrijke basis om te proberen betrokkene uit zijn isolement te krijgen.

De in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken.

De rechtbank is op grond van het dossier en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de vormen van verplichte zorg zoals hierna in de beslissing zijn opgenomen nodig zijn.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). De zorgmachtiging zal daarom worden verleend.

Beslissing

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging voor:

[betrokkene],

geboren op [geboortedatum] 1985 in [geboorteplaats],

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg in ieder geval de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

- toedienen van medicatie;

- verrichten medische controles;

- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

en daarnaast ook de volgende maatregelen kunnen worden getroffen op het moment dat de ambulante zorg niet meer voldoende is om het ernstig nadeel af te wenden:

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- opnemen in een accommodatie;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 15 september 2027.

Deze beschikking is gegeven door mr. N.B. Haverhoek, rechter, bijgestaan door I. de Vroom als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 15 september 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 22 september 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.