Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Den Haag, 14 september 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:30310Zaaknummer C/09/712360 / FA RK 26-9264
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 14 september 2026
- Publicatiedatum
- 20 oktober 2026
- Zaaknummer
- C/09/712360 / FA RK 26-9264
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 1974 te [geboorteplaats],
inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
- toedienen van medicatie;
- verrichten medische controles;
- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;
- beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten;
- opnemen in een accommodatie;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 5 oktober 2026;
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is gegeven door mr. C.M. Koole, rechter, bijgestaan door mr. S.M. Plug als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 14 september 2026. |
| De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 23 september 2026. |
| Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open. |
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Team Jeugd- en Zorgrecht
Zaak-/rekestnr.: C/09/712360 / FA RK 26-9264
Datum beschikking: 14 september 2026
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
Beschikking naar aanleiding van het op 10 september 2026 door de officier van justitie ingediende verzoek tot voortzetting van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene],
hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedatum] 1974 te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats],
thans verblijvende in de accommodatie [zorginstelling] te [plaats],
advocaat: mr. E.A.E.G.J. Libosan te Den Haag.
Procesverloop
Bij verzoekschrift heeft de officier van justitie verzocht om voortzetting van de op 10 september 2026 genomen crisismaatregel.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
- een afschrift van de beschikking van de burgemeester van de [gemeente] tot het nemen van de crisismaatregel;
- een op 9 september 2026 ondertekende medische verklaring van [naam 1], psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was;
- een uittreksel uit de justitiële documentatie;
- een afschrift van de politiemutaties.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 14 september 2026. Daarbij zijn de volgende personen gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- de verpleegkundig specialist, [naam 2].
Omdat door de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht en het de rechtbank ter zitting is gebleken dat diens aanwezigheid ook niet noodzakelijk was om tot een inhoudelijke beslissing te kunnen komen, is de officier van justitie niet gehoord.
Standpunten ter zitting
Door en namens betrokkene is ter zitting naar voren gebracht dat betrokkene voortzetting van de crisismachtiging niet nodig vindt. Betrokkene wil het liefst terug naar huis.
Door de verpleegkundig specialist is toegelicht dat het paranoïde toestandsbeeld van betrokkene nog niet is verbeterd. Bij de vorige opname is betrokkene kort na afwijzing van de crisismaatregel met ontslag gegaan. Er is een sterk vermoeden dat betrokkene thuis zijn medicatie niet goed heeft ingenomen. Op de afdeling wordt gezien dat betrokkene geagiteerd is en slecht slaapt. De verpleegkundig specialist heeft er geen vertrouwen in dat betrokkene vrijwillig aan de behandeling zal meewerken. Naast behandeling met medicatie is het van belang dat het ambulante team wordt ingezet.
Beoordeling
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige materiële schade;
- bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat hij onder invloed van een ander raakt;
- de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept;
- de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
Uit de stukken en hetgeen is besproken ter zitting is gebleken dat betrokkene, mogelijk door medicatieontrouw, psychotisch is gedecompenseerd. Betrokkene heeft waanideeën en is labiel. Hij heeft overlast veroorzaakt in zijn omgeving doordat hij snel gespannen raakt en dan hard gaat praten en schreeuwen. Daarnaast heeft betrokkene agressief gedrag laten zien richting zijn echtgenoot, waardoor een contactverbod is opgelegd.
Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, te weten paranoïde decompensatie bij schizofrenie. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
De rechtbank is van oordeel dat, anders dan de in de crisismaatregel genoemde zorg, de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden, te weten:
- toedienen van medicatie;
- verrichten medische controles;
- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;
- beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten;
- opnemen in een accommodatie.
Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Betrokkene is eerder na afwijzing van de voortzetting van de crisismaatregel met ontslag gegaan, waarbij zijn behandeling niet effectief is afgerond. Ter zitting is gebleken dat betrokkene ambivalent is over de opname en behandeling, waardoor de rechtbank onvoldoende vertrouwen heeft in een behandeling op vrijwillige basis.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De verplichte zorg is bovendien evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt verder dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden.
Beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 1974 te [geboorteplaats],
inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
- toedienen van medicatie;
- verrichten medische controles;
- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;
- beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten;
- opnemen in een accommodatie;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 5 oktober 2026;
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is gegeven door mr. C.M. Koole, rechter, bijgestaan door mr. S.M. Plug als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 14 september 2026. |
| De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 23 september 2026. |
| Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open. |
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.