Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 8 september 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:29791Zaaknummer C/09/711707 / FA RK 26-8852

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
8 september 2026
Publicatiedatum
15 oktober 2026
Zaaknummer
C/09/711707 / FA RK 26-8852
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

ZZM

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging ten aanzien van:

[betrokkene],

geboren op [geboortedatum] 1989 te [geboorteplaats], [geboorteland],

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

- toedienen van medicatie;

- verrichten medische controles;

- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 8 september 2027;

Deze beschikking is gegeven door mr. P. Burgers, rechter, bijgestaan door mr. K. Houdijk als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 8 september 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 21 september 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Aansluitende machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
  2. Standpunten ter zitting
  3. Beoordeling
  4. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Team Jeugd- en Zorgrecht

Zaak-/rekestnr.: C/09/711707 / FA RK 26-8852

Datum beschikking: 8 september 2026

Aansluitende machtiging tot het verlenen van verplichte zorg

Beschikking naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een aansluitende zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene],

hierna te noemen: betrokkene,

geboren op [geboortedatum] 1989 te [geboorteplaats], [geboorteland],

wonende te [woonplaats],

thans verblijvende in de accommodatie [zorginstelling], te [plaats]

advocaat: mr. R.P.A. Kint te Zoetermeer.

ProcesverloopBij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 27 augustus 2026, heeft de officier van justitie verzocht om een aansluitende zorgmachtiging.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

- een op 24 augustus 2026 ondertekende medische verklaring van [naam 1], psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was;

- een blanco zorgkaart;

- een zorgplan van 6 augustus 2026;

- de bevindingen van de geneesheer-directeur van 26 augustus 2026;

- een brief van de officier van justitie van 13 augustus 2026, waaruit blijkt dat er ten aanzien van betrokkene geen recente politiemutaties zijn en betrokkene geen justitiële documentatie heeft.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 8 september 2026. Daarbij zijn gehoord:

- betrokkene, bijgestaan door mr. S.M. Hoogenraad, waarnemend voor de advocaat;

- de GZ-psycholoog, [naam 2].

Omdat door de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht en het de rechtbank ter zitting is gebleken dat diens aanwezigheid ook niet noodzakelijk was om tot een inhoudelijke beslissing te kunnen komen, is de officier van justitie niet gehoord.

Standpunten ter zitting

Betrokkene heeft verklaard dat het momenteel prima met hem gaat, maar dat er ook dagen zijn dat hij minder goed in zijn vel zit. Hij wil graag terug naar zijn eigen woning en vindt dat de opname te lang duurt. Ten aanzien van het gebruik van medicatie, geeft betrokkene aan dat hij dit in principe niet nodig acht. Desondanks is hij wel bereid om medicatie te gebruiken, mits dit niet wordt toegediend middels een depot. De advocaat bepleit afwijzing van het verzoek. Betrokkene is reeds langere tijd opgenomen en heeft altijd meegewerkt. Hij zou de behandeling graag willen voortzetten op vrijwillige basis. Hoewel hij moeite heeft met het depot, staat hij wel open voor orale medicatie.

De psycholoog heeft toegelicht dat betrokkene een onderliggende kwetsbaarheid heeft bij een schizofrenie-spectrumstoornis. Momenteel is hij stabiel en overwegend in samenwerking. De geboden structuur en begeleiding op de afdeling dragen hieraan bij. Betrokkene werkt echter niet mee met het toedienen van het depot, waardoor deze de afgelopen twee keer onder dwang is toegediend. Volgens de psycholoog ontbreekt het ziektebesef en -inzicht waardoor betrokkene de noodzaak van medicatie niet inziet. Orale medicatie is hierdoor geen optie, omdat uit het verleden is gebleken dat betrokkene medicatie-ontrouw is. Dit is ook de aanleiding geweest voor de huidige opname. Een zorgmachtiging is nodig zodat betrokkene het depot niet kan weigeren. Ook zal er een wijkteam worden ingezet voor de ambulante behandeling. De psycholoog verwacht dat betrokkene zijn leven lang medicatie zal moeten gebruiken om stabiel te blijven. Op verzoek van betrokkene is de dosering al verlaagd, maar verdere afbouw is op dit moment niet mogelijk. Voorts licht de psycholoog toe dat betrokkene sinds juli 2025 in de huidige accommodatie verblijft en dat er zal worden gezocht naar een passende woonvorm voor na zijn ontslag. Omdat betrokkene klinisch is uitbehandeld, is er al een ontslagdatum in zicht. De psycholoog hoopt dat betrokkene naar het LIB kan of een andere woonzorginstelling. Daarbij is van belang dat betrokkene ook onder behandeling komt van het ambulante wijkteam.

Beoordeling

Op 8 oktober 2025 is door de rechtbank een zorgmachtiging verleend voor de duur van twaalf maanden tot en met 8 oktober 2026.

Uit de overgelegde stukken is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten een ongespecificeerde schizofreniespectrum- of andere psychotische stoornis en autisme spectrum stoornis. Ook is er sprake van een licht verstandelijke beperking.

Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in:

- levensgevaar;

- ernstig lichamelijk letsel;

- ernstige psychische schade;

- maatschappelijke teloorgang.

Hoewel betrokkene de afgelopen periode stabiel is geweest de medicatie en de structuur van de afdeling, kan hij verbaal agressief worden wanneer de spanning oploopt. Uit het verleden blijkt dat hij ook fysiek agressief gedrag kan vertonen zodra hij de structuur wegvalt en hij stopt met de medicatie. Zo heeft hij tijdens een eerdere psychotische decompensatie geprobeerd zijn zus te wurgen. De kans op een nieuwe psychotische ontregeling is groot indien betrokkene zich niet houdt aan de behandelafspraken en daarnaast zijn medicatie weigert. Om maatschappelijk goed te kunnen functioneren, heeft betrokkene duidelijke structuur nodig. Wanneer dit wegvalt kan betrokkene terugvallen in psychotische klachten, waardoor onder andere het verblijf bij zijn ouders op het spel wordt gezet.

Om het ernstig nadeel af te wenden, de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren en de geestelijke gezondheid van betrokkene te herstellen zodanig dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint, heeft betrokkene zorg nodig.

Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Betrokkene vindt de opname te lang duren en wil graag naar huis. Daarnaast verzet hij zich tegen medicatie in depotvorm. In het verleden heeft dit geleid tot een decompensatie. Om die reden is verplichte zorg nodig.

De in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken.

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:

- toedienen van medicatie;

- verrichten medische controles;

- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De verplichte zorg is bovendien evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt verder dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz.

Beslissing

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging ten aanzien van:

[betrokkene],

geboren op [geboortedatum] 1989 te [geboorteplaats], [geboorteland],

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

- toedienen van medicatie;

- verrichten medische controles;

- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 8 september 2027;

Deze beschikking is gegeven door mr. P. Burgers, rechter, bijgestaan door mr. K. Houdijk als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 8 september 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 21 september 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.