Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 31 augustus 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:28990Zaaknummer C/09/711642 / FA RK 26-8817

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
31 augustus 2026
Publicatiedatum
8 oktober 2026
Zaaknummer
C/09/711642 / FA RK 26-8817
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Beschikking machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel - Wvggz

De rechtbank:

verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor:

[betrokkene],

geboren op [geboortedatum] 1967 in [geboorteplaats],

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

- toedienen van medicatie;

- verrichten medische controles;

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, met uitzondering van het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 21 september 2026;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. J.C. van den Dries, rechter, bijgestaan door I. de Vroom als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 31 augustus 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 8 september 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Beschikking machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
  2. Procesverloop
  3. Beoordeling
  4. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Team Jeugd- en Zorgrecht

Zaak- en rekestnummer: C/09/711642 / FA RK 26-8817

Datum beschikking: 31 augustus 2026

Beschikking machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel

op het verzoek van de officier van justitie voor

[betrokkene],

hierna te noemen: betrokkene,

geboren op [geboortedatum] 1967 in [geboorteplaats],

wonend in [woonplaats],

verblijvende in de accommodatie van [accommodatie] in [plaats],

advocaat: mr. M.B.H. Breitschaft uit Den Haag.

Procesverloop

Op 26 augustus 2026 heeft de burgemeester van Leiden een crisismaatregel afgegeven.

De officier van justitie heeft op 27 augustus 2026 verzocht om voortzetting van de crisismaatregel. De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift met bijlagen.

De zitting heeft plaatsgevonden op 31 augustus 2026. Daarbij zijn gehoord:

- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;

- de psychiater, [psychiater].

Beoordeling

Uit de stukken en de zitting blijkt dat bij betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:

- ernstig lichamelijk letsel;

- ernstige psychische schade;

- maatschappelijke teloorgang;

- de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept.

Betrokkene is bekend met stemmingswisselingen. Betrokkene is thans opgenomen vanwege een verhoogde stemming. De afgelopen dagen is er nog geen verbetering in het toestandsbeeld waargenomen. Betrokkene wordt momenteel ingesteld op medicatie.

Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, namelijk een dysfore manische ontregeling in het kader van een schizo-affectieve stoornis. Ondanks dat betrokkene de diagnose betwist, heeft de rechtbank geen redenen om te twijfelen aan de gestelde diagnose. Deze blijkt zowel uit de medische verklaring van de onafhankelijke psychiater als uit hetgeen ter zitting is besproken.

De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.

De rechtbank is op grond van het dossier en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de vormen van verplichte zorg zoals hierna in de beslissing zijn opgenomen nodig zijn.

Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Betrokkene stelt dat er geen sprake is van een manisch beeld. Hij is van mening dat het beschreven nadeel niet aan de orde is en dat een opname in de accommodatie niet nodig is. Hij stelt dat hulpverlening thuis kan plaatsvinden en dat de medicatie-inname voortgezet kan worden op de manier zoals hij dat voor de opname al deed. Van de huidige medicatie heeft hij last van bijwerkingen.

De behandelaar heeft toegezegd dat vermindering van de dosering van de lorazepam waarschijnlijk inmiddels mogelijk is.

Er is nog geen volledige overeenstemming bereikt met betrokkene over de noodzakelijke medicatie. Hij accepteert 2 middelen wel, maar weigert een depot Haldol.

De rechtbank is van oordeel dat een machtiging noodzakelijk is omdat betrokkene nog niet goed is in de samenwerking en ook nog niet gestabiliseerd. Uit de stukken blijkt dat betrokkene eerder in de thuissituatie medicatieontrouw was en een goede ambulante behandelrelatie niet gelukt was.

De rechtbank is daarom van oordeel dat verplichte zorg nodig is.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). De machtiging zal daarom worden verleend.

Beslissing

De rechtbank:

verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor:

[betrokkene],

geboren op [geboortedatum] 1967 in [geboorteplaats],

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

- toedienen van medicatie;

- verrichten medische controles;

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, met uitzondering van het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 21 september 2026;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. J.C. van den Dries, rechter, bijgestaan door I. de Vroom als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 31 augustus 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 8 september 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.