Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 14 september 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:27087Zaaknummer NL25.56119

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
14 september 2026
Publicatiedatum
17 september 2026
Zaaknummer
NL25.56119
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Voorlopige voorziening
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Vovo bij NL25.45976.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van der Knijff, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.J. Valk, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op 14 september 2026

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker
  2. Procesverloop
  3. Beoordeling door de voorzieningenrechter
  4. Beslissing
  5. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.56119

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker

(gemachtigde: mr. J.E. Jalandoni),

en

de minister van Asiel en Migratie,

(gemachtigde: mr. L.A.R. Schluter).

Procesverloop

1. Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd. De minister heeft deze aanvraag met het besluit van 14 december 2023 afgewezen. Met het bestreden besluit van 13 november 2025 op het bezwaar van verzoeker is de minister bij de afwijzing van de aanvraag gebleven. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

1.1.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met het beroep met zaaknummer NL25.45976, op 22 juni 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigde van verzoeker en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.45976, heeft de rechtbank uitspraak

gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De

voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

3. Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van der Knijff, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.J. Valk, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op 14 september 2026

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.