Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 17 augustus 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:27007Zaaknummer C/09/709971 / FA RK 26-7753

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
17 augustus 2026
Publicatiedatum
25 september 2026
Zaaknummer
C/09/709971 / FA RK 26-7753
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Wvggz - eerste zorgmachtiging na VCM. De rechtbank verwerpt het beroep op wilsbekwaam verzet.

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging ten aanzien van:

[betrokkene],

geboren op [geboortedatum] 1995 te [geboorteplaats],

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

- toedienen van medicatie;

- verrichten medische controles;

- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten;

- opnemen in een accommodatie;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 17 februari 2027;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.M.C. Limbeek, rechter, bijgestaan door P.S.R. Nieman als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 17 augustus 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 20 augustus 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
  2. Standpunten ter zitting
  3. Beoordeling
  4. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Team Jeugd- en Zorgrecht

Zaak-/rekestnr.: C/09/709971 / FA RK 26-7753

Datum beschikking: 17 augustus 2026

Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg

Beschikking naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 7:11 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene],

hierna te noemen: betrokkene,

geboren op [geboortedatum] 1995 te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats],

thans verblijvende in de accommodatie [zorginstelling] te [plaats]

advocaat: mr. J.I. Echteld te Gouda.

ProcesverloopBij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 28 juli 2026, heeft de officier van justitie verzocht om een zorgmachtiging.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

- een op 24 juli 2026 ondertekende medische verklaring van [naam 1], psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was;

- een niet ingevulde zorgkaart;

- een zorgplan van 24 juli 2026;

- de bevindingen van de geneesheer-directeur van 27 juli 2026;

- een brief van de officier van justitie van 3 juli 2026, waaruit blijkt dat er ten aanzien van betrokkene geen recente politiemutaties zijn en betrokkene geen justitiële documentatie heeft.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 17 augustus 2026. Daarbij zijn gehoord:

- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;

- de arts, [naam 2];

- de psychiater, [naam 3].

Omdat door de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht en het de rechtbank ter zitting is gebleken dat diens aanwezigheid ook niet noodzakelijk was om tot een inhoudelijke beslissing te kunnen komen, is de officier van justitie niet gehoord.

Standpunten ter zitting

Betrokkene erkent hulp nodig te hebben maar zou de behandeling graag willen voortzetten binnen het vrijwillig kader. Betrokkene is zich bewust van de situatie van opname en snapt de zorgen vanuit zijn omgeving. Inmiddels stemt hij in met de behandeling en stelt hij zich meewerkend op.

De advocaat pleit voor afwijzing van het verzoek op basis van wilsbekwaam verzet. Uit de medische verklaring blijkt dat betrokkene wilsbekwaam wordt geacht maar dat er acuut levensgevaar dreigt voor betrokkene. De advocaat stelt dat het acuut levensgevaar ziet op de situatie waarbij er sprake was van katatonie. Dit is niet langer aan de orde. Mocht het beroep op wilsbekwaam verzet niet slagen, is er een alternatief waarmee het ernstig nadeel kan worden afgewend. Betrokkene erkent zorg nodig te hebben vanuit zijn kwetsbaarheid voor een psychiatrische stoornis. Hij zal meewerken aan de hulpverlening en neemt zijn medicatie in volgens voorschrift.

De arts heeft naar voren gebracht dat het lichamelijk gevaar voor betrokkene inmiddels is geweken. Inmiddels is er sprake van prille vrijwilligheid ten aanzien van de behandeling. Bij de start van de opname verzette betrokkene zich tegen de medicatie en de daarbij behorende medische controles. Hierbij heeft betrokkene veel sturing en begeleiding nodig. Aangezien de medicamenteuze behandeling niet leek aan te slaan, is er overwogen om te starten met ECT behandelingen. Betrokkene is in 2021 eerder in beeld geweest bij de GGZ. Het is toen niet mogelijk gebleken om hem in zorg te krijgen binnen het ambulante kader. Bij ontslag zullen zij toezien op de inname van medicatie en de medische controles uitvoeren. De arts heeft grote zorgen dat betrokkene de hulpverlening binnen aanzienlijke tijd zal weigeren. Dit kan opnieuw leiden tot acuut levensgevaar.

De psychiater heeft hierop aangevuld dat er sinds vorige week sprake is van vrijwilligheid ten aanzien van de behandeling. Betrokkene is lange tijd ernstig ziek geweest en heeft de noodzakelijke zorg geruime tijd geweigerd. Indien de behandeling op vrijwillige basis wordt voorgezet, is er een aannemelijke kans dat betrokkene de medicatie en medische controles opnieuw zal weigeren. Daarbij dient het toestandsbeeld van betrokkene voor een langere periode stabiel te blijven om het risico op blijvende schade in te perken.

Beoordeling

Op 7 juli 2026 is door de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel verleend tot en met 28 juli 2026.

Uit de overgelegde stukken is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten een depressie met psychotische kenmerken.

Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in:

- levensgevaar;

- ernstig lichamelijk letsel;

- ernstige psychische schade;

-ernstige verwaarlozing;

-maatschappelijke teloorgang.

Uit de stukken en hetgeen ter zitting is besproken is gebleken dat betrokkene zich in de afgelopen jaren steeds meer heeft teruggetrokken. Op dit moment heeft hij nauwelijks sociale contact en kan hij niet deelnemen aan de maatschappij. Betrokkene is opgenomen wegens een verdenking op een psychotisch toestandsbeeld met katatonie en fors gewichtsverlies. Hij had nauwelijks gegeten of gedronken vanuit zijn psychiatrische toestandsbeeld. Deze zeer beperkte voeding en vochtintake kan uiteindelijk leiden tot ernstig lichamelijk letsel en versterving. Daarbij kan onbehandelde katatonie leiden tot levensgevaar met orgaanfalen en andere lichamelijke complicaties tot gevolg.

Om het ernstig nadeel af te wenden, de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren en de geestelijke gezondheid van betrokkene te herstellen zodanig dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint, heeft betrokkene zorg nodig.

Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Er is sprake van een pril herstel. Betrokkene stemt sinds vorige week in met de noodzakelijke medische controles. Eerder was het niet mogelijk om zijn bloedspiegels te controleren en is de inzet van ECT overwogen. Om die reden is verplichte zorg nodig.

De in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken.

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:

- toedienen van medicatie;

- verrichten medische controles;

- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten;

- opnemen in een accommodatie.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De verplichte zorg is bovendien evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt verder dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.

De rechtbank passeert het beroep op wilsbekwaam verzet en overweegt hiertoe het volgende. Uit de toelichting van de arts en psychiater is gebleken dat er sprake is van prille vrijwilligheid. Indien betrokkene de medicatie en de noodzakelijke medische controles opnieuw zal weigeren, is de kans aannemelijk dat hij binnen korte tijd opnieuw zal decompenseren en er wederom sprake is van acuut levensgevaar. Daarbij neemt de rechtbank in haar overweging mee dat er eerder getracht is om betrokkene in zorg te krijgen binnen het vrijwillig kader. Betrokkene heeft de hulpverlening toen afgehouden.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend.

Beslissing

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging ten aanzien van:

[betrokkene],

geboren op [geboortedatum] 1995 te [geboorteplaats],

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

- toedienen van medicatie;

- verrichten medische controles;

- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten;

- opnemen in een accommodatie;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 17 februari 2027;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.M.C. Limbeek, rechter, bijgestaan door P.S.R. Nieman als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 17 augustus 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 20 augustus 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.