Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 23 juli 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:23731Zaaknummer C/09/705278 / FA RK 26-4894

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
23 juli 2026
Publicatiedatum
7 september 2026
Zaaknummer
C/09/705278 / FA RK 26-4894
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Overeenstemming bereikt voorafgaand aan de zitting omtrent zorgregeling. Zaak ingetrokken door partijen, maar beschikking gewenst.

De rechtbank:

*

neemt op de door partijen getroffen onderlinge regelingen, die luiden als volgt:

  • in de eerste en derde week van de zomervakantie zal [minderjarige] bij de vader verblijven van maandagochtend 10.00 uur tot zondagavond 18.00 uur;
  • in de vijfde week van de zomervakantie zal weer de dan geldende zorgregeling tussen de vader en [minderjarige] gelden;
  • na de zomervakantie van 2026, vanaf de week van 31 augustus 2026, zal [minderjarige] in de even weken bij de vader verblijven van woensdagavond 18.00 uur tot zondagavond 18.00 uur, waarbij de vader [minderjarige] in de zomervakantie op maandagochtend bij de moeder zal ophalen en de moeder [minderjarige] op zondagavond bij de vader zal ophalen;
  • tijdens de zorgregeling buiten de zomervakantie zal de vader [minderjarige] op woensdagavond ophalen bij de moeder en zal de moeder [minderjarige] op zondagavond ophalen bij de vader;
  • uitgangspunt is dat de ouders zelf zorgdragen voor het halen en brengen van [minderjarige]: alleen in geval van een geldige reden van verhindering zal de andere ouder (danwel iemand anders in overleg met de andere ouder) voor het brengen of halen zorgdragen. Bij verhindering wordt dit uiterlijk twee uur van tevoren gemeld aan de andere ouder;
  • de verjaardag van [minderjarige] en pakjesavond zullen om en om gevierd worden;
  • [minderjarige] zal Vaderdag en Moederdag bij respectievelijk de vader en de moeder doorbrengen;
  • bij de verjaardagen van de ouders zal [minderjarige] aanwezig zijn;
  • eerste kerstdag zal [minderjarige] in de even jaren bij de vader doorbrengen en tweede kerstdag bij moeder;
  • in de oneven jaren zal [minderjarige] eerste kerstdag bij de moeder doorbrengen en tweede kerstdag bij de vader;
  • oudjaar zal [minderjarige] overdag bij de vader doorbrengen en in de avond bij de moeder;

*

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.F. Baaij, kinderrechter, bijgestaan door mr. T.A.L. Ravenhorst als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 juli 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken
  2. Procedure
  3. Feiten
  4. Verzoek en verweer
  5. Beoordeling
  6. Beslissing

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige kamer

Rekestnummer: FA RK 26-4894

Zaaknummer: C/09/705278

Datum beschikking: 23 juli 2026

Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken

Beschikking op het op 15 mei 2026 ingekomen verzoek van:

[de vader],

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. M.J. den Hollander-Fischer te Leiden.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. D.A.Y. Jacques te Rotterdam.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken waaronder:

­ het verzoekschrift, met bijlagen;

­ het F9-formulier van 13 juli 2026 van de zijde van de vader, met bijlage;

­ het F9-formulier van 15 juli 2026 van de zijde van de moeder, met bijlage.

De op 22 juli 2026 geplande behandeling ter zitting heeft niet plaatsgevonden omdat partijen voorafgaand daaraan overeenstemming hebben bereikt.

Feiten

­ Partijen hebben een affectieve relatie met elkaar gehad.

­ Zij zijn de ouders van het volgende nog minderjarige kind:

- [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2024 te [geboorteplaats].

­ [minderjarige] woont bij de moeder.

­ Partijen oefenen het gezamenlijk gezag over [minderjarige] uit.

­ Bij proces-verbaal in kort geding van deze rechtbank van 9 januari 2025 is– voor zover hier aan de orde – bepaald dat:

- de minderjarige, [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2024, voorlopig als volgt bij de vader zal verblijven:

- in de even weken: van vrijdag 18.00 uur tot zondag 18.00 uur;

- in de oneven weken: iedere zaterdag, van 10.00 uur tot 16.30 uur,

waarbij de vader [minderjarige] bij de moeder ophaalt en weer bij haar terugbrengt.

Verzoek en verweer

De vader heeft aanvankelijk verzocht – voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad –:

­ om de huidige zorgregeling te wijzigen in een zorgregeling, waarbij:

- [minderjarige] na de zomervakantie in de even weken van woensdag 18.00 uur tot zondag 18.00 uur bij de vader verblijft;

- [minderjarige] in de zomervakantie om de week van donderdag 18.00 uur tot donderdag 18.00 uur de week daarop bij de vader verblijft ingaande in de eerste volle week van de zomervakantie;

- [minderjarige] in tweeweekse vakanties in de even jaren de eerste week bij vader verblijft,

- dan wel een door de rechtbank in goede justitie vast te stellen zorgregeling op straffe van een dwangsom van € 250,00 per dag dat de moeder zich niet aan de zorgregeling houdt.

De moeder heeft hiertegen geen verweer gevoerd.

De advocaat van de vader heeft bij brief van 13 juli 2026 de rechtbank bericht dat de ouders overeenstemming hebben bereikt en dat zij verzoeken deze overeenstemming op te nemen in een beschikking.

De advocaat van de moeder heeft bij bericht van 15 juli 2026 de bereikte overeenstemming bevestigd en verzoekt eveneens deze overeenstemming op te nemen in een beschikking.

Beoordeling

Partijen zijn in de loop van de procedure tot overeenstemming gekomen en hebben beiden verzocht de door hen getroffen onderlinge regeling in een beschikking op te nemen.

De ouders zijn het volgende overeengekomen:

  • in de eerste en derde week van de zomervakantie zal [minderjarige] bij de vader verblijven van maandagochtend 10.00 uur tot zondagavond 18.00 uur;
  • in de vijfde week van de zomervakantie zal weer de dan geldende zorgregeling tussen de vader en [minderjarige] gelden;
  • na de zomervakantie van 2026, vanaf de week van 31 augustus 2026, zal [minderjarige] in de even weken bij de vader verblijven van woensdagavond 18.00 uur tot zondagavond 18.00 uur, waarbij de vader [minderjarige] in de zomervakantie op maandagochtend bij de moeder zal ophalen en de moeder [minderjarige] op zondagavond bij de vader zal ophalen;
  • tijdens de zorgregeling buiten de zomervakantie zal de vader [minderjarige] op woensdagavond ophalen bij de moeder en zal de moeder [minderjarige] op zondagavond ophalen bij de vader;
  • uitgangspunt is dat de ouders zelf zorgdragen voor het halen en brengen van [minderjarige]: alleen in geval van een geldige reden van verhindering zal de andere ouder (danwel iemand anders in overleg met de andere ouder) voor het brengen of halen zorgdragen. Bij verhindering wordt dit uiterlijk twee uur van tevoren gemeld aan de andere ouder;
  • de verjaardag van [minderjarige] en pakjesavond zullen om en om gevierd worden;
  • [minderjarige] zal Vaderdag en Moederdag bij respectievelijk de vader en de moeder doorbrengen;
  • bij de verjaardagen van de ouders zal [minderjarige] aanwezig zijn;
  • eerste kerstdag zal [minderjarige] in de even jaren bij de vader doorbrengen en tweede kerstdag bij moeder;
  • in de oneven jaren zal [minderjarige] eerste kerstdag bij de moeder doorbrengen en tweede kerstdag bij de vader;
  • oudjaar zal [minderjarige] overdag bij de vader doorbrengen en in de avond bij de moeder.

De rechtbank zal conform deze overeenstemming beslissen, omdat niet is gebleken dat het belang van [minderjarige] zich hiertegen verzet en omdat het nader verzochte niet onrechtmatig en niet ongegrond is. Hetgeen oorspronkelijk meer of anders is verzocht, beschouwt de rechtbank als ingetrokken.

Beslissing

De rechtbank:

*

neemt op de door partijen getroffen onderlinge regelingen, die luiden als volgt:

  • in de eerste en derde week van de zomervakantie zal [minderjarige] bij de vader verblijven van maandagochtend 10.00 uur tot zondagavond 18.00 uur;
  • in de vijfde week van de zomervakantie zal weer de dan geldende zorgregeling tussen de vader en [minderjarige] gelden;
  • na de zomervakantie van 2026, vanaf de week van 31 augustus 2026, zal [minderjarige] in de even weken bij de vader verblijven van woensdagavond 18.00 uur tot zondagavond 18.00 uur, waarbij de vader [minderjarige] in de zomervakantie op maandagochtend bij de moeder zal ophalen en de moeder [minderjarige] op zondagavond bij de vader zal ophalen;
  • tijdens de zorgregeling buiten de zomervakantie zal de vader [minderjarige] op woensdagavond ophalen bij de moeder en zal de moeder [minderjarige] op zondagavond ophalen bij de vader;
  • uitgangspunt is dat de ouders zelf zorgdragen voor het halen en brengen van [minderjarige]: alleen in geval van een geldige reden van verhindering zal de andere ouder (danwel iemand anders in overleg met de andere ouder) voor het brengen of halen zorgdragen. Bij verhindering wordt dit uiterlijk twee uur van tevoren gemeld aan de andere ouder;
  • de verjaardag van [minderjarige] en pakjesavond zullen om en om gevierd worden;
  • [minderjarige] zal Vaderdag en Moederdag bij respectievelijk de vader en de moeder doorbrengen;
  • bij de verjaardagen van de ouders zal [minderjarige] aanwezig zijn;
  • eerste kerstdag zal [minderjarige] in de even jaren bij de vader doorbrengen en tweede kerstdag bij moeder;
  • in de oneven jaren zal [minderjarige] eerste kerstdag bij de moeder doorbrengen en tweede kerstdag bij de vader;
  • oudjaar zal [minderjarige] overdag bij de vader doorbrengen en in de avond bij de moeder;

*

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.F. Baaij, kinderrechter, bijgestaan door mr. T.A.L. Ravenhorst als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 juli 2026.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.