Uitspraak · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 18 augustus 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:23164Zaaknummer NL25.58957
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 18 augustus 2026
- Publicatiedatum
- 18 augustus 2026
- Zaaknummer
- NL25.58957
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Vereenvoudigde behandeling
- Zittingsplaats
- Groningen
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
plakvovo, afgewezen na uitspraak op beroep
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.P. Kuiters, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.58957
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam] , V-nummer: [nummer] , verzoekster
(gemachtigde: mr. J. van Bennekom),
en
de minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. S.H. de Vries).
Samenvatting
1. Deze uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening gaat over de afwijzing van de aanvraag van verzoekster. Verzoekster is het hier niet mee eens. Zij heeft daarom beroep ingesteld[_749a17a2-9134-4b49-a4f9-caf9875ccf35] en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter wijst in deze uitspraak het verzoek af. Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe hij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Procesverloop
2. Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor toetsing aan het EU-recht. De minister heeft deze aanvraag met het besluit van 3 juli 2025 afgewezen. Met het bestreden besluit van 3 november 2025 op het bezwaar van verzoekster is de minister bij de afwijzing van de aanvraag gebleven.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 30 juli 2026, samen met het beroep met nummer NL25.58956, op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van verzoekster en de gemachtigde van de minister. Het onderzoek ter zitting is gesloten.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
3. Verzoekster heeft gevraagd om vrijstelling van de verplichting tot het betalen van griffierecht. De voorzieningenrechter wijst dit verzoek toe. Verzoekster is geen griffierecht verschuldigd.
4. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.P. Kuiters, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.