Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Den Haag, 16 juli 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:22932Zaaknummer C/09/708493 / KG ZA 26-761
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 16 juli 2026
- Publicatiedatum
- 17 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/09/708493 / KG ZA 26-761
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Kort geding
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Vervangende toestemming vakantie. Proceskostenveroordeling.
3 De beslissing
De voorzieningenrechter:
verleent toestemming aan de moeder – welke de toestemming van de vader vervangt – om in de periode van 28 juli tot en met 6 augustus 2026 naar [plaats], Turkije te reizen met de minderjarigen:
- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2015 te [geboorteplaats];
- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2018 te [geboorteplaats];
veroordeelt de vader in de kosten van dit geding, tot dusverre aan de zijde van de moeder begroot op € 1.226,57,--, waarvan € 760,-- aan salaris advocaat, € 341,-- aan griffierecht en € 125,57-- aan dagvaardingskosten, in voorkomende gevallen te vermeerderen met btw, te vermeerderen met nakosten zoals vermeld in 2.5;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.S. Honée en in het openbaar uitgesproken op 16 juli 2026.
MS
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Rechtbank den haag
Team handel - voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/708493 / KG ZA 26-761
Vonnis in kort geding van 16 juli 2026
in de zaak van
[de moeder] te [woonplaats]
de moeder,
advocaat mr. M.M.C. van der Sanden te Den Haag
tegen:
[de vader] te [woonplaats]
de vader,
niet verschenen.
Eiseres wordt hierna ‘de moeder’ genoemd en gedaagde ‘de vader’.
1 De procedure
De moeder heeft de dagvaarding doen uitbrengen overeenkomstig de aangehechte kopie en heeft ter zitting van 13 juli 2026 bij de daarin opgenomen eis volhard.
De vader is behoorlijk opgeroepen tegen die zitting, maar hij is daar niet verschenen. Tegen de vader is verstek verleend.
2 De beoordeling van het geschil
De moeder vordert om haar bij vonnis vervangende toestemming te verlenen om van 28 juli 2026 tot en met 6 augustus 2026 met de kinderen naar [plaats], Turkije te reizen. Daarnaast vordert zij veroordeling van de vader in de proceskosten.
De moeder heeft daartoe onder meer het volgende aangevoerd. De moeder heeft de vader meerdere keren verzocht om toestemming te verlenen voor de vakantie. De vader heeft de berichten van de moeder wel gelezen, maar reageert daar niet op. Het lukt de moeder ook niet om in contact te komen met de vader over andere zaken die de kinderen betreffen, zoals beslissingen over school en medische behandelingen.
De vordering komt de voorzieningenrechter noch onrechtmatig noch ongegrond voor en wordt daarom – op de wijze zoals hierna vermeld – toegewezen.
De vader zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van dit geding. De voorzieningenrechter zal de vader veroordelen om de kosten van de dagvaarding (€ 125,57--, het griffierecht (€ 341,--) en het salaris van de advocaat volgens het liquidatietarief (€ 760,--) aan de moeder te vergoeden.
Onder de proceskosten vallen ook de nakosten. De nakosten worden begroot op het bedrag genoemd in het liquidatietarief civiel (per 1 februari 2026: € 189,--). In geval van betekening worden een extra bedrag aan salaris (per 1 februari 2026: € 98,--) en de explootkosten van betekening toegekend.
3 De beslissing
De voorzieningenrechter:
verleent toestemming aan de moeder – welke de toestemming van de vader vervangt – om in de periode van 28 juli tot en met 6 augustus 2026 naar [plaats], Turkije te reizen met de minderjarigen:
- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2015 te [geboorteplaats];
- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2018 te [geboorteplaats];
veroordeelt de vader in de kosten van dit geding, tot dusverre aan de zijde van de moeder begroot op € 1.226,57,--, waarvan € 760,-- aan salaris advocaat, € 341,-- aan griffierecht en € 125,57-- aan dagvaardingskosten, in voorkomende gevallen te vermeerderen met btw, te vermeerderen met nakosten zoals vermeld in 2.5;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.S. Honée en in het openbaar uitgesproken op 16 juli 2026.
MS
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.