Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 2 juli 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:21551Zaaknummer C/09/701936 / FA RK 26-2864

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
2 juli 2026
Publicatiedatum
20 augustus 2026
Zaaknummer
C/09/701936 / FA RK 26-2864
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Vervangende toestemming medisch

De rechtbank:

*

verleent de moeder vervangende toestemming, die de toestemming van de vader vervangt, teneinde de noodzakelijke (medische en/of diagnostische) onderzoeken ten behoeve van de minderjarigen [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2015 te [geboorteplaats] in [geboorteland], en [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2014 te [geboorteplaats] in [geboorteland], te kunnen (doen) opstarten;

*

bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.

*

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.C. Olland, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. S.J. te Boekhorst als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juli 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Vervangende toestemming hulpverlening
  2. Procedure
  3. Feiten
  4. Verzoek en verweer
  5. Beoordeling
  6. Beslissing

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige Kamer

Rekestnummer: FA RK 26-2864

Zaaknummer: C/09/701936

Datum beschikking: 2 juli 2026

Vervangende toestemming hulpverlening

Beschikking op het op 22 maart 2023 ingekomen verzoek van:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. T. Kahya-Ekinci te Rijswijk.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vader],

de vader,

volgens de Registratie Niet Ingezetenen (RNI) sinds 6 januari 2026 in een onbekend land zonder bekend adres.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:

  • het verzoekschrift;
  • het F9-formulier van 24 maart 2026 van de zijde van de moeder;
  • het F9-formulier van 21 april 2026 van de zijde van de moeder met bijlage.

[minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben zich in raadkamer uitgelaten over het verzoek.

Op 18 juni 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen:

  • de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
  • de begeleidster van de moeder, mevrouw [naam];
  • de tolk van de moeder, de heer H. Rida.

De vader is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.

Feiten

- Partijen zijn gehuwd op [datum] 2013.

- Zij zijn de ouders van de volgende thans nog minderjarige kinderen:

- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2015 te [geboorteplaats] in [geboorteland],

- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2014 te [geboorteplaats] in [geboorteland].

- Volgens uittreksels uit de Basisregistratie Personen (BRP) hebben partijen en de kinderen de Syrische nationaliteit.

- Uit het uittreksel uit de Basisregistratie Personen (BRP) blijkt dat de vader is geregistreerd als niet ingezetene met als datum sinds 6 januari 2026. De bijhouding is op die datum opgeschorst met als reden: Emigratie.

- De moeder heeft op 17 oktober 2025 een verzoekschrift tot echtscheiding met

nevenvoorzieningen, alsmede een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening strekkende tot toevertrouwing van de kinderen aan de moeder gedurende de bodemprocedure, ingediend.

- Bij beschikking van deze rechtbank van 10 december 2025 is bepaald dat de kinderen aan de moeder zullen worden toevertrouwd.

Verzoek en verweer

De moeder heeft verzocht:

- te bepalen dat aan haar vervangende toestemming wordt verleend, welke in de plaats treedt van de vereiste toestemming van de vader, teneinde de noodzakelijke (medische en/of diagnostische) onderzoeken ten behoeve van de minderjarigen te kunnen (doen) opstarten;

een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad en kosten rechtens.

Beoordeling

Voor de beoordeling van het verzoek van de moeder is van belang om te bepalen of de ouders gezamenlijk met het gezag over de kinderen zijn belast.

Omdat de kinderen hun gewone verblijfplaats hebben in Nederland, is het Nederlands recht van toepassing op de vraag of partijen al dan niet samen het gezag hebben. Naar Nederlands recht is er van rechtswege gezamenlijk gezag als een minderjarige tijdens het huwelijk is geboren, zodat partijen gezamenlijk belast zijn met het gezag over de kinderen.

Rechtsmacht en toepasselijk recht

Nu de ouders en de kinderen de Syrische nationaliteit bezitten, draagt deze zaak een internationaal karakter, zodat eerst de vraag moet worden beantwoord of de Nederlandse rechter rechtsmacht toekomt.

Nu de gewone verblijfplaats van de kinderen in Nederland is, is de Nederlandse rechter bevoegd om naar Nederlands recht te beslissen op het verzoek van de moeder.

Juridisch kader

Artikel 1: 253a eerste en tweede lid BW bepaalt dat in geval van gezamenlijke gezagsuitoefening geschillen tussen de ouders, op verzoek van beide of van een van hen aan de rechtbank kunnen worden voorgelegd en dat de rechtbank een regeling kan vaststellen inzake de uitoefening van het ouderlijk gezag.

Inhoudelijke beoordeling

De moeder heeft -onweersproken- het volgende aan haar verzoek ten grondslag gelegd. Sinds de overplaatsing van de moeder en de kinderen naar de crisisopvang is er geen contact meer geweest tussen de moeder en de vader. Er is ook geen contact tussen de vader en de kinderen. De school van de kinderen heeft aan de moeder laten weten dat zij graag, in het belang van de kinderen, willen dat de kinderen, middels een verwijzing, worden onderzocht bij de [ziekenhuis] Poli Bijzondere Kinderen. Aanleiding hiervoor vormen de geconstateerde leerproblemen op school. Voor het opstarten van het voormelde onderzoekstraject is de toestemming van de vader nodig. De vader is mogelijk naar Syrië vertrokken. Hij is per 6 januari 2026 uitgeschreven van zijn adres in Nederland. De moeder en de advocaat van de vader in de echtscheidingsprocedure krijgen geen contact met hem, zodat de moeder zich genoodzaakt ziet om vervangende toestemming te vragen zodat de noodzakelijke diagnostiek en hulpverlening zo spoedig mogelijk te kunnen opstarten.

De vader heeft geen verweer gevoerd.

De rechtbank overweegt als volgt. De rechtbank acht het in het belang van de kinderen dat er verder onderzoek (medisch en/of diagnostisch) plaats kan vinden. Uit de stukken en op de zitting is het de rechtbank gebleken dat er bij [minderjarige 2] sprake is van leerproblemen en een vermoeden van een syndroom. Bij [minderjarige 1] is er sprake van leerproblemen op school en het is in zijn belang om nu al de gevraagde vervangende toestemming te verlenen voor het geval dat er ook voor hem nader onderzoek nodig is.

Proceskosten

Gelet op het feit dat het hier een procedure van familierechtelijke aard betreft, zal de rechtbank de proceskosten compenseren als hierna vermeld.

Beslissing

De rechtbank:

*

verleent de moeder vervangende toestemming, die de toestemming van de vader vervangt, teneinde de noodzakelijke (medische en/of diagnostische) onderzoeken ten behoeve van de minderjarigen [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2015 te [geboorteplaats] in [geboorteland], en [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2014 te [geboorteplaats] in [geboorteland], te kunnen (doen) opstarten;

*

bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.

*

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.C. Olland, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. S.J. te Boekhorst als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juli 2026.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.