Uitspraak · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 22 juni 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:21099Zaaknummer AWB 25/11982
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 22 juni 2026
- Publicatiedatum
- 18 augustus 2026
- Zaaknummer
- AWB 25/11982
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Beroep ongegrond; De rechtbank is van oordeel dat verweerder de ROV 4-maatregel aan eiser heeft kunnen opleggen en die maatregel voldoende heeft gemotiveerd.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M. de Wit, rechter, in aanwezigheid van mr. S.M.H. van der Velden, griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 juni 2026.
| griffier | rechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen vier weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummer: AWB 25/11982
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 juni 2026 in de zaak tussen
[eiser], eiser
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. R.C. van den Berg),
en
het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, verweerder
(gemachtigde: mr. F.H. van Zanden).
Inleiding
1. Bij besluit van 24 mei 2025 heeft verweerder aan eiser een maatregel 4 uit het Reglement Onthoudingen en Verstrekkingen (ROV) opgelegd en daarbij gedurende een week de financiële verstrekkingen ingehouden.
Eiser heeft beroep ingesteld tegen dit besluit.
De rechtbank heeft het beroep op 11 mei 2026 op zitting behandeld. Hieraan heeft de gemachtigde van verweerder deelgenomen. Eiser en zijn gemachtigde hebben zich voorafgaand aan de zitting afgemeld.
Beoordeling door de rechtbank
Waar gaat deze zaak over?
2. Verweerder heeft bij het bestreden besluit een ROV 4-maatregel aan eiser opgelegd naar aanleiding van een ruzie tussen eiser en drie andere bewoners op 22 mei 2025, waarbij eiser bewoner A fysiek heeft aangevallen. Omdat niet kon worden vastgesteld wie welk aandeel had in het gevecht is aan beiden een ROV-maatregel opgelegd, ingaande per 24 mei 2025. Hoewel het bestreden besluit vermeldt dat alle verstrekkingen op grond van de Regeling asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 (Rva) gedurende een week zullen worden ingehouden, blijkt uit het verweerschrift dat alleen de financiële verstrekkingen gedurende een week zijn ingehouden en dat eiser op locatie alle verstrekkingen in natura heeft ontvangen. Verweerder gaat niet mee in eisers betoog dat hij zichzelf enkel heeft verdedigd, nu bewoners A, C en D hebben verklaard dat eiser de agressor was. Verweerder voegt hier aan toe dat, al zou sprake zijn van zelfverdediging, dat nog steeds niet de fysieke agressie naar bewoner A rechtvaardigt. Verweerder stelt zich op het standpunt dat door het gebruiken van fysiek geweld een situatie van grote impact is ontstaan. Daarom is aan eiser een ROV 4-maatregel opgelegd.
Wat vindt eiser in beroep?
3. Eiser is het niet eens met het bestreden besluit. Eiser voert aan dat hij fysiek en verbaal is aangevallen door drie personen. Ook is zijn kast geforceerd. Ze hebben hem daarbij verwond aan zijn gezicht. Eiser stelt dat hij zich uitsluitend heeft verdedigd tegen deze agressieve aanval. Het feitenonderzoek geeft geen volledig beeld van hem als slachtoffer. Eiser is van mening dat het volledig stopzetten van de verstrekkingen voor een week onterecht en buitenproportioneel is. De maatregel heeft ernstige impact op zijn dagelijks leven en gevoel van veiligheid.
Wat is het oordeel van de rechtbank?
4. De rechtbank is van oordeel dat het beroep van eiser ongegrond is. Hieronder
motiveert de rechtbank hoe zij tot dit oordeel is gekomen.
De ROV 4-maatregel
5. Op grond van artikel 10, eerste lid, aanhef en onder h, van de Rva kan het COA verstrekkingen beperken of, in uitzonderlijke gevallen intrekken indien de asielzoeker ernstig inbreuk maakt op de verplichtingen, bedoeld in artikel 19, eerste lid. Op grond van artikel 19, eerste lid, aanhef en onder a, van de Rva is de asielzoeker die onderdak heeft in een opvangvoorziening verplicht de huisregels na te leven die zijn neergelegd in het reglement van de desbetreffende opvangvoorziening. In de huisregels staat vermeld dat elke vorm van (het aanzetten tot) agressie en geweld tegen anderen in Nederland verboden is en wordt bestraft.
Op grond van paragraaf 4.1 van het Maatregelenbeleid 2025 heeft een gedraging een grote impact, indien sprake is van agressie en geweld tegen medebewoners. Bij een gedraging met grote impact kan een ROV 4 en 5-maatregel worden opgelegd.
De rechtbank is van oordeel dat verweerder de ROV 4-maatregel aan eiser heeft kunnen opleggen en die maatregel voldoende heeft gemotiveerd. Uit het feitenonderzoek blijkt dat eiser fysiek geweld heeft gebruikt tegen bewoner A. Dit wordt ook niet betwist door eiser. Verweerder heeft eisers betoog dat hij zou zijn aangevallen door bewoners A, C en D en enkel uit zelfverdediging handelde, niet hoeven volgen. Bewoners A, C en D verklaren namelijk alle drie dat eiser de agressor was. Daar komt bij dat, al zou wel sprake zijn geweest van zelfverdediging, verweerder alsnog de ROV 4-maatregel heeft kunnen opleggen. In de huisregels van het COA staat namelijk vermeld dat agressie of geweld tegen bewoners verboden is. Deze huisregel heeft eiser overtreden. Aanvullend blijkt uit het feitenonderzoek dat eiser niet de-escalerend heeft gehandeld, terwijl van hem verwacht had mogen worden dat hij de-escaleert en medewerkers van het COA of de beveiliging erbij haalt in plaats van fysiek geweld inzet. Tot slot heeft verweerder zich op het standpunt kunnen stellen dat de vastgestelde gedraging een grote impact heeft op de omgeving en dit de ROV 4-maatregel rechtvaardigt.
Eisers betoog dat de maatregel disproportioneel is, volgt de rechtbank niet. Met het opleggen van een ROV 4-maatregel is het namelijk ook mogelijk om een time-out met locatieverbod op te leggen voor bepaalde tijd, maar hier is in dit geval niet voor gekozen omdat verweerder het passender achtte om eiser voor een aantal dagen te plaatsen in een noodopvanghuis om de rust te laten wederkeren. Hieruit volgt dat verweerder ervan heeft afgezien om deze ingrijpendere maatregel op te leggen, terwijl zij hier ook toe bevoegd was. De rechtbank ziet daarom niet in, zonder verder nadere toelichting van eiser, waarom de maatregel in dit geval disproportioneel zou zijn.
Conclusie en gevolgen
6. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiser geen gelijk krijgt. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M. de Wit, rechter, in aanwezigheid van mr. S.M.H. van der Velden, griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 juni 2026.
| griffier | rechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen vier weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.