Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 18 juni 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:19898Zaaknummer C/09/698746 / FA RK 26-983

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
18 juni 2026
Publicatiedatum
3 augustus 2026
Zaaknummer
C/09/698746 / FA RK 26-983
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Overeenstemming. Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken, kinderalimentatie en voorlopige voorzieningen ex artikel 223 Rv.

De rechtbank:

*stelt vast dat de ouders zich hebben aangemeld bij Kracht Den Haag, waarbij zij worden doorverwezen naar een omgangshuis in regio Den Haag, met als doel dat de omgang tussen de vader en de kinderen weer wordt opgestart en opgebouwd;

*bepaalt dat met ingang van 1 april 2026 de vader € 340,- per kind per maand aan kinderalimentatie aan de moeder betaalt, waarbij de reeds door de vader betaalde € 150,- per kind per maand wordt verrekend;

* bepaalt dat de vader nog één maand aan achterstallige kinderalimentatie aan de moeder voldoet, ter hoogte van € 300,-.

*verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

*wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. C. de Jong-Kwestro, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. A. Hoek als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 juni 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procedure
  2. Feiten
  3. Beoordeling
  4. Beslissing

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige Kamer

Rekestnummers: FA RK 26-983 (voorlopige voorzieningenprocedure) FA RK 25-8576 (bodemprocedure)

Zaaknummers: C/09/698746 (voorlopige voorzieningenprocedure)

C/09/694544 (bodemprocedure)

Datum beschikking: 18 juni 2026

Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken, kinderalimentatie en voorlopige voorzieningen ex artikel 223 Rv

Beschikking op het op 10 november 2025 ingekomen verzoek in de bodemprocedure van:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. S. Kievit te Breda.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vader],

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. E.C.A.E. Verschuren te Gilze.

en beschikking op het 27 januari 2026 ingekomen verzoek in de voorlopige voorzieningenprocedure ex artikel 223 Rv van:

[de vader],

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. E.C.A.E. Verschuren te Gilze.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. S. Kievit te Breda.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:

  • het verzoekschrift, van de moeder;
  • het verweerschrift tevens houdende zelfstandig verzoek en een verzoek op grond van artikel 223 Rv, van 27 januari 2026, van de vader;

- het verweer tegen het zelfstandig verzoek, van de moeder;

- het F9-formulier met bijlagen, van 7 mei 2026, van de vader;

- het F9-formulier met bijlagen, van 11 mei 2026, van de moeder;

- het F9-formulier met bijlagen, van 18 mei 2026, van de vader;

- het F9-formulier, van 21 mei 2026, van de vader;

- de brief van 21 mei 2026, van de vader;

- het F9-formulier, van 21 mei 2026, van de moeder.

De minderjarigen [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] hebben in een gesprek met de rechter laten weten wat zij van het verzoek vinden.

Blijkens de berichten van de vader en de moeder van 21 mei 2026 hebben de ouders overeenstemming bereikt. De rechtbank is verzocht de bereikte overeenstemming vast te leggen in een beschikking. Gelet hierop is afgezien van een behandeling op zitting.

Feiten

- Het geregistreerd partnerschap tussen de ouders is op 17 augustus 2018 ontbonden.

- Zij zijn de ouders van de volgende nu nog minderjarige kinderen:

- [de minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2016 te [geboorteplaats];

- [de minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2016 te [geboorteplaats].

- De ouders oefenen het gezamenlijk gezag over de kinderen uit.

- Bij beschikking van deze rechtbank van 19 juli 2018 is – voor zover hier van belang – bepaald dat de vader een bedrag van € 137,50 per kind per maand op de kinderrekening van de ouders stort, als bijdrage in de kosten van de verzorging en opvoeding van de kinderen.

- Op 7 oktober 2019 zijn de ouders een ouderschapsplan overeengekomen – voor zover hier van belang – inhoudende dat:

- de kinderen hun hoofdverblijf bij de moeder hebben; - de kinderen één weekend per twee weken van zaterdag om 13.00 uur tot zondag om 19.00 uur bij de vader zijn, alsmede één middag, en eenmaal per vier weken van vrijdagmiddag tot zondag om 19.00 uur;

- de kinderen vanaf 2020 om het weekend van vrijdagmiddag tot zondagavond 19.00 uur bij de vader verblijven;

- de vader aan de moeder een kinderalimentatie voldoet van € 150,- per kind per maand.

Beoordeling

Partijen hebben overeenstemming bereikt en zij hebben verzocht deze overeenstemming op te nemen in een beschikking.

De rechtbank zal conform deze overeenstemming beslissen, nu het nader verzochte niet onrechtmatig en niet ongegrond is. De rechtbank benadrukt hierbij dat zij van de ouders verwacht dat zij zich aan de door hun gemaakte afspraken houden en dat zij zich zullen inzetten voor het traject bij Kracht. Alles wat oorspronkelijk meer of anders is verzocht (daaronder begrepen het verzoek om voorlopige voorzieningen), beschouwt de rechtbank – gelet op de overeenstemming – als ingetrokken, zodat daarop niet meer hoeft te worden beslist.

Beslissing

De rechtbank:

*stelt vast dat de ouders zich hebben aangemeld bij Kracht Den Haag, waarbij zij worden doorverwezen naar een omgangshuis in regio Den Haag, met als doel dat de omgang tussen de vader en de kinderen weer wordt opgestart en opgebouwd;

*bepaalt dat met ingang van 1 april 2026 de vader € 340,- per kind per maand aan kinderalimentatie aan de moeder betaalt, waarbij de reeds door de vader betaalde € 150,- per kind per maand wordt verrekend;

* bepaalt dat de vader nog één maand aan achterstallige kinderalimentatie aan de moeder voldoet, ter hoogte van € 300,-.

*verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

*wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. C. de Jong-Kwestro, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. A. Hoek als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 juni 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.