Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 13 maart 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:14487Zaaknummer NL25.26382

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
13 maart 2026
Publicatiedatum
1 juni 2026
Zaaknummer
NL25.26382
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Voorlopige voorziening
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Voorlopige voorziening bij NL25.26379. Voorlopige voorziening afgewezen.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M. den Dulk, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. F.J. Attema, griffier.

zaaknummer: NL25.263822

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

13 maart 2026

Documentcode: [Documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procesverloop
  2. Beoordeling door de voorzieningenrechter
  3. Beslissing
  4. Documentcode: [Documentcode]
  5. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL25.26382

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker], V-nummer: [V-nummer], verzoeker (gemachtigde: mr. N.R.H. Boon),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder (gemachtigde: mr. E. de Bonth).

Procesverloop

Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier ‘humanitair niet-tijdelijk’. De minister heeft deze aanvraag met het besluit van 4 juni 2024 afgewezen. Met het bestreden besluit van 16 mei 2025 op het bezwaar van verzoeker is de minister bij de afwijzing van de aanvraag gebleven. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 11 november 2025, samen met NL25.26379, op zitting behandeld. Hieraan heeft deelgenomen: de gemachtigde van de minister.

Verzoeker en de gemachtigde van verzoeker zijn – met kennisgeving voorafgaand aan de zitting – niet verschenen.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.26379, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M. den Dulk, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. F.J. Attema, griffier.

zaaknummer: NL25.263822

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

13 maart 2026

Documentcode: [Documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.