Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 13 mei 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:12859Zaaknummer NL26.2903

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
13 mei 2026
Publicatiedatum
21 mei 2026
Zaaknummer
NL26.2903
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Voorlopige voorziening
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Voorlopige voorziening hangende asielberoep afgewezen.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J. Janssen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van Z.P. de Wilde, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: 13 mei 2026.

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Inleiding
  2. Beoordeling door de voorzieningenrechter
  3. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.2903

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker], V-nummer: [V-nummer], verzoeker,

(gemachtigde: mr. E. Berger),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister,

(gemachtigde: mr. E. Spykerman).

Inleiding

1. Verzoeker heeft een herhaalde aanvraag ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft met het bestreden besluit van 13 januari 2026 deze aanvraag in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

1.1.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van de NL26.2902, op 13 april 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigde van verzoeker, I. Osman als tolk en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.2902, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep en het beroep ongegrond verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J. Janssen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van Z.P. de Wilde, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: 13 mei 2026.

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.