Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 24 oktober 2025

ECLI:NL:RBDHA:2025:25008Zaaknummer C/09/689482 / FA RK 25-5851

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
24 oktober 2025
Publicatiedatum
6 januari 2026
Zaaknummer
C/09/689482 / FA RK 25-5851
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Vervangende toestemming psychologische behandeling

De rechtbank:

*

verleent toestemming aan de moeder, welke de toestemming van de vader vervangt, voor psychologische diagnostiek en (verdere) psychologische behandeling voor de kinderen:

  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2010 in [geboorteplaats 1], [land];
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2015 in [geboorteplaats 2];
  • [minderjarige 3], geboren op [geboortedatum 3] 2021 in [geboorteplaats 2];

*

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. C.G. Meeder, kinderrechter, bijgestaan door mr. P.M.A. van Oosten als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 24 oktober 2025.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Vervangende toestemming psychologische behandeling
  2. Procedure
  3. Feiten
  4. Verzoek en verweer
  5. Beoordeling
  6. Beslissing

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige Kamer

Rekestnummer: FA RK 25-5851

Zaaknummer: C/09/689482

Datum beschikking: 24 oktober 2025

Vervangende toestemming psychologische behandeling

Beschikking op het op 1 augustus 2025 ingekomen verzoek van:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. T. Ertekin in Den Haag.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vader],

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift, met bijlagen, namens de moeder.

De minderjarigen [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben hun mening over het verzoek gegeven in een gesprek met de kinderrechter.

Op 26 september 2025 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de moeder met haar advocaat en tolk T. Buyukasik, en [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad). De vader is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.

Feiten

  • De moeder en de vader zijn gehuwd geweest van [datum 1] 2009 tot [datum 2] 2024.
  • Zij zijn de ouders van de volgende nu nog minderjarige kinderen:
  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2010 in [geboorteplaats 1], [land];
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2015 in [geboorteplaats 2];
  • [minderjarige 3], geboren op [geboortedatum 3] 2021 in [geboorteplaats 2].
  • De ouders oefenen het gezamenlijk gezag uit over de kinderen.
  • De moeder heeft de Turkse nationaliteit. De vader en de kinderen hebben in ieder geval de Nederlandse nationaliteit.
  • Bij beschikking van 19 december 2023 van deze rechtbank is – voor zover hier van belang – de echtscheiding tussen partijen uitgesproken en is bepaald dat het aangehechte ouderschapsplan deel uitmaakt van de beschikking.
  • In het ouderschapsplan zijn de ouders – voor zover hier van belang – het volgende overeengekomen:

“Medische aangelegenheden:

Beslissingen omtrent medische aangelegenheden zullen ouders in onderling overleg nemen.”

  • Bij vonnis in kort geding van 4 april 2025 van deze rechtbank is – voor zover hier van belang – de Raad voor de Kinderbescherming verzocht om een onderzoek te verrichten en is de omgang tussen de vader en de kinderen opgeschort, tenminste tot de uitkomst van het raadsonderzoek bekend is.
  • Bij beschikking van 14 juli 2025 van de kinderrechter in deze rechtbank zijn de kinderen onder toezicht gesteld van Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden met ingang van 14 juli 2025 tot 14 juli 2026.

Verzoek en verweer

De moeder verzoekt aan haar toestemming te verlenen, welke toestemming die van de vader vervangt, voor psychologische diagnostiek en (verdere) psychologische behandeling van [minderjarige 1], [minderjarige 2] en [minderjarige 3], voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.

De vader heeft geen verweer gevoerd.

Beoordeling

Artikel 1:253a lid 1 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat in geval van gezamenlijke gezagsuitoefening geschillen tussen de ouders op verzoek van beiden of één van hen aan de rechtbank kunnen worden voorgelegd. De rechtbank is er niet in geslaagd partijen te verenigen. De rechtbank neemt hierom een zodanige beslissing als haar in het belang van het kind wenselijk voorkomt.

De moeder geeft aan dat de vader tijdens het huwelijk altijd agressief is geweest en dat zij stelselmatig door hem werd mishandeld. Zij heeft op 30 april 2023 aangifte gedaan van huiselijk geweld en de vader is daarvoor veroordeeld. Recentelijk heeft zich een incident voorgedaan. [minderjarige 1] is hier enorm van geschrokken. De wijkagent en de Raad zijn hierna betrokken geraakt via de betrokken hulpverlener van Kracht. De omgang met de vader is daarna opgeschort via een kort geding. De Raad heeft onderzoek gedaan, naar aanleiding waarvan de kinderen in juli 2025 onder toezicht zijn gesteld. De moeder geeft aan dat [minderjarige 2] ook bang is voor de vader en weigert met hem mee te gaan. De moeder geeft aan dat de kinderen hulpverlening moeten krijgen, maar dat de vader zijn medewerking weigert te verlenen.

De rechtbank overweegt als volgt. Gebleken is dat de Raad op de zitting over de ondertoezichtstelling hulpverlening voor de kinderen heeft geadviseerd. Deze hulpverlening komt tot op heden niet van de grond. Nu de man geen verweer voert zal de rechtbank, mede gelet op het advies van de Raad, in het belang van de kinderen het verzoek van de moeder toewijzen.

Beslissing

De rechtbank:

*

verleent toestemming aan de moeder, welke de toestemming van de vader vervangt, voor psychologische diagnostiek en (verdere) psychologische behandeling voor de kinderen:

  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2010 in [geboorteplaats 1], [land];
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2015 in [geboorteplaats 2];
  • [minderjarige 3], geboren op [geboortedatum 3] 2021 in [geboorteplaats 2];

*

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. C.G. Meeder, kinderrechter, bijgestaan door mr. P.M.A. van Oosten als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 24 oktober 2025.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.