Uitspraak · Strafrecht

Rechtbank Den Haag, 10 december 2025

ECLI:NL:RBDHA:2025:23605Zaaknummer C/09/695510 / KG RK 25-1651

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
10 december 2025
Publicatiedatum
11 december 2025
Zaaknummer
C/09/695510 / KG RK 25-1651
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Wraking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Wraking. Verzoeker wordt in zijn wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard omdat in de hoofdzaak al einduitspraak is gedaan.

4 De beslissing

De wrakingskamer:

4.1.

verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het wrakingsverzoek;

4.2.

beveelt dat (een afschrift van) deze beslissing met inachtneming van het bepaalde bij artikel 515, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegezonden aan:

 de verzoeker;

 de officier van justitie;

 de rechter.

Deze beslissing is gegeven door mrs. A.M.A. Keulen, S.M. Westerhuis-Evers en E.E. Schotte, in tegenwoordigheid van de griffier mr. M.L. van Nooijen-Kühler en in het openbaar uitgesproken op 10 december 2025.

de griffier de voorzitter

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 Het wrakingsverzoek
  3. 3 De beoordeling
  4. 4 De beslissing

Rechtbank den haag

Wrakingskamer

wrakingnummer 2025/77

zaak- /rekestnummer: C/09/695510 / KG RK 25-1651

Beslissing van 10 december 2025

van de meervoudige wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van

[verzoeker],

wonende te [woonplaats],

hierna te noemen: verzoeker,

strekkende tot de wraking van

mr. L. Anemaet,

rechter in deze rechtbank,

hierna te noemen: de rechter.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het schriftelijke wrakingsverzoek, ingekomen ter griffie op 1 december 2025, en

- de beslissing van de rechter (aantekening mondeling vonnis) van 1 december 2025.

2 Het wrakingsverzoek

2.1.

Het verzoek strekt tot wraking van de rechter in de zaak met parketnummer

96-397510-24 (hierna: de hoofdzaak). De hoofdzaak is behandeld op een zitting van de rechter op 1 december 2025. Na de behandeling heeft de rechter direct mondeling uitspraak gedaan. Na de uitspraak heeft verzoeker nog diezelfde dag de rechter gewraakt.

3 De beoordeling

3.1.

Het verzoek is gedaan nadat de rechter in de hoofdzaak einduitspraak heeft gedaan. De wet voorziet echter niet in de mogelijkheid van wraking nadat einduitspraak is gedaan in de zaak van verzoeker. Om die reden kan verzoeker niet in het wrakingsverzoek worden ontvangen. Voor een behandeling van het verzoek ter terechtzitting bestaat geen reden. Het in de wet opgenomen recht op een mondelinge behandeling is door de wetgever bedoeld voor het debat over de gegrondheid van het verzoek, maar aan dat debat wordt gezien het vorenstaande niet toegekomen.

4 De beslissing

De wrakingskamer:

4.1.

verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het wrakingsverzoek;

4.2.

beveelt dat (een afschrift van) deze beslissing met inachtneming van het bepaalde bij artikel 515, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegezonden aan:

 de verzoeker;

 de officier van justitie;

 de rechter.

Deze beslissing is gegeven door mrs. A.M.A. Keulen, S.M. Westerhuis-Evers en E.E. Schotte, in tegenwoordigheid van de griffier mr. M.L. van Nooijen-Kühler en in het openbaar uitgesproken op 10 december 2025.

de griffier de voorzitter

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.